Goed en grondig onderzoek naar Hells Angels is moeilijk 2

In haar artikel over de Amsterdamse Hells Angels (`Meer dan een beetje sleutelen aan motoren over de opkomst van de Hells Angels en de val van Big Willem', NRC Handelsblad, 4 oktober) beweert Jannetje Koelwijn dat Hunter S. Thompson in zijn boek `Hell's Angels' (1966; toen nog wel met 's) vermeldt dat Amerikaanse Angels ,,in 1964 met twintig man tegelijk twee meisjes, 14 en 15 jaar oud, verkrachtten'' en dat de politie, toen zij dat probeerde, de ongelukkigen niet eens kon bereiken ,,in het gedrang dat ontstond toen de meisjes de kleren waren afgerukt''.

Blijkbaar heeft Koelewijn Thompsons boek niet verder gelezen dan blz. 23, waar inderdaad deze versie van het zogeheten `Porterville incident' is beschreven. L'Histoire se repète: aan die versie verlustigde de Amerikaanse pers zich indertijd al. ,,Here, sweet Jesus, was an image flat guaranteed to boil the public blood and foam the brain of every man with female flesh for kin'', aldus Thompson. Men nam dan ook niet de moeite om de werkelijke toedracht te achterhalen. Thompson deed dat wel en vond geen enkel bewijs van groepsverkrachting, hooguit van vrijwillige seks door betrokkenen met een handvol Angels, terwijl de politie pas naderhand arriveerde (blz. 26). Intussen waren naam en faam van de Hells Angels voorgoed gevestigd.

Dat is nog altijd geen verhaaltje voor het slapen gaan, maar het bewijst wel zoals Thompson in de daaropvolgende ruim 250 bladzijden ook aantoont dat feiten en verdichtsels nauw verwant zijn als het om Hells Angels gaat. Weliswaar heeft Thompson zijn betrokkenheid uiteindelijk moeten bekopen met een volkomen arbitraire afranseling. Goed en grondig onderzoek naar deze motorclub is dus inderdaad moeilijk, maar het lezen van zijn boek niet.