Britse gijzelaar Bigley vermoord

De Britse gijzelaar Kenneth Bigley, een 62-jarige ingenieur, is ruim drie weken na zijn ontvoering in Irak door moslimextremisten vermoord.

Dat hebben zijn familie en de Britse regering gisteren bevestigd, nadat op verscheidene plaatsen videobeelden waren opgedoken van Bigley's onthoofding. Minister van Buitenlandse Zaken Jack Straw weigerde gistermiddag te bevestigen dat de moord samenviel met een militaire poging om Bigley te bevrijden, die volgens sommige berichten ophanden was.

Premier Blair noemde de moordenaars ,,weerzinwekkend'', niet alleen wegens de ,,barbaarse'' executie, maar ook omdat ze ,,wekenlang met hun gijzelaar hebben gespeeld''. Abu Dhabi Television weigerde de beelden uit te zenden, omdat het station geen ,,spreekbuis van extremisten'' wilde zijn, maar het zei dat er geen twijfel bestaat aan de echtheid.

Ken Bigley werd samen met twee Amerikanen op 16 september in Bagdad ontvoerd. De Amerikanen werden binnen enkele dagen onthoofd. Bigley verscheen na een week op een video, waarin hij premier Blair opriep zijn leven te redden. Vorige week kwam hij voor het laatst op televisie, gekooid en gekleed in een oranje overal.

Juist deze week ontstond hoop dat Bigley zou vrijkomen na geruchten dat zijn ontvoerders, de groep van Abu Musab al-Zarqawi, hem hadden overgedragen aan een andere groep die de gegijzelde zou willen uitwisselen tegen een losgeld.

Minister Straw erkende gistermiddag voor het eerst dat zijn regering via een bemiddelaar berichten had uitgewisseld met de ontvoerders, maar hij zei dat het niet ging om onderhandelingen. Volgens hem hielden de ontvoerders vast aan hun eis dat Iraakse vrouwelijke gevangenen zouden worden vrijgelaten, maar Straw zei dat de Britten die niet hebben.

Blair prees de ,,buitengewone waardigheid en moed'' van Bigley's naaste familie, maar die verhulde niet de verdeeldheid tussen zijn broers Philip en Paul. Paul herhaalde gisteren dat Blair ,,bloed aan zijn handen'' had en dat de oorlog in Irak illegaal was. Maar Philip zei juist dat de regering alles in het werk had gesteld voor Ken's vrijlating.

PUBLICITEIT: pagina 5