Met de tiet boven water

In het Letterkundig Museum in Den Haag opent vandaag een tentoonstelling van de pin-upverzameling van de schrijver Louis Paul Boon.

Louis Paul Boon was al vier jaar weg bij dagblad Vooruit, maar nog vertelde hij vol vuur over de panelen aan de muur van zijn voormalige werkkamer waarin precies een jaargang Playboy-centerfolds paste. ,,Mijn baas was een brave, fatsoenlijke man. Een keer zei hij: Louis, zou ge dat nou niet weg doen?'' Boon liet ze hangen, want bezoekers namen er naar zijn overtuiging geen aanstoot aan: ,,Het was gewoon aan mij verbonden. Maar er zullen d'r vast wel eens gedacht hebben: Zo'n sociaal bewogen schrijver, wat moet die toch met die pin-ups!''

Najaar 1976, een boerenhuis bij het Vlaamse Erembodegem. Naast de achterdeur een jachtgeweer. Voor het geval een vreemdeling het erf betrad, lichtte Louis Paul Boon grijnzend toe. Zijn vrouw Jeanneke serveerde thee in de bibliotheek. Boon stond op om iets halen uit zijn atelier. We keken door het raam naar de kleine man die het erf overstak, zijn adem met zich mee wolkend in de koude lucht. Het ging hem naar omstandigheden goed, berustte Jeanneke Boon: ,,Lowieke drinkt de whisky weer uit een glas. Zet hij de fles aan de mond, dan is het fout.''

Boon keerde terug met een plastiek. Trots toonde hij een zittend naakt meisje met een touwerige haardos. We spraken over zijn jongste beeldend werk. Daarna pakte hij ongeduldig de envelop die zijn uitgever mij had meegegeven. Later bracht hij de envelop naar een manshoge, metersbrede kast, waarin genummerde kartonnen mapjes stonden: de `Fenomenale Feminateek'. Hier rangschikte de schrijver de ongeveer 200.000 erotische foto's die hij sinds 1954 verzamelde. Het begon met filmsterren, winnaressen van schoonheidwedstrijden en pornografie van rond 1900.

Zijn belangstelling was vooral historisch gericht, vertelde hij: ,,Mijn vrouw zegt wel eens dat ik op mijn naamkaartje het beste `Letterkundige/Seksuoloog' kan vermelden. Ik vind het plezant. Het is een hobby, net als van iemand die postzegels of pijpen verzamelt.''

Voor zijn kast legde Louis Paul Boon toegewijd uit hoe hij de verzameling zorgvuldig had georganiseerd, met een met de mapjes corresponderende `Catalogus'. Daarin stonden hoofdstukken als `De uitnodigende vrouw', `Het naakt verovert de straat', `Bizarre kledij en gesluierd naakt' of `Ontbloten en versieren der tieten'. Hieronder vielen vaak weer subrubrieken als: `Losmaken van de kous', `Naakt aan het vensterraam' of `Met de tiet boven water'.

,,Ontvang ik nu een foto van een vrouw die haar hand naar haar borst brengt'', zette Boon uiteen, ,,dan maak ik daar een speciale afdeling van. Als ik er dan vijftig van heb, geeft het aan wat ik wil aantonen. De panty heeft weer een heel nieuwe afdeling gebracht. Wat ik ook heel graag zie zijn die oude Franse postkaarten uit de vorige eeuw. Daar wordt ge zo weemoedig van.''

Hij ging er prat op vrijwel alle foto's van Marilyn Monroe te bezitten, studiemateriaal voor de `universele filmster' Beauty Kitt in zijn roman De Paradijsvogel. Elke avond, vertelde Boon, als anderen televisie keken, werkte hij zijn Feminateek bij. ,,Dat is mijn dagsluiting. Ik maak mijzelf wijs dat dit wetenschappelijk werk is. Ik tracht alle aspecten na te gaan waarin of waarbij men in onze wereld de vrouw als `lustobject' ziet. Zelf heb ik daar geen deel aan. Ik ben als een seismograaf die aardbevingen registreert.''

Zoals E.H. Radmandoe in De Paradijsvogel hoopte Boon zijn studie nog eens te voltooien en aan de verzameling een serie `essays over het naakt' te verbinden. Hij liet wel een hoeveelheid bij zijn Feminateek behorende korte teksten na. Deze verschenen, inclusief de Catalogus en een greep uit de fotocollectie, onlangs in druk. Het Letterkundig Museum stelt de komende vier weken driehonderd foto's uit de Fenomenale Feminateek tentoon.

,,Ik denk dat mijn verzameling later van belang zal zijn'', zei hij. ,,Pornografie heeft in de loop der jaren een evolutie meegemaakt: wat mocht er niet, en wat wel.'' Nadat het verbod op pornografie was opgeheven, beweerde Boon stellig, zou de belangstelling ervoor wel weer wegebben. ,,Ik denk dat men het beu is. In Zweden wordt er al ontzettend veel minder van verkocht. Daar mocht alles, het ging de vulgaire kant op. Als ge nu foto's in Playboy of Penthouse ziet, getuigt dat van kunstzin. Mooie kleurschakeringen en belichting. Daar komen er steeds meer van, die niet zo plat en gemeen zijn.'' Louis Paul Boon mocht zijn onschuld tot zijn dood in 1979 bewaren.

Louis Paul Boon: Fenomenale Feminateek, Meulenhoff/Manteau, €24,95

Letterkundig Museum, Den Haag: De Fenomenale Feminateek, t/m 14 nov.