Hollands dagboek

FNV-voorzitter Lodewijk de Waal (1950) genoot zondag nog na van de grote betoging tegen het kabinetsbeleid op het Museumplein in Amsterdam. Maar maandag moest hij weer aan het werk. `We horen ook informeel nog steeds niets van het kabinet.' De Waal leeft alleen en heeft twee kinderen, Daan en Hanna.

Woensdag 29 september

Zelfs de internationale pers raakt geïnteresseerd in wat er allemaal misgaat in Nederland. Zo begint deze werkdag met een interview met de Herald Tribune. De interesse is vooral gericht op de vraag hoe het nu toch komt dat onder dit kabinet het wereldberoemde poldermodel plotseling in de vernieling raakte.

Daarna begin ik aan een serie heel verschillende spreekbeurten. Eerst op de OR-dag van KPN. Ook de baas van het concern, Scheepbouwer, is aanwezig. Ik bied hem onze button `Nederland verdient beter' aan. De tekst geldt in ieder geval voor hem, maar ik geloof dat de ironie hem ontgaat.

Van Amsterdam naar Utrecht om de bondsraad van onze Horecabond toe te spreken. Gelukkig heb ik ook de gelegenheid even bij de lunch aan te zitten, om met bondsraadsleden nog eens wat door te praten over de actuele situatie.

In het Beatrix-theater in Utrecht vervolgens een heel andere, feestelijke, bijeenkomst: 750 medewerkers van de Hema vieren hier de bekroning van een tweejarige vakopleiding met een welverdiend diploma. In mijn toespraak natuurlijk felicitaties, maar ook lof voor deze manier van werkend leren, en de positieve rol die een werkgever als Hema daarin speelt. Afsluitend natuurlijk wel een oproep om op 2 oktober met ons mee te doen, gelukkig ontvangen met een enthousiast applaus.

Op een holletje naar Den Haag om nog een stukje Algemene Beschouwingen mee te maken. 's Ochtends scheen Zalm gezegd te hebben dat ik De Geus geen oplichter mag noemen. De Geus moet met respect bejegend worden, omdat hij minister is. Ik vertel journalisten, die om commentaar vragen, dat respect verdiend moet worden. En dat wie zijn afspraken niet nakomt wantrouwen zaait. Laten we het maar weer eens over de inhoud hebben van wat De Geus doet, in plaats van kletsverhalen over hoeveel respect een jokkebrok verdient.

Donderdag

Een zuur en kwaadaardig `profiel' in de Volkskrant bederft vanochtend even mijn dezer dagen zo opgetogen humeur. Fouten over mijn persoonlijk leven worden afgewisseld met getuigenverhalen van een `strijdmakker' waar ik nauwelijks mee samengewerkt heb. Ik zou ook ooit met De Geus `schouder aan schouder' hebben gestreden. Maar daar weet ik zelf niets van. Ze hebben ook niet de moeite genomen iemand uit de nauwere kring om mij heen te interviewen. En mij hebben ze al helemaal niets gevraagd. Slechte journalistiek.

Maar al gauw vragen belangrijkere zaken om aandacht: een ontbijtvergadering in het kader van een nieuw ingestelde `integriteitsprijs' en een interview voor een profiel in de Telegraaf op zondag. Wat daar nu weer uitkomt weet ik natuurlijk niet. Maar zij hebben in ieder geval het fatsoen mij gewoon zelf iets te vragen. In de auto lees ik De Telegraaf van vandaag, waarin Lunshof mij tot oppositieleider uitroept. Niet om mij te prijzen, maar natuurlijk om Wouter Bos te pesten. Wat een doorzichtige spelletjes toch allemaal.

Sommige zaken gaan ook in deze actietijd gewoon door. De beoordeling van projecten van de ontwikkelingsbank FMO bijvoorbeeld. Mijn collega-commissarissen zijn hoogst verbaasd als ik binnenkom; ze hadden zonder meer aangenomen dat ik het `te druk' zou hebben. En tussendoor kan ik snel even naar de kledingwinkel om een kostuum op te halen; mijn oude blauwe pak is nu wel volkomen versleten.

Een informele avondvergadering met de leden van het college van bestuur en raad van toezicht van de TU Delft completeert de dag. Ik kon deze week niet bij de formele vergadering zijn, dus ik voel me wel een beetje schuldig, maar er is ook hier alle begrip.

Vrijdag

Voor veel mensen een nare dag. Vandaag gaat het proces in van herkeuring van WAO'ers beneden de 55 jaar. Zij worden opgeroepen voor een keuring in de komende maanden of jaren. Op zichzelf zou daar niets mis mee zijn. Maar de keuringseisen zijn heel ver aangescherpt, zodat naar schatting ruim 100.000 mensen geheel of gedeeltelijk hun uitkering verliezen. Zonder dat ze veel kans hebben op een baan. We hebben hier veel tegen geageerd, maar De Geus en ook de regeringsfracties waren onvermurwbaar en onbarmhartig. Ook voor al die WAO'ers staan we morgen op het Museumplein!

Na een kort en vrolijk interview bij Rob Stenders op Yorin FM gaat het richting Den Haag. Chauffeur Nico is gisteravond maar in een hotel in de buurt gegaan, want het duizelde hem inmiddels na al die uren rijden. Hij is deze ochtend weer fris als een hoentje. Bij de demonstratie voor het hoofdkantoor van TPG zijn niet zo heel veel mensen: de postbodes zitten hier niet en het kantoorpersoneel doet maar mondjesmaat mee. Sommigen zeggen dat ze onder druk zijn gezet om niet in groten getale het gebouw uit te komen. Wel verschijnt een lid van de raad van bestuur. Ik bied hem symbolisch een rollator aan. Hij heeft ook een cadeau voor ons. De richting van het kabinetsbeleid (meer ouderen aan het werk) is wel goed, zegt hij, maar de uitvoering niet. Hij biedt mij een tandem aan en we vertrekken samen, gelukkig symbolisch, naar het Museumplein. Leuk gebaar, de tandem wordt morgen ingezet voor vervoer naar het Museumplein.

Dat is ook waar ik vervolgens naar toe ga. Ik zie de opbouw van het geweldig grote podium, van de geluidsapparatuur, de videoschermen. Een gigantische operatie. Nova komt een klein filmpje opnemen, dat vanavond wordt uitgezonden. Op hun verzoek spreek ik een voorbijganger aan die mij verbaasd aankijkt: `I am from Sevilla, I don't know.'

Op kantoor een gezellige chaos. Veel gelach, veel gepraat, en ik neem met persvoorlichter Els Tieman nog even de speech voor morgen door. Het wordt een geweldige dag, want Nederland verdient beter.

Zaterdag

Ik ben zo overweldigd door de gebeurtenissen, de massale opkomst, de hartelijkheid van de mensen die ik sprak toen ik na afloop over het Museumplein liep: het is te veel voor één dag. Een daverend antwoord aan de kletskoppen en papegaaien die de vakbeweging al jaren dood verklaren. Het was, zo zei iemand, `on-Nederlands'. Mijn kinderen mochten even vanaf het podium naar de menigte kijken: ze wisten werkelijk niet wat ze zagen. De rijke schakering van demonstranten, jong en oud, autochtoon en allochtoon, gepensioneerden, mensen met een uitkering, allerlei beroepsgroepen: dit kan alleen de vakbeweging op de been brengen. Na afloop vallen we elkaar van de ontroering in de armen.

Zondag

Het is echt nagenieten. Tot in de strandtent bij IJmuiden komen de mensen mij feliciteren met het geweldige succes!

Maandag

Iedereen heeft verhalen, die hij of zij kwijt moet. Iedereen is nog steeds in opperbeste stemming. Het bericht komt door dat de politie bij nader inzien 300.000 of meer mensen heeft geteld, van wie vele tienduizenden het Museumplein niet meer konden bereiken.

Ondanks de euforie moeten we gewoon weer aan het werk. In federatiebestuur en federatieraad behandelen we weer allerlei stukken, waaronder een brief met het alternatief van CNV, MHP en FNV voor de levensloop/prepensioenplannen van het kabinet. Intussen reageren we via de media op alle zelfbenoemde bemiddelaars. En ik geef nog een interview aan Forum, het blad van werkgeversclub VNO-NCW. Die hebben ook wel reden eens na te denken over hun strategie.

De reactie van het kabinet geeft geen aanleiding erg hoopvol over bemiddeling te zijn. Beter zou het zijn als een `verkenner' eens op pad ging om te kijken of er achter al die stoere macho-praat ook nog onderhandelingsruimte zit. Ik denk het niet, maar je weet nooit.

Later op de middag komt het actiecomité bijeen onder leiding van Agnes Jongerius, om de puntjes op de i te zetten voor de verdere acties. En dan is er natuurlijk nog de mogelijkheid om een referendum te houden. Kortom: de levende en levendige vakbeweging is volop in de running.

Dinsdag

Vroeg in de morgen even de gelegenheid het Journaal te bekijken. Ik rol bijna van de bank als ik zie hoe Maxime Verhagen het land in trekt om het kabinetsbeleid uit te leggen. We zien de man die de vakbeweging verwijt vergrijsd te zijn. We zien deze Verhagen, die de menigte op het Museumplein niet representatief vond, staan in een klein zaaltje in Maastricht. Zelfs dat zaaltje is nog niet voor een kwart gevuld. Met een zo op het oog twintigtal zeer bejaarde CDA-leden. Een CDA-lid zegt op te zullen zeggen. Maar de moeder van Maxime zegt tegen het Journaal dat haar zoon alle problemen al opgelost heeft met een prachtig initiatief tijdens de Algemene Beschouwingen. Als de wakkere verslaggever vraagt hoe het komt dat er dan toch 300.000 mensen demonstreerden heeft ze een briljant antwoord. Die mensen hebben helaas de speech van haar Maxime niet gehoord. Vandaar.

Op kantoor kan ik de puinhoop van onbeantwoorde brieven en ongelezen dossiers te lijf, maar 's middags wordt mijn aandacht toch nog even getrokken door het `vragenuurtje' in de Tweede Kamer. Wouter Bos bevraagt de waarnemend minister-president. Die deelt nog eens mee dat er niet over prepensioen kan worden onderhandeld. Hij legt het nog maar eens aan het domme volk uit. Ik zie Doekle Terpstra op de publieke tribune. Hij zit zich zichtbaar te verbijten. Zalm geeft overigens ook nog een merkwaardige draai aan de motie over de `slijtende beroepen'. Hij vertelt dat het kabinet binnen het beleid gaat kijken wat sociale partners kunnen regelen. Kennelijk alleen voor onze eigen rekening, zonder fiscale begeleiding. Dit konijn is dus weer in de hoed verdwenen. Van Aartsen beschuldigt ons van een `andere agenda' (de val van het kabinet) en we zouden de mensen om die reden opgehitst hebben. Een treurigmakende vertoning.

Later kom ik Doekle tegen. Even stoom afblazen over de minachting die de regeringsfracties hebben voor gewone mensen.

Woensdag

`Als de vakbeweging zo doorgaat, verdwijnt ze gewoon door haar irrelevantie en gebrek aan aantrekkingskracht. Ze denken toch niet dat werknemers zullen toestromen door zich met felle acties te manifesteren? Wie voelt zich daardoor aangesproken? Alleen de mensen die zich bedreigd voelen met minder leercapaciteit en aanpassingsmogelijkheden.' Aan het woord Jacques Schraven, voorzitter van werkgeversclub VNO-NCW, op 10 juni in het Financieele Dagblad. Ik lees hem vanmorgen, namens 300.000 kennelijk zwakbegaafden, dit citaat nog eens voor. Even later horen we een harde bons op de ruit van de werkkamer van SER-voorzitter Herman Wijffels. Een duif vliegt zich dood. Vermoedelijk een gedesoriënteerde vredesduif. Het gesprek biedt geen reden tot optimisme. We beperken ons maar tot de agenda van het dagelijks bestuur van de SER dat aanstaande vrijdag bijeenkomt.

We horen ook informeel nog steeds niets van het kabinet. De voorbereiding van de acties gaat daarom gewoon door. Ook werkgevers geven geen krimp. Morgen presenteren we op een persconferentie onze verdere plannen.

In de loop van de middag spreek ik met Wim Kok. Eigenlijk had hij vandaag een lezing moeten houden op een door ons georganiseerd symposium, maar door de samenloop met `2 oktober' hebben we daar al eerder van afgezien. We praten door over een vernieuwde opzet in januari, met ook andere sprekers. Thema zou kunnen zijn hoe je noodzakelijke veranderingen doorvoert mét draagvlak.

Van Aartsen beschuldigt ons van ophitsen. Een treurige vertoning.