Eerlijk en extreem

Voor veel Italianen is het geen verrassing dat Rocco Buttiglione (56), kandidaat-eurocommissaris voor Justitie, Veiligheid en Vrijheid, in botsing is gekomen met het Europees Parlement. De hoogleraar politieke filosofie staat bekend als een uiterst ambitieuze, zeer orthodoxe katholiek met ferme standpunten en bovenmatig zelfvertrouwen.

Gian Antonio Stella, die Buttiglione voor de krant Corriere della Sera al jaren volgt, zegt dat Buttiglione er de man niet naar is om vanwege politieke opportuniteit zijn meningen af te zwakken. ,,Buttiglione komt altijd uit voor wat hij vindt. Hij is erg eerlijk geweest tijdens de hoorzitting in de parlementscommissie. Hij denkt gewoon echt zo, en juist daarom is hij iemand die verdeelt in plaats van samenbindt.''

Buttiglione, zoon van een politiecommissaris uit de Zuid-Italiaanse regio Apulië, is een man van vele nee's: Nee tegen scheiding; Nee tegen abortus, euthanasie en homoseksuelen, die ,,drager zijn van een morele gestoordheid''; Nee tegen condooms, modernisme, moreel relativisme. En nee tegen openbare scholen zonder kruisbeelden.

Zijn felste tegenstanders noemen Buttiglione geen kandidaat-eurocommissaris van Italië, maar namens het Vaticaan. Lange tijd al wordt Buttiglione beschouwd als de politieke rechterhand van paus Johannes Paulus II. Maar de paus waakt er voor het idee te voeden dat Buttiglione zijn verlengde arm in de Italiaanse politiek is.

Zijn ambities lichtte hij toe toen hij parlementariër werd in 1994. ,,Ik ben de politiek in gegaan om te commanderen en binnen drie jaar wil ik dat doen.'' Om dat te bereiken wisselde hij dikwijls van politiek kamp. In 1994 steunde hij de motie van wantrouwen die het eerste kabinet-Berlusconi fataal werd. In 1995 betuigde hij spijt en bood hij zijn Italiaanse Volkspartij aan voor een alliantie met Berlusconi. Zijn partijgenoten floten hem terug en zetten hem af als voorzitter, waarna Buttiglione een nieuwe partij oprichtte, de CDU. In 1998 flikflooide hij opeens met links. Hij werd nèt geen minister in het linkse kabinet van Massimo D'Alema, nadat studenten en onderwijsbonden hadden gedreigd universiteiten te blokkeren. In 2000 meldde Buttiglione zich met zijn CDU aan voor `Het Huis van de Vrijheid', de coalitie waarmee Berlusconi in 2001 de verkiezingen zou winnen. In het huidige kabinet is hij minister van Europese Zaken.

Buttiglione vindt zichzelf volstrekt consistent. ,,Niet ik, maar de Italiaanse politieke partijen houden er een slingerende koers op na.'' Een verdediging die deels hout snijdt in een land waar de grote christen-democratische partij verdween, Forza Italia zich als katholiek afficheerde, de postfascistische Alleanza Nazionale zich van Mussolini distantieerde en de communisten sociaal-democraten werden.

Buttiglione dankt zijn voor velen verrassende kandidatuur voor de Europese Commissie aan handjeklap binnen de regering. Zijn partij (die inmiddels UDC heet) dreigde met een crisis, omdat ze te weinig werd gehoord. Berlusconi kon zijn kabinet alleen redden door Buttiglione de hoge EU-post cadeau te doen. Dat ging ten koste van de alom gewaardeerde Italiaanse eurcommissaris Mario Monti (Mededinging), die graag had willen blijven.