Bouwbedrijven neergezet als minne zakkenrollers

,,Jongens, wees eerlijk tegen ons.'' Een oproep van staatssecretaris van Financiën Joop Wijn (CDA) aan de Nederlandse bouwers. Die zitten de fiscus dwars. Ze gooien cruciale financiële documenten in de papierversnipperaar en houden hun schaduwboekhouding voor de fiscus verborgen. Wijn vergeleek zich vorige week in de Tweede Kamer met een winkelier die in zijn supermarkt omroept: `Er zijn zakkenrollers in de winkel, zouden zij zich willen melden bij de bedrijfsleiding?'

De bouwwereld kent schaduwboekhoudingen. Daarin zijn illegale prijsafspraken tussen bouwbedrijven minutieus uitgewerkt. Een klokkenluider bracht er één aan het licht, de parlementaire bouwenquête maakte duidelijk dat er honderden zijn. Sindsdien azen tal van overheidsinstanties op deze documenten. Voorop loopt de Nederlandse Mededingingsautoriteit (NMa) die dergelijke verboden prijsafspraken opspoort en bestraft.

Daarvoor moet de NMa die stukken eerst boven water krijgen. Dat is nog niet zo makkelijk als de betrokken bedrijven tegenwerken. De overheid heeft de strooppot ingezet om de bouwers over de streep te trekken: een clemente behandeling bij vrijwillige melding en de belofte dat de stukken geheim blijven, ook voor andere overheidsinstanties.

Er staat ook een stok achter de deur. Wie niet meewerkt, zet toekomstige overheidsopdrachten op het spel. Dat hielp. 473 bouwbedrijven leverden hun schaduwadministratie bij de NMa in.

Ook de fiscus is in die schaduwboekhoudingen geïnteresseerd. Het openbaar ministerie (OM) speelde er dertig door naar de belastingdienst. Sinds bij de NMa de speciale clementieregeling met geheimhouding geldt, heeft de fiscus er niet één meer gekregen. Het OM verwijst naar de NMa.

Daar heeft de belastinginspecteur zich gemeld met de Algemene Wet inzake Rijksbelastingen (AWR) in de hand. Die bepaalt dat elke rijksoverheidsinstantie de belastinginspecteur alle informatie moet geven waar hij om vraagt.

Directeur-generaal Pieter Kalbfleisch van de NMa wijst de fiscus de deur met een andere wet in de hand. De Mededingingswet schrijft hem voor alle ingeleverde boekhoudingen die in zijn kluis liggen, geheim te houden. Beide wetteksten botsen. Dat levert een patstelling op waar ook het kabinet niet uitkomt. Waarom wil staatssecretaris Wijn die schaduwboekhoudingen eigenlijk hebben? Inmiddels ergert de bouwwereld zich mateloos aan de gedrevenheid waarmee de fiscus zich op de sector stort. Al in april heeft de voorzitter van de belangenorganisatie AVBB, Eelco Brinkman zijn irritatie over het optreden van de fiscus gelucht.

De schaduwboekhoudingen waren nodig om opdrachtgevers een rad voor de ogen te draaien, niet om de fiscus een hak te zetten. De illegale prijsafspraken werden met gesloten beurzen afgewikkeld. Als er al eens contant werd uitbetaald, gebeurde dat `wit'. Dus een valse factuur met het juiste bedrag. De fiscus komt al met al niets tekort en moet niet met zijn lange neus overal in willen snuffelen.

Dat geeft onrust en juridisch ongemak, aldus woordvoerder Paul Wouters van het AVBB. Hij weet trouwens zeker dat er wel degelijk bedrijven zijn die de belastingdienst volledige opening van zaken geven. De rest heeft zo z'n redenen dat niet te doen. Er moet nu een streep onder het verleden worden gezet omdat de sector schoon schip heeft gemaakt. Staatssecretaris Wijn gelooft niet in die mooie woorden. ,,Er zijn zeer weinig aanwijzingen dat de bouwbranche schoon schip wil maken'', aldus de staatssecretaris in de Tweede Kamer. ,,Wij moeten niet alle bedrijven over één kam scheren, maar ik kan wel zeggen dat veel administraties zijn vernietigd.'' De fiscus ziet, anders dan de bouwers, wel een direct belang in het bestuderen van de schaduwboekhoudingen. Wijn legt dat uit: ,,Er kan informatie staan over zwarte kassen, het wegboeken van winsten, geldstromen van en naar het buitenland, informatie over afkoopsommen die betaald zijn aan mede-inschrijvers die geen klus hebben gekregen, schuiven met winst tussen binnen- en buitenland en aanwijzingen voor steekpenningen en corruptie.'' Reden genoeg om de bij de NMa gedeponeerde administraties op te vragen.

In juni sympathiseerde de Tweede Kamer nog met Wijn. Als ondersteuning voor zijn bewindsman kwam het CDA met een motie waar de hele Kamer achter stond. Heeft dat inderdaad nog wat geholpen, wilde Marijke Vos (SP) vorige week van de staatssecretaris weten. ,,In alle eerlijkheid moet ik daar met `niets' op antwoorden'', was de toch wat onthutsende reactie van de bewindsman.

De patstelling heeft in de politiek de vorm gekregen van een juridisch meningsverschil tussen staatssecretaris Wijn en de met de NMa verbonden minister Brinkhorst (D66). Welke wetsbepaling gaat er juridisch vóór, de informatieplicht van de AWR of de geheimhoudingsplicht van de Mededingingswet? Maatschappelijk speelt een fundamentele vraag: hoe ver reikt de macht van de fiscus?

Omdat het kabinet er in de afgelopen maanden niet uitkwam, heeft minister Brinkhorst het probleem voorgelegd aan de Raad van State. Voorlopig gaat er geen snipper informatie van de NMa naar de fiscus. Dat was de eerste tegenslag voor Wijn. De tweede is dat bij het CDA en de VVD het initiatief van de fiscale specialisten (voorstanders van informatie-uitwisseling) is overgenomen door bouwspecialisten (voorstanders van geheimhouding). D66 gaat, nu de zaak zo hoog oploopt, pal achter zijn eigen minister van Economische Zaken staan.

Joop Wijn moet het nu hebben van de linkse oppositiepartijen. Die steunen de staatssecretaris met moties die de regeringspartijen hebben afgestemd. De Haagse politiek kent vreemde wendingen en Wijn wenst zich vast en zeker andere vrienden waar hij zich politiek beter bij thuis voelt. Nu komt het aan op de Raad van State. Diens advies ligt nog deze maand bij de Tweede Kamer.