`Jeugd betaalt drie keer'

De pensioenregelingen redden het niet in de vergrijzing. Econoom Teulings tegen de schijnwereld van beloftes en groeiende spanning.

Hoog water, opspattend schuim dreigt de dijk over te gaan, en daarachter een weidse groene polder. Econoom Coen Teulings, directeur van onderzoeksbureau SEO en hoogleraar economie aan de Universiteit van Amsterdam geeft met zijn handen de hoogteverschillen aan.

Zandzakken op de dijk?! ,,Dijkverhoging helpt wel tegen stijgend zeewater, maar niet tegen een volgende beurskrach, die de waarde van de beleggingen van de pensioenfondsen aantast'', analyseert Teulings. Water trekt zich wel weer terug, maar de beurskoers van gisteren zegt niets over de koers van vandaag. Een beurskrach kan elke dag optreden.

De polder huisvest een vergrijzende bevolking, die dacht dat zij veilig was achter een muur van meer dan 500 miljard euro pensioengeld. Toen kwam de beurskrach, de lage rente, de rendementen op pensioengeld verdampten, de pensioenpremies explodeerden, de prijscompensatie bij pensioenen stond opeens op losse schroeven. Toezichthouder PVK spoorde de pensioenfondsen aan tot hogere dijken: meer buffers tegen de volgende beurskrach.

,,Maar buffers lossen de onzekerheid niet op'', zegt Teulings, die vanmiddag het Nationaal Pensioendebat toespreekt. Hij propageert een dwars idee, waar de pensioenwereld van griezelt: pensioen per generatie. Iedereen in één geboortejaar zijn `pensioenfonds'.

,,De jongeren van nu betalen drie keer. Zij betalen dankzij de verhoogde premies mee aan de extra buffers. Zij betalen voor de geleden verliezen op de beurs. En zij betalen voor hun eigen pensioen.'' Het Centraal Planbureau becijferde vorig jaar het nationale pensioentekort op ruim 150 miljard euro, rekening houdend met loon- en prijsstijgingen.

Vroeger was er rek om de problemen naar de toekomst te verschuiven, maar nu de naoorlogse geboortegolf weldra met pensioen gaat is die rek eruit, zegt Teulings. Nooit hadden de rechters het zo druk met rechtszaken van gepensioneerden om hun pensioen.

,,Tussen generaties bestaan grote spanningen, waartegen ons huidige pensioensysteem niet goed bestand is'', denkt Teulings. Steeds meer ouderen zijn straks voor hun inkomen afhankelijk van pensioen, een dalend aantal jongeren heeft tegenovergestelde belangen: lage premies. De tegengestelde belangen werken door in politieke machtsverhoudingen. ,,Grijs wordt getalsmatig steeds sterker, groen steeds zwakker.'' Bovendien: jongeren houden zich niet met pensioen bezig, zitten niet in de besluitvorming, maar voor ouderen is pensioen alles.

De belangen van ouderen, jongeren, werknemers en werkgevers zijn nu de inzet van beslissingen van de besturen van pensioenfondsen. De vraag: van wie is al dat pensioengeld eigenlijk, en wie draait op voor tekorten en ontvangt de overschotten, is nooit eenduidig beantwoord. Het is een schijnwereld, zegt Teulings, met beloftes over pensioenen die hun koopkracht behouden, tot de dijk doorbreekt, zoals in 2001 en 2002, dan zijn alle zekerheden van tafel. ,,En dan begint de schijnwereld opnieuw.'' Ook accountants hebben de onduidelijkheid inmiddels ontdekt en zadelen in nieuwe boekhoudregels de werkgevers op met extra pensioenlasten.

Tegenover de onzekerheid van het eigendom van pensioen, zet Teulings het afgebakende belang van een generatie. ,,Dat geeft zekerheid dat een andere generatie er niet met het pensioengeld vandoor gaat. Voor alle generaties geldt: pensioenen blijven alleen betaalbaar door ook in aandelen te beleggen. Dat geeft extra risico's, maar op lange termijn ook extra rendement.'' Ouderen willen echter minder risico's en het pensioenfonds moet voor hen minder in aandelen beleggen. Jongeren hebben arbeid en kennis (menselijk kapitaal) in overvloed en kunnen risico's nemen met hun financiële kapitaal, zoals hun pensioengeld. Elke generatie houdt zijn winst op aandelen, zonder dat een werkgever dat kan gebruiken voor premieverlagingen, zoals in de jaren negentig. Maar de verdeling van risico's moet beter vastgelegd worden: daalt de beurs, dan verminderen de pensioenaanspraken.''

Tegenover risico's moet volgen hem wel flexibiliteit staan. Werknemers moeten accepteren dat hun pensioen geen vaste uitkomst heeft, zoals zij nu denken af te spreken met werkgevers. Alles hangt af van de beleggingsuitkomsten. Praktisch gesproken is dat nu al zo, zegt Teulings. Maar de afspraak ligt niet duidelijk op tafel.

De duidelijkheid is nodig om het pensioenstelsel geloofwaardig te houden. Nu vertrouwt de pensioenwereld op stijgende premies om tekorten aan te vullen, en hoopt zij op beursherstel om zichzelf uit de pensioencrisis op te tillen. Teulings schudt zijn hoofd. ,,Als de AEX-beursgraadmeter (nu: 330; red.) naar 700 springt, is er geen probleem, maar dat lijkt niet waarschijnlijk. Als dat niet gebeurt betekent elk jaar om de hete brij heendraaien dat weer een generatie minder kan bijdragen aan de oplossing van het probleem. Met een dalend aantal werknemers in de vergrijzingsperiode moeten de premiestijgingen daardoor steeds extremer worden. Vroeg of laat zullen jongeren die rekening niet meer willen betalen, en dan stort het systeem in.''