`Bij moord valt niets te verzoenen'

Achmat Dangor heeft met `Bitter Fruit' een eigentijdse, stadse roman geschreven. Hij stelt daarin taboes als aids en incest aan de orde. ,,Want als schrijver moet je de zwakheden van je land durven zien.''

De Zuid-Afrikaanse schrijver Achmat Dangor is een gelukkig man. Hij heeft een nieuwe baan in Genève als hoofd en communicatie van UNAIDS, het Aids-programma van de Verenigde Naties. Daarnaast is een roman van hem genomineerd voor de Booker Prize – een boek dat drie jaar al geleden al in Zuid-Afrika is verschenen. Een aangename verrassing voor Dangor, die daar volstrekt niet op gerekend had, omdat vorig jaar ook al een Zuid-Afrikaan, Damon Galgut, bij de laatste zes genomineerden zat.

,,Bitter Fruit heeft niets pastoraals, maar is een eigentijdse, stadse roman'', aldus Dangor tijdens een gesprek in Kaapstad, dat later per e-mail wordt voortgezet. ,,In Europa en Noord-Amerika willen uitgevers nog steeds het liefst dat Zuid-Afrikaanse schrijvers het romantische Afrika uit het verleden recreëren, het Afrika van de vredige dorpjes en de weidse savannen, de brullende leeuw en de wijze oude man. De personages in Bitter Fruit daarentegen zijn juist complex en hard. Ik beschouw mijn uitverkiezing dan ook als een overwinning voor een moeilijk boek. En dat in een tijd dat men alleen feel good-boeken lijkt te willen lezen. Mijn roman gaat over onderwerpen waar mensen liever niet mee te maken hebben: verkrachting, incest en moord.'' En dat zijn bittere vruchten van de apartheid.

Verkrachting

Bitter Fruit draait om de ingewikkelde relatie tussen vergeven en vergeten; verzoening en identiteit. Lydia moet leren omgaan met de mannen die bepalend zijn in haar leven: haar echtgenoot Silas, Du Bois, de blanke agent die haar verkrachtte, en haar zoon Michael die de belichaming is van deze verkrachting. Allen reageren verschillend op het verleden. Silas is betrokken bij de Waarheids- en Verzoeningscommssie en denkt dat veel zal worden opgelost wanneer de verhalen publiek worden, terwijl Du Bois zijn daden heeft verdrongen en voor het veilige vergeten kiest.

Lydia en Michael – de eigenlijke hoofdpersonen – geloven in het geheel niet in de Waarheidscommissie en zinnen op wraak. Wanneer Silas aan Lydia vertelt dat hij haar verkrachter heeft gezien, vraagt ze hem of hij niet heeft overwogen hem te vermoorden. Ze is de woorden waarmee Du Bois haar had omschreven (`nice wild half-kaffir cunt, a lekker wilde Boesman poes') niet vergeten, laat staan dat ze kan vergeven. Ook Michael besluit dat hij niet tevreden is met een theoretische rechtvaardigheid en hij vermoordt uiteindelijk zijn biologische vader.

Het is een opmerkelijk donkere visie op de algemeen bejubelde Waarheidscommissie, maar volgens Dangor is het ook de realiteit. ,,Lydia's afwijzing van de commissie is puur persoonlijk. Alleen zij kan het verleden een plek in haar bestaan geven. De commissie kan het alleen maar verergeren door van haar pijn en angst een openbare voorstelling te maken. Ik denk dat veel mensen die trauma's opliepen tijdens de apartheid, niet voor de commissie wilden verschijnen. Ik trouwens ook niet. En wat ik heb meegemaakt is nog weinig, ik ben niet gemarteld, maar ik kan u wel zeggen dat mijn psychische ervaringen pijnlijk en verontrustend waren. Ik zou nooit willen dat ze publiek werden en ik zou al helemaal geen legitimiteit willen geven aan een proces waaraan ik geen geloof hecht.

,,Toen de Waarheidscommissie met haar werk begon, hadden we ons moeten realiseren dat er beperkingen waren: de enig denkbare verzoening is politiek. Nelson Mandela en De Klerk begonnen ermee, en dat kan. Maar het werkt niet voor mensen die iets onomkeerbaars hebben meegemaakt. Als je in elkaar bent geslagen, kun je herstellen van een blauw oog. Maar er zijn drie zaken die niet ongedaan gemaakt kunnen worden: verkrachting, moord en kindermishandeling.

,,Michael en zijn moeder laten in mijn boek zien dat het idee achter de Waarheidscommissie, die zowel in Zuid-Afrika als daarbuiten werd beschouwd als de ultieme culminatie van onze bevrijding, onjuist is. Sterker nog: dat het idee op een misverstand berust, zeker in een patriarchale maatschappij als de onze, waar veel mannen hun vrouw nog als eigendom zien. Misschien is het algemeen mannelijk, maar het geldt zeker voor Zuid-Afrika: als een vrouw wordt verkracht, is de schaamte voor de man groot. Zijn mannelijkheid is geschaad en hij vergeet daarbij bijna dat niet hij maar de vrouw pijn heeft geleden. Het was indertijd een veelgebruikt middel om mannen te laten praten: het dreigement de echtgenote te verkrachten.''

Dangor was in het begin van de jaren zeventig betrokken bij `Black Thoughts', een groep die het zwarte bewustzijn via literatuur, muziek en theater wilde verspreiden. In 1973 werd hij voor dertien jaar verbannen. Na een langdurig publicatieverbod verscheen in 1990 een roman over de noodtoestand: De Z-Town trilogie. Een jaar daarvoor waren gedichten van hem gebundeld in Bulldozer, maar het was niet gemakkelijk om voor zijn poëzie een uitgever te vinden: van een kleurling werden protestgedichten verwacht, terwijl in zijn bundel juist het persoonlijke en het spel met de taal voorop staan.

Zijn internationale doorbraak kwam met het alom gewaardeerde boek Kafka's vloek. In deze roman transformeert een islamitische Indiër tot jood. Dat blijkt maatschappelijke voordelen te hebben, maar ook emotionele gevolgen, en daaraan zal hij uiteindelijk bezwijken. In het nog intrigerender Bitter Fruit speelt de identiteitskwestie eveneens een grote rol. Na de moord op zijn fysieke vader gaat Michael op zoek naar een geestelijk vader die hij, als kleurling, vindt in de moslimgemeenschap. ,,In een eerdere versie liet ik Michael naar een commune in Afghanistan vluchten, maar door 11 september werd dit gegeven door de werkelijkheid ingehaald. Ik laat hem nu naar India vertrekken – naar het dorp waar mijn grootvader vandaan komt, maar dat hij ook moest ontvluchten nadat hij wraak had genomen op een Engelse militair die zijn zuster had verkracht. Misschien werk ik het verhaal van Michael ooit nog verder uit.''

Bagage

Eerst schrijft Dangor verder aan zijn roman over een Zuid-Afrikaan die uit Johannesburg naar New York is vertrokken: ,,Dat wordt het verhaal van een man die wil leren accepteren wie hij is. Maar in zijn poging een nieuwe positie in de wereld te vinden, merkt hij dat hij zowel zijn emotionele bagage als de hiv-besmetting niet in Zuid-Afrika kan achterlaten.''

Voor een zo sterk geëngageerd auteur als Dangor moet het lastig zijn niet in het land zelf te wonen, maar in Genève en New York. Toch is het onjuist hem te zien als de buitenstaander, zoals zijn romanpersonages: ,,Ik ben weliswaar in een arm Afrikaans deel van Johannesburg opgegroeid en in Bitter Fruit heb ik behalve die persoonlijke ervaringen ook het verhaal van mijn grootvader verwerkt, maar uiteindelijk gaat het om een groter geheel. Op seksualiteit, aids en incest rust in Zuid-Afrika een groot taboe, maar toch zijn dát de onderwerpen die ik aan de orde wil stellen. We moeten aanvaarden wie we zijn, dat is niet te veranderen. Maar wát we zijn, daarmee moeten we leren omgaan.

,,Er is nog steeds een obsessie met ras, hoewel die wel aan het afnemen is. Ik voorzie dat er meer gangbare problemen zullen opduiken – problemen die direct gelieerd zijn aan de verandering van de identiteit van ons land. In plaats van ras zal klasse bepalend worden. Zover is het nog niet, maar je ziet ons land wel steeds kosmopolitischer worden. Als schrijver moet je de zwakheden van je land durven zien. Mijn persoonlijke afkomst is daarom ook niet belangrijk; iedereen heeft wel een fascinerende geschiedenis voor zichzelf te ontdekken, uiteindelijk zal die niet de drijvende kracht voor literatuur zijn.''

Achmat Dangor: Bitter Fruit. Atlantic Books, 256 blz. €15,95