Verblijfplaats?

Nederlandse topsporters moeten, als gevolg van de wereldwijd ingevoerde antidopingcode, binnenkort maandelijks opgeven waar zij verblijven in verband met out-of-competition dopingcontroles. Een effectief systeem?

Max van Heeswijk, Nederlandse profwielrenner in dienst van US Postal: ,,Dit gaat te ver. Wielrenners hebben een vrij leven. Nu moeten we er rekening mee houden dat we alles opschrijven. Alsof we criminelen zijn. Dopingcontroles rond een wedstrijd vind ik prima maar je hoeft je toch niet te verantwoorden voor trainingen of vakanties. Als controleurs thuis bij je langskomen en je bent er niet, hebben ze gewoon pech. Dan moeten ze later maar terugkomen. Dit is een inbreuk op onze privacy. We worden al zoveel gecontroleerd. Waar houdt het dan op?''

Jacco Verhaeren, trainer van olympisch zwemkampioen Pieter van den Hoogenband: ,,We hebben al jaren te maken met out-of-competition controles. Het opgeven van je verblijfplaats is een effectief systeem. Sporters moeten wel zeer attent zijn om goed bij te houden waar ze zijn. De locaties van trainingskampen kunnen veranderen. Dopingcontroles moeten meer centraal geregistreerd worden (het wereldantidopingbureau WADA wil het bezoek van meerdere dopingcontroleurs in korte tijd voorkomen, red.). In het verleden hadden we wel eens te maken met drie controles van verschillende instanties. Dat is een inbreuk op je trainingsritme en volle schema. Bovendien zijn meerdere controles weggegooid geld.''

Kamiel Maase, Nederlands recordhouder op de 5.000 en 10.000 meter en de marathon: ,,Het is een noodzakelijk kwaad. Op de Spelen in Athene werd duidelijk dat een behoorlijk aantal sporters hun handen niet van doping kunnen afhouden. Maar voor sporters die te goeder trouw zijn, is het invullen van formulieren een enorme belasting. Als je een vriend tegenkomt bij de supermarkt en je besluit bij hem te gaan eten, ben je niet thuis voor de dopingcontroleur. Het kan praktisch heel lastig worden als het systeem zo streng wordt en je van dag tot dag vooraf moet registreren waar je bent. Die formulieren zijn een inbreuk op je privacy, maar het was al lastig. Vervelend als een controleur aanbelt tijdens een etentje en je naar de WC moet om een plasje te plegen. Maar ik begrijp waarom het is.''

Rens van Kleij, directeur Nederlands Centrum voor Dopingvraagstukken (NeCeDo): ,,Het is een noodzakelijke schakel in de keten van het dopingbeleid. Het is een zekere inbreuk op je privacy maar dat is een dopingcontrole zelf ook. Je ontkomt er niet aan. Sporters zijn er zelf bij gebaat. Het is de prijs die je betaalt om de sport gewoon te houden. Het is overbodig om op te geven wanneer je boodschappen doet of naar de bioscoop gaat. Het gaat om de grote lijn: trainingskampen en wedstrijden. We moeten ons verre houden van een heksenjacht.''

Jos Hermens, atletenmanager: ,,Het is een effectief systeem. Goed dat de WADA onverwachte controles nu consequent doorvoert en een wereldwijde standaard gaat hanteren. Vroeger konden ze in Amerika of de voormalige Oostbloklanden maar wat aankloten, terwijl de controles in Europa heel streng waren. Doping moet de wereld uit, maar wel volgens het principe van 'gelijke monniken, gelijke kappen'. Het gaat nu echt veranderen. In de atletiek moet je ook buiten de toptwintig, die al streng wordt gecontroleerd, controles gaan houden. Het opgeven van je verblijfplaats heeft consequenties voor je privacy, maar dat hoort nu eenmaal bij topsport.''

Cor Hellingman, advocaat in dopingzaken: ,,Dit is een disproportioneel zware maatregel. Het is extreem belastend voor sporters als je constant moet opgeven waar je bent en traint. In de beschaafde wereld is het een onduldbare aantasting van je privacy. De schroef wordt weer aangedraaid en het opsporingsapparaat wordt versterkt. WADA wil een database aanleggen en brengt het alsof de sporter hiermee wordt ontlast omdat ze dan niet meer verschillende controles hoeven te ondergaan. Maar het wordt alleen maar gedaan in het belang van kostenbesparing.''