Al-Qaeda heeft Egyptische smaak

Een Al-Qaeda-achtige groep zit waarschijnlijk achter de aanslagen in de Sinaï. Die doen denken aan aan het geweld tegen toeristen in de jaren negentig.

Met de gecoördineerde aanslagen op Israëlische toeristen in de Sinaï is het terrorisme terug in Egypte. De bange vraag voor de Egyptische regering is nu: is de terreuractie van donderdagavond (30 doden van wie 25 Israëliërs) eenmalig, of luidt zij een nieuwe golf van geweld in tegen toeristen en via hen tegen het regime zelf? De aanslagen op toeristen in de jaren negentig, die waren bedoeld om via de lucratieve Egyptische toeristenindustrie de regering van president Mubarak fataal te ondermijnen, vormen een angstaanjagend precedent.

De Egyptische regering zou het liefst hebben dat het om een grote joodse samenzwering ging of dat de daders er alleen op uit waren Israël te treffen, en uit Palestijnse hoek kwamen. Het eerste werd verwoord door Egyptische 'experts' en het tweede bleek wel uit de uitspraak van minister van Toerisme Al-Maghraby: ,,Kijk naar het tijdstip, kijk naar de keus van de plaats''. Hij bedoelde, zoals andere Egyptische functionarissen met zoveel woorden zeiden, dat de terroristen niet méér wilden dan veel Israëliërs te doden uit wraak voor het offensief in de Gazastrook. En Israëliërs waren er in overvloed in het Taba-Hilton en twee naburige campings te vinden.

Maar dat het zo'n korte termijnactie was, is hoe dan ook uitgesloten. Het opblazen van een Hiltonhotel vergt veel meer voorbereidingstijd. En Palestijnse moslimextremistische organisaties beperken zich tot dusverre tot Israëlische doelen in Israël en de bezette gebieden. De Israëlische regering, die normaal altijd éérst naar de Palestijnen kijkt, wees meteen in de richting van een Al-Qaeda-achtige organisatie achter de aanslagen.

In de jaren negentig heetten de terroristen Islamitische Jihad en Gama'a al-Islamiyya (islamitische groep) en was hun doel nationaal, niet globaal, maar hun strijd tegen de `schijnheilige' Mubarak en zijn ongelovige vrienden en voor een strikt islamitisch regime was exact dezelfde als die van Al-Qaeda later. De Jihad en de Gama'a waren al vanaf eind jaren zeventig actief, bijvoorbeeld met de moord op president Sadat in 1981, maar lanceerden in 1992 een grootscheepse geweldcampagne om Mubaraks regering ten val te brengen. Daarvan kwamen naar schatting 1.200 mensen om het leven, overigens een minderheid toeristen en verder vooral (vermeende) extremisten en politiemannen en militairen.

Met keihard tegengeweld slaagden de Egyptische autoriteiten erin een eind te maken aan deze jihad. Volgens mensenrechtengroepen zitten er nog steeds 12.000 tot 15.000 (vermeende) extremisten in de Egyptische gevangenissen. De laatste aanslag op toeristen dateert van 1997, toen in Luxor 58 westerlingen en acht Egyptenaren werden gedood. De Gama'a, die aan deze moordpartij schuldig was, kondigde kort daarna een eenzijdig staakt-het-vuren af. Facties van de Gama'a en de Jihad die de strijd wilden doorzetten, weken naar Afghanistan uit. Daar fuseerden ze in 1998 officieel met Al-Qaeda, waarvan de Verklaring van het Wereld Islamitisch Front getuigde. Onder de ondertekenaars waren Al-Qaeda-grondlegger Osama bin Laden en Ayman al-Zawahiri, als emir (prins) van de Islamitische Jihad.

Dat de doelstellingen van Al-Qaeda en de Egyptische groepen overeenkomen is geen toeval: Zawahiri (52), die al in de jaren tachtig in Afghanistan Bin Laden ontmoette, geldt als diens ideoloog. Volgens Montassar al-Zayat, een Egyptische advocaat die zich heeft gespecialiseerd in de verdediging van moslimextremisten, is Zawahiri – afkomstig uit een prominente Egyptische familie – ,,de planner, de organisator en de denker die de basis legde voor het idee van een islamitisch front''. Hij heeft voor Al-Qaeda ,,omgevormd tot een internationale beweging'', aldus Zayat die dit jaar een boek over zijn voormalige cliënt en vriend heeft gepubliceerd.

Zawahiri liet ruim een week geleden net weer van zich horen met een oproep aan de ,,moslimjeugd'' in verzet te komen tegen de Verenigde Staten, Israël en al hun medestanders. ,,Wacht niet tot de Amerikaanse, Britse, Franse, Zuid-Koreaanse, Hongaarse en Poolse troepen Egypte, het Arabisch schiereiland, Jemen en Algerije binnenvallen'', zei hij in verwijzing naar de oorlog in Irak. ,,We moeten het verzet nú beginnen.''

De timing van deze boodschap hoeft niets te maken te hebben met de aanslagen (zie de voorbereidingstijd). Maar dat maakt voor de Egyptische autoriteiten niets uit. Zij zitten met de onzekerheid: de leden van de oude Jihad en Gama'a zitten nog steeds veilig gevangen, dus waar komen de nieuwe terroristen vandaan?