Maastricht

Het is eigenlijk een cliché te zeggen dat Maastricht zo gezellig is, maar het is wel echt waar.

Maastricht bezoeken is een soort afgezwakte versie van met vakantie gaan naar Zuid-Frankrijk. Zodra je er bent, waan je je meteen in het buitenland en heb je zin in kaasfondue en rode wijn uit een karaf. Dat de mensen er zo'n hilarisch accent hebben helpt natuurlijk flink mee aan dat buitenlandgevoel.

Architectuur is meestal niet iets wat mij heel lang kan bekoren. Je loopt langs een mooi gebouw, denkt misschien: wat een mooi gebouw, maar meer doet het ook niet. De architectuur van Maastricht doet wel meer. De hele stad lijkt namelijk in hetzelfde middeleeuwse stijltje gebouwd te zijn. Overal staan kerken en de straten zijn betegeld met authentieke keien. Het totaal geeft je het gevoel dat je een paar honderd jaar geleden over straat loopt en het is dan ook steeds even schrikken als er opeens een auto voorbij scheurt.

Een meisje dat in Maastricht op de toneelschool zit, vertelt dat zij ook wel erg gecharmeerd is van het Bourgondische gevoel dat de stad uitstraalt, maar dat ouderwetse heeft ook wel weer zijn keerzijdes: ”Het is natuurlijk erg mooi zo'n vloer met keien, maar het is wel bijzonder irritant om er overheen te fietsen. Ook heb je bijna overal eenrichtingsverkeer, en als je dan tegen de richting in fietst word je meteen van je fiets gesleurd. Dat is wel een heel andere houding dan ik gewend ben in Amsterdam.”

Gelukkig is Maastricht niet alleen maar Bourgondisch en authentiek, het heeft ook een heel moderne kant. Ik kom bijvoorbeeld een jongen tegen uit Amsterdam die speciaal naar Maastricht is gekomen om te winkelen. En als je een beetje zoekt zie je dat de stad inderdaad ook rijk is aan een heel ondergronds netwerk van gekke kledingwinkels, platenwinkels, kleine designzaakjes en hippe lunchrooms. ”Maastricht is de hipste stad van Nederland”, zegt de jongen die hier is om te winkelen ”alleen niemand weet dat dat zo is.”