Effectenbeurzen staan irrationeel hoog

Stijgende olieprijzen zijn een slechte zaak voor de aandelenmarkten. Zo luidt de theorie althans. Maar zowel de olieprijzen als de beurzen zijn nu al zeven weken aan het stijgen. Dat is de praktijk. Theorie en praktijk laten zich voorlopig verzoenen door de verwachting dat het rentepeil laag blijft. Daardoor kunnen de koersen nog wel even hoog blijven. Maar de theorie zou uiteindelijk moeten prevaleren.

De theorie valt in twee delen uiteen. In de eerste plaats moeten de kopers van olie - grotendeels doelmatig functionerende bedrijven in de rijke landen - extra geld vinden om ergens olie te kunnen kopen. Een deel daarvan gaat ten koste van de aandeelhouders, dat wil zeggen van de winst. In de tweede plaats geven de verkopers van olie - grotendeels ondoelmatig functionerende landen - de extra inkomsten op dwaze wijze uit. Die verkwisting raakt de mondiale economische groei.

Door de economische veranderingen van de afgelopen tien jaar is de theorie er sterker op geworden. De op het in toom houden van de inflatie gerichte omgeving maakt het voor bedrijven lastiger om hogere kosten aan de consumenten door te berekenen, waardoor het waarschijnlijk is dat de druk op de winsten groter wordt.

Maar de aandelenmarkten lijken zich daar weinig van aan te trekken. De afgelopen paar weken zijn de olieprijzen en de koersen eendrachtig omhooggegaan.

Als de praktijk niet in overeenstemming is met de theorie, wordt het tijd een nieuwe theorie te vinden. De makkelijkste verklaring voor irrationeel gedrag op de aandelenmarkten is gewoonlijk van emotionele aard: handelaren lijken onderhevig aan heftige stemmingswisselingen. Maar te oordelen naar de slome markt voor beursgangen zijn beleggers in aandelen de laatste paar maanden juist voorzichtiger geworden.

De op één na beste theorie verwijst naar de rentestanden. Op

het eerste gezicht helpt dat ook niet veel. De Amerikaanse korte-termijnrente is zowel in augustus als in september gestegen. Daardoor is het duurder geworden

geld te lenen om aandelen te kopen.

Maar hoewel de feitelijke rente is gestegen, wijzen de verwachtingen in een andere richting. De slappe economische groei deze zomer - deels als gevolg van de stijgende olieprijzen - heeft beleggers ertoe gebracht voor 2005 op kleinere renteverhogingen te rekenen dan waar zij aanvankelijk vanuit gingen. Daardoor zien aandelen er toch weer aantrekkelijker uit als beleggingsobject.

Als dit inderdaad de verklaring is, lijkt de recente kracht van de beurzen uiterst fragiel. Zelfs in goede tijden is het een vreemde zaak als slecht economisch nieuws tot hogere aandelenkoersen leidt. En dit zijn geen goede tijden. De Europese Centrale Bank heeft afgelopen donderdag gewaarschuwd dat de hogere olieprijzen tot extra inflatie kunnen leiden. Dat zou een hogere rente kunnen betekenen, maar ook groeivertraging en druk op de winsten. Daar zal de beurs moeilijk weerstand aan kunnen bieden.