Grof homoblad

Scholen hoeven niet te capituleren voor het grove taalgebruik van sommige scholieren. Integendeel, onderwijsinstellingen horen bij uitstek het goede voorbeeld te geven aan leerlingen door passend woordgebruik. Vandaar dat scholen geen enkele verplichting hebben om onder leerlingen een publicatie met daarin grof taalgebruik te verspreiden – ook al is dat bedoeld als scherts.Toch zien veel Kamerleden de bereidheid tot het verspreiden van een door de overheid gesubidieerde aflevering van het COC-homojongerenblad Expreszo als lakmoesproef voor homovriendelijkheid.

In dit blad staan onder de vlag van ironie vulgaire uitdrukkingen, etnische scheldwoorden en testvragen over seks met een geit en over masturbatie door premier Balkenende. Behalve dat de overheid haar eigen premier niet hoort te ridiculiseren is het juist het gebezigde taalgebruik dat bijdraagt aan de intimiderende sfeer en grofheid tegenover homo's in sommige scholen. Bovendien doet het blad een stereotype ontstaan dat homoseksualiteit met grofheid heeft te maken. Elke scholier begrijpt dat gesubsidieerde instanties zijn grofheden niet horen over te nemen. Sterker nog, een leraar of ambtenaar die daaraan probeert mee te doen, maakt zich belachelijk.

Het is op zijn zachtst gezegd merkwaardig dat de overheid en Kamerleden een tijdschrift met vulgair woordgebruik willen opleggen aan scholen. De ironie zal aan veel scholieren voorbijgaan. Het roept de vraag op in welke wereld het ministerie van onderwijs leeft. Normen en waarden spelen daar kennelijk geen rol. Het opdringen van een publicatie aan alle scholen staat ook op gespannen voet met de vrijheid van onderwijs. Scholen moeten zelf weten hoe ze homodiscriminatie bestrijden, maar ze horen wel te worden afgerekend op het resultaat.

Met een tijdschrift dat op terechte gronden kan worden geweigerd, wordt het scholen erg gemakkelijk gemaakt onder de verplichting tot bescherming van homoseksuelen uit te komen. Het gaat om een belangrijke zaak: de homohaat neemt toe. Te vaak nemen homoseksuele leraren ontslag wegens een vijandig klimaat op school. Het lesgeven werd hun dan door de leerlingenonmogelijk gemaakt. De maatregelen tegen homohaat en discriminatie zijn meestal vrijblijvend. Het is leerlingen vaak niet duidelijk wat de normen zijn, omdat ze niet worden gehandhaafd. Wat zich in de hoofden van de leerlingen afspeelt kan niet worden veranderd, maar ze kunnen wel worden aangesproken op hun gedrag. Op school en in de klas horen leerlingen niet grof in de mond te zijn en ze horen zeker geen homoseksuelen te pesten of aan te vallen.

Het helpt niet discriminatie van homoseksuelen onder de pet te houden. De onderwijsinspectie heeft al een vertrouwensinspecteur voor gevallen van seksuele intimidatie. Het is wenselijk na registratie van een bepaald aantal gevallen van discriminatie tegen homo's in de openbare inspectierapporten melding te maken van een homovijandig klimaat op bepaalde scholen. En in plaats van het opdringen van invectieven kan het COC scholen met een homovijandig klimaat in de beklaagdenbank zetten.