Rusteloze expat

Toen Ken Bigley (62) op 16 september met zijn twee Amerikaanse huisgenoten werd ontvoerd in Bagdad, was hij een paar weken van zijn pensioen verwijderd. Zijn plan om daarna met zijn tweede vrouw naar Thailand te verhuizen, zou de laatste keer zijn geworden dat hij een nieuwe fase begon in zijn rusteloze leven.

In de jaren '60 emigreerde Bigley met zijn eerste vrouw via Australië naar Nieuw Zeeland waar hij zich vestigde als ingenieur. Heimwee dreef hen terug naar Liverpool, zijn geboortestad, waar ze een supermarkt begonnen. Nadat zijn vrouw daar beroofd was, verhuisden ze naar het rustiger Somerset, in het zuidwesten van Engeland, waar Bigley een pub had gekocht. Daar sloeg het noodlot pas echt toe: een van hun twee zoons werd op de fiets overreden door een vrachtauto en stierf.

,,Ken moest het besluit nemen om de beademing te laten staken'', zei zijn broer Paul tegen het persbureau Reuters. Het kostte hem ook zijn huwelijk.

Op advies van broer Paul, die eerder in Libanon had gewerkt, vertrok Ken, opnieuw als ingenieur, naar het Midden-Oosten en werkte onder meer in Dubai, Oman, Bahrein, Abu Dhabi en Koeweit. Daar kwam hij zijn tweede vrouw, een Thaise, tegen. Naar Irak verhuisde hij eind vorig jaar. Tijdens zijn laatste verlof in Liverpool had zijn familie nog geprobeerd hem zijn baan te laten opgeven, omdat de situatie in Irak dramatisch verslechterde. Maar Bigley, sloeg hun raad in de wind en bleef in Bagdad rondrijden in zijn jeep, nadrukkelijk zonder beveiligers. Misschien geloofde hij geen risico te lopen omdat hij al twintig jaar ervaring had in het Midden-Oosten. Misschien ook tartte hij de dood. ,,Ik ben niet bang, je sterft maar één keer'', zei hij tegen buren in Bagdad. Advies van broer Paul wat te doen als hij zou worden gegijzeld, heeft hem niet gered. De aanstaande geboorte van zijn kleinzoon, heeft hij niet meegemaakt.