Techniek heeft sport veel te bieden

PSV-voetballers die aan de computer zijn gekoppeld – een voorbeeld van technologie in de sport. Volgens TNO-directeur Jan Mengelers hebben sport en techniek elkaar veel te bieden.

De voetballers van PSV hebben deze maand een nieuwe dimensie aan hun trainingen toegevoegd. De club uit Eindhoven heeft de beschikking over een door het natuurwetenschappelijk onderzoeksinstituut TNO ontwikkeld systeem waarmee positie, snelheid en versnelling van de spelers gemeten kunnen worden. Via computerbeelden kan zelfs het positiespel driedimensionaal worden getoond, zodat trainer Guus Hiddink de spelers exact kan laten zien wat er goed en fout is gegaan.

Het is een nieuwe, opmerkelijke stap in de voortschrijdende symbiose tussen sport en technologie, waarover gisteren in het stadion van PSV een druk bezocht congres werd gehouden. Tijdens een demonstratietraining, die PSV voor de congresgangers op het hoofdveld hield, werden de hesjes getoond waarin de sensoren zijn verwerkt die de benodigde informatie van de spelers naar het instrumentarium doorseinen.

Op het trainingscomplex De Herdgang van PSV zijn voor het doorgeven van de signalen bakens geplaatst. Via speciale software kunnen alle gegevens direct na afloop van de training worden gevisualiseerd. Als Hiddink dat zou willen, is het zelfs mogelijk met een kleine handcomputer zijn spelers op het veld te laten zien waarom ze niet goed verdedigen of niet goed staan opgesteld. Waar de kracht van het woord dan tekortschiet, helpt de techniek een handje, omdat de trainer zijn aanwijzingen kan staven met beelden.

Voor TNO-directeur ir. Jan Mengelers betekent de aan een computer gekoppelde trainingsmethode bij PSV niet alleen een doorbraak in de als conservatief te boek staande voetbalwereld, maar vooral een bewijs dat sport en techniek elkaar veel te bieden hebben. Daar was hij al lange tijd van overtuigd, maar de sport werd in wetenschappelijk kringen zijns inziens onvoldoende aangemerkt als een zelfstandig domein voor innovatieve ontwikkelingen. ,,Maar ik zie er een markt in'', zegt Mengelers. ,,Vooral omdat naar mijn stellige mening technologische vernieuwingen binnen de sport als een opstappunt voor verdere toepassingen in de samenleving kunnen dienen.''

En Mengelers heeft het niet bij woorden alleen gelaten. Vooral door zijn toedoen kwam er drie jaar geleden de afdeling TNO Sport, waar inmiddels veel sporters van hebben geprofiteerd. TNO was in de aanloop naar de Olympische Spelen in Athene bijvoorbeeld betrokken bij het warmteproject Beat the Heat van sportkoepel NOC*NSF. En de instelling heeft wielrenster Leontien van Moorsel bijgestaan bij de voorbereiding op haar aanval op het werelduurrecord in Mexico; ze testte uitgebreid in de windtunnel van TNO.

Verder is TNO door zeiler Roy Heiner betrokken bij zijn voorbereiding op de Volvo Ocean Race. Schaatsers werken met speciaal door TNO ontwikkelde snelheidsmeters en in samenwerking met de kunstvezelfirma Ten Cate Nijverdal loopt een project naar de ontwikkeling van voetbalvelden van kunstgras. Mengelers: ,,De voetballers willen er nog niet aan, maar op termijn zal geen club meer onder kunstgras uit kunnen.'' Hij vindt het onbegrijpelijk dat voetbalinstanties zo weinig gebruik maken van technische hulpmiddelen. De TNO-directeur: ,,Het is bijvoorbeeld relatief simpel een systeem te ontwikkelen om buitenspel vast te stellen.''

Hoe doelmatig technologische hulp ook kan zijn, uiteindelijk zal de sporter het zelf moeten doen. Die wijze woorden sprak op het congres Theo Bos, de baanwielrenner die bij de Spelen in Athene zilver won op de sprint. ,,Je moet eerst fysiek in orde zijn en zoals in mijn geval over `goede benen' beschikken, pas daarna kan de techniek het verschil maken'', zei hij.

Waarbij de renner wel aangaf dat zijn concurrenten op het gebied van materiaal vaak een voorsprong hebben door ruimere financiële middelen in andere landen. Bos zei wel eens jaloers te zijn op bijvoorbeeld de Britten, die flink investeren in de ontwikkeling van fietsmodellen. Zo'n cultuur mist Bos in Nederland. Hij reed in Athene dan ook op een fiets van Australische makelij, hetzelfde materiaal als de Australiër Ryan Bailey die de gouden medaille voor hem wegkaapte.

Geïnnoveerd materiaal stemt de gebruikers niet altijd tevreden. Langeafstandsloper Kamiel Maase was ontevreden over het koelvest dat bij de Spelen moest voorkomen dat de `kerntemperatuur' van zijn lichaam tussen warming-up en start te hoog opliep. In de praktijk duurde de koeltijd te lang om effectief te kunnen zijn. En er is het voorbeeld van het door TNO ontwikkelde triatlonpedaal waarmee het wisselen van schoenen overbodig zou worden gemaakt. Het uiteindelijk resultaat bleek te zwaar voor toepassing, zodat de triatleten nog steeds wachten op een uitvinding om bij verandering van discipline tijdverlies te voorkomen.

De eeuwige handicap bij alle mooie plannen is het gebrek aan financiële middelen. Zo lang dat het geval is, blijft het volgens Mengelers een kwestie van slim en handig opereren en combinaties maken met het bedrijfsleven. En verder met partners goede werkafspraken maken. Het ideaal van Mengelers is om alle de werkterreinen van onderzoeksinstellingen dermate te verdelen, dat er voor de sport in Nederland één technologisch netwerk ontstaat.