Borstkanker 1

Als letselschade-advocaat (lid LSA) las ik `Het verhaal van Anna Marie Elzinga-Duif (45) over overleven met borstkanker ondanks fouten van het ziekenhuis' (Zaterdags Bijvoegsel, 2 oktober) met meer dan gewone belangstelling. Inmiddels ben ik in mijn praktijk verschillende zaken tegengekomen waarin de behandelend arts de slechte boodschap niet aan zijn patiënt heeft meegedeeld. De patiënt moest later, toen de lichamelijke conditie sterk was achteruitgegaan en de problemen zich voor een ieder zichtbaar openbaarden, van een andere arts vernemen dat destijds kennelijk de juiste uitslag niet was meegedeeld. Ik kan mij niet aan de indruk onttrekken dat artsen vaak moeite hebben met het meedelen van de slechte boodschap en dat daarom, onterecht en medisch verwijtbaar, patiënten soms niet tijdig de informatie krijgen die zij wel behoren te krijgen.

Een keer heb ik het meegemaakt dat de destijds behandelend arts later, geconfronteerd met zijn nalatigheid, letterlijk meedeelde dat hij destijds de juiste uitslag bewust niet had verteld (en dus destijds een onjuiste uitslag had meegedeeld), omdat hij vermoedde dat de desbetreffende patiënt moeite zou hebben met de nare berichten. Een dergelijke gedachte mag nooit aanleiding zijn om een patiënt onjuiste informatie te geven. Er bestaat zoiets als een therapeutische exceptie. Wanneer je vermoedt als arts dat een patiënt een bericht niet aankan en je hebt hier heel duidelijke aanwijzingen voor (langdurige behandeling die nog loopt voor geestelijke problemen, bijvoorbeeld), dan neem je contact op met de huisarts van de patiënt. Maar van dergelijke situaties was in geen van de gevallen die ik behandelde c.q. behandel sprake. Ook heeft geen van de betrokken artsen contact met de huisarts van de desbetreffende patiënt opgenomen.

Het is goed mogelijk dat hier een lacune in de opleiding van artsen moet worden geconstateerd.