Stripboeken

De onverbiddelijke terugkeer van de klassieker Robbedoes

Na zes jaar is er weer een nieuwe Robbedoes. De klassieke serie werd ooit in 1938 bedacht door Rob Vel. Vooral Jijé en later Franquin maakten Robbedoes tot een van de populairste Europese strips, die zelfs een eigen tijdschrift kreeg (dat nog steeds bestaat). De held heeft sinds het vorige duo Tome en Janry geen rood piccolopakje met raar hoedje meer, maar stort zich nog steeds vol overgave in het avontuur met zijn maatje Kwabbernoot. Het nieuwe Robbedoes-duo Munuera en Morvan heeft een eigen versie van Robbedoes bedacht. Hij ziet er wat slungeliger uit, het hoofd is kleiner geworden vergeleken met het lichaam en het hoedje is nu een rode kuif, maar dat zijn uiterlijkheden.

Dat de Robbedoes-wereld meteen herkenbaar is, is de verdienste van tekenaar Munuera, waarvan eerder de stijlvolle fantasystrip Merlijn in het Nederlands verscheen. Dat Munuera meer kan dan geheimzinnige bossen tekenen blijkt wel uit dit eerste Robbedoes-avontuur nieuwe stijl. Al op pagina vijf springt er een reusachtige robot uit het water en er zullen nog veel technisch ingewikkelde tekeningen volgen. Professor Pancratias heeft iets uitgevonden om watersnood en droogte op te lossen: de Nebulozitor. Deze robot laat water verdampen om elders de wolken tot buien te laten neerdalen.

Die uitvinding wordt gestolen door boeven en voor de twee helden er erg in hebben, raken ze verzeild in een avontuur waarin ze de Franse hoofdstad moeten redden. De plot is wat dun en is ondergeschikt aan de tekeningen. Maar Robbedoes hoeft ook helemaal niet realistisch of ingewikkeld te zijn, iets waarin Tome en Janry misschien wat te ver waren gegaan met hun duistere, laatste Robbedoes-verhaal Als in een droom. Bij Morvan en Munuera is het weer een fijne avonturenstrip met een beetje moraal en veel actie.

José Luis Munuera en Jean David Morvan: Robbedoes en Kwabbernoot 47: Parijs onder de Seine, Dupuis, 48 blz. €4,20

Tenenkrommende ellende van sympathieke Ansje

Ansje Tweedehansje maakt bij Sanne Wallis de Vries lichte weerzin los. Dat zegt ze in het voorwoord van deze eerste bundel van Gerrie Hondius' unieke personage. De irritatie bij Wallis de Vries komt voort uit een gevoel van medelijden, zonder daar iets aan te kunnen doen. Ansje staat elke maand in Opzij en wordt getekend door Gerrie Hondius.

Hondius werd bekend met autobiografische strips. Er zullen vast wel gebeurtenissen of observaties uit Hondius' dagelijks leven verwerkt zijn in de levensechte avonturen van Ansje, maar het is duidelijk dat het een fictief personage is. Ze is lang, mager, heeft een Wiske-achtig strikje in het haar, zit vaak alleen thuis omdat ze geen vrienden heeft en laat voortdurend over zich lopen. Zo zit ze met kerst alleen taart te eten, liedjes te zingen, wijn te drinken en de volgende dag maakt ze een sneeuwpop. Ze huilt van blijdschap als een agent haar vraagt: `Wat zijn we aan het doen?' Ansje, blij met elk contact: `We?' Op elke pagina staat weer nieuwe, tenenkrommende ellende van de sympathieke Ansje. De running gag van de strip is haar inzet voor de wereldvrede. Ze vraagt zelfs subsidie aan voor haar initiatief `praten over vrede'.

Gerrie Hondius heeft met Ansje Tweedehansje een nieuw en origineel strippersonage geschapen, dat iets weg heeft van de gitaarspelende Joy uit Todd Solondz film Happiness. Hoewel er meer sympathieke stripsukkels zijn geweest, is Ansje waarschijnlijk de eerste vrouwelijke.

Ansje Tweedehansje is anders getekend dan Hondius' autobiografische strips. Bij de laatste was zij schatplichtig aan Jaap Vegter, Ansje lijkt nog het meest op de onvaste lijn uit de vroege Doorzon-strips van het duo De Jager-Stevenhagen.

Gerrie Hondius: Ansje Tweedehansje, Scherlei, 96 blz. €9,95

Een van de allerdikste stripboeken ooit verschenen

De complete Bone-bundel telt meer dan 1.300 bladzijden en is daarmee een van de dikste stripboeken ooit. Dit monumentale boek is het resultaat van meer dan tien jaar noest tekenwerk van Jeff Smith. De avonturen van het witte, cartoonachtige wezentje Fone Bone en zijn kameraden Phoney en Smiley Bone werden als losse comics en later ook als negen kloeke paperbacks voorgepubliceerd, maar in deze vorm kan Bone het gevecht aan met een andere fantasymijlpaal: The Lord of the Rings.

Er zijn veel overeenkomsten met Tolkiens oerverhaal, maar net zoveel verschillen. In fantasy gaat het immers bijna altijd om het verslaan van het ultieme Kwaad dat op het punt staat de wereld te vernietigen. Het Kwaad is in Bone's geval de Lord of the Locust. Die is ooit verslagen en verbannen naar de droomwereld en staat op het punt om te incarneren in de realiteit.

De Bones komen terecht in een door mensen bewoonde vallei nadat ze uit Boneville zijn verbannen. Samen met het meisje Thorn (die later een prinses met speciale krachten blijkt te zijn) en een aantal draken binden ze de strijd aan. Daarvoor neemt Smith ruim de tijd om ons samen met de Bones rond te laten dwalen in zijn fantasy-wereld. De Bones steken met hun cartoonachtige uiterlijk sterk af tegen het realistische, bosrijke decor. Dat werkt in het begin wat bevreemdend, maar na een paar pagina's zijn ze daar prima op hun plek. De sterkste punten van Bone zijn de uitgekiende verhaalopbouw en de vaak humoristische dialogen. Het lijkt alsof Smith voortdurend afwijkt en zijpaden inslaat, maar ondertussen verliest de verteller zijn hoofdverhaal nergens uit het oog en komt het onheil langzaam maar zeker dichterbij. Na honderd pagina's wordt het moeilijk om Bone weg te leggen, zo spannend is het boek.

Jeff Smith: Bone, One volume edition, Cartoon Books, 1.344 blz. €40,–

Verder verschenen:

Na zeven jaar is Seths moderne stripklassieker It's a good life if you don't weaken vertaald in het Nederlands als Het leven is een geschenk maar je krijgt het niet cadeau (Oog & Blik, €19,95). In dit melancholische verhaal gaat de hoofdpersoon op zoek naar oude strips van tekenaar Kalo en tegelijkertijd naar de zin van het bestaan. Deze fraaie uitgave wordt helaas ontsierd door de typefout op het omslag en schutblad waar `Het Veven is' staat vermeld.

François Boucq heeft met de in luipaardpak gehulde verzekeringsagent Fré van der Mugge een van de origineelste striphelden bedacht. Van der Mugge speelt een gastrol als avonturier in opleiding in Rock Mastard, Gestapo in het nauw (Lombard, €5,25). Rock Mastard is een avonturier oude stijl van wie alle clichés (stoer, sentimenteel, rokkenjager, quasi-alcoholist, safaripak) afdruipen. Hij wordt door een paar nazi-militairen gedwongen boven het Amazonewoud te vliegen om iemand te zoeken. Het vliegtuig stort natuurlijk neer en ze ontdekken wat Hitlers erfelijk materiaal te maken heeft met een groep brutale kinderen van inheemse tribale groepen.

De serie Capricornus is Andreas' poging om een breed publiek aan te spreken. Na allerlei spectaculair getekende, maar voor het grote publiek wat ontoegankelijke stripboeken bedacht hij Capricornus, die in een door complotten overheerste wereld op zoek gaat naar zijn echte naam. In het jongste deel De doorgang (Lombard, €10,–) vallen alle, toch weer behoorlijk ingewikkelde puzzelstukjes op hun plaats.

Gary Panther is al decennialang een vaste waarde in de Amerikaanse undergroundstrip. Zijn ietwat slordige tekenwerk spreekt een select publiek aan, maar als het met het bijzonder luxueus vormgegeven (A3-formaat, goudkleurige omslag) Jimbo in Purgatory (Fantagraphics, €30,–) niet lukt om door te breken, zal het wel nooit meer gebeuren. Jimbo daalt af in een Danteske hel en ontmoet daar allerlei bekenden zoals Frank Zappa en Boy George.