Kleine sentimenten

Er is inmiddels veel gezegd over de Kamermeerderheid die Anne Frank postuum tot Nederlander wil naturaliseren en de uitzending van Netwerk afgelopen zondag die aan die borrelpraat was gewijd. Door onder anderen David Barnouw is afdoende duidelijk gemaakt waarom de postume naturalisatie een onkies idee is. Maar niet alleen het idee is onkies. Ook de wijze waarop de pleitbezorgers hun verzoek over het tot Nederlander maken van Anne Frank hebben gemotiveerd, kan als zodanig bestempeld worden. Zelden heb ik mensen die ik hoog acht (Ruud Lubbers) of van wie ik in ieder geval ooit heb aangenomen dat zij geen dwazen zijn (Femke Halsema), zich zo schuldig zien maken aan zulk schaamteloos populistisch sentimenteel gebazel.

Neem Lubbers. Hij is net als Anne Frank een van de tweehonderd genomineerden voor de titel De Grootste Nederlander. Op de website van het gelijknamige programma van de KRO waar men een stem op hem kon uitbrengen wordt hij omschreven als de `Compromis zoekende premier en manager van de B.V. Nederland'. In de uitzending van Netwerk was hij veeleer het toonbeeld van een manager met een zingevingcrisis. De tranen leken achter zijn ogen te prikken, zo ontroerd was hij door zijn eigen vurige wens om Anne Frank de Nederlandse nationaliteit te geven. Hij lachte als een oude man die de wereld met de wijsheid der jaren en een daarbij horende zachte begripvolle compassie beschouwt. ,,Zoals ik het boek heb gelezen, lees ik er uit dat ze Nederlandse wilde worden'', zei hij. Op dit punt leek zijn stem bijna te breken. Dat was een goede opening van hem. De weg open laten voor andere interpretaties en daarmee aangeven dat je een ruimdenkend mens bent. Ik lees het er in. U mag er natuurlijk anders over denken maar volgens mij bedoelde ze echt dat ze Nederlandse wilde worden. Dit alles terwijl Lubbers dondersgoed weet dat het meisje in het dagboek letterlijk die wens heeft verwoord.

Dan, om nog eens goed te laten merken dat hij de persoon van het dagboekschrijfstertje werkelijk goed doorgrond heeft, voegt hij er aan toe: ,,Ze heeft haar familietraditie, haar joods-zijn zeker niet verraden.'' Nee, hoezo? Wie beweert dat dan? Waarom zou dat zo zijn? Waarom suggereert Lubbers eigenlijk dat haar wens om Nederlandse te worden op die manier zou kunnen worden uitgelegd? Hij doet dat om daar meteen zelf een stokje voor te steken. Na deze dappere daad van verzet tegen de opvattingen van een niet bestaande groep mensen die Anne Frank misschien wel als een verraadster zou kunnen zien, komt Lubbers tot het klapstuk van zijn betoog: ,,Ik denk nu zoveel jaren later dat we de kans zouden moeten grijpen die ze aangeboden heeft, en tegen haar moeten zeggen ja natuurlijk, je bent welkom, je wordt genaturaliseerd, je wordt Nederlandse.'' Die laatste woorden spreekt Lubbers uit op een toon die wel tegen heel kleine kinderen en hun knuffeldiertjes wordt aangeslagen.

Maar ook zonder het rare stemmetje waar de oud-premier zich van bediende blijft het een vreemde, mystieke uitspraak. Anne Frank heeft `ons' geen kans aangeboden. Bovendien leeft zij niet meer. Hoe zouden we nu iets tegen haar kunnen zeggen? Lubbers schildert haar af als een verschijning. Alsof Anne Frank wijzend op haar dagboek ons laat weten wat zij wil en Lubbers heeft aangespoord nu de verlossende woorden te spreken. Het zal zijn rooms-katholieke achtergrond wel zijn. In dat geloof is men immers gewend het woord te richten tegen mensen die langgeleden op ellendige wijze aan hun einde zijn gekomen. De postume naturalisatie als seculiere variant op de heiligverklaring.

Lubbers' sentiment zou in een Hollywood-productie niet misstaan al is het wel zo dat in dergelijke films er gelukkig ook vaak iemand is die zegt: He has totally lost it. Die rol is nu voor mij. Maar Lubbers was niet de enige op wie zo'n uitspraak van toepassing is. Ook Femke Halsema sprak schaamteloos populistische wartaal. ,,We kennen minister Verdonk natuurlijk allemaal als een soort strenge Iron Lady maar ook die moet een hart hebben'', zei ze. Wat zegt ze daar nou mee? Is het aan Femke Halsema om het imago van de minister op te vijzelen? Nee, natuurlijk niet. Ze wil zélf graag beklemtonen dat ze een hart heeft, een goedig volkshart dat haar ingeeft dat regeltjes ook niet alles zijn. Ze verwacht dat de mensen voor de televisie instemmend knikken en zeggen: ja, ze heeft gelijk. Die regeltjes ook altijd. Dat moet maar eens afgelopen zijn. Die gaan niet op als het gaat om onze Anne Frank. Dat is gemakkelijk scoren.

Volgens Halsema gaat het om ,,een onschuldig gebaar dat niemand schaadt''. Ja, dat is nu echt wat deze tijd nodig heeft. Onschuldige onschadelijke gebaren. Het moet immers leuk en gezellig blijven. Er moet even iets prettigs gebeuren tussen de uitvaart van André Hazes en de knusse decembermaand. Maxime Verhagen spreekt zelfs over een leuk initiatief. Ik heb ooit een vertegenwoordiger van de plaatselijke middenstand te Maastricht datzelfde horen zeggen in een buurthuis dat zich had ingezet voor de intocht van Sinterklaas, ook een nationaal symbool. Verhagen beroept zich op het feit dat hij historicus is. ,,Ik ben historicus en omdat ik het goed weet, ben ik ervoor.'' Dat is een intrigerende uitspraak. Wat zou Verhagen nu eigenlijk precies goed weten? Hij weet natuurlijk wat leuk is. En anderen, zoals de historici die hem kritiseren, weten dat niet. Uit Het Parool begreep ik dat Verhagen op hen reageerde met de woorden ,,ik denk dan: nou ja''. Dat zijn diepe gedachten. Verhagen toont zich een populist, zij het dat hij de zuidelijke variant ervan vertegenwoordigt. Die zure intellectuelen lijkt hij te willen uitdrukken, nooit een geintje, nooit eens iets leuk vinden en met de carnaval staan ze ook al zo stijf er bij.

Lubbers, Halsema en Verhagen over Anne Frank. Het gevoel dat je wilt delen (KRO) ontmoet Hart van Nederland (SBS6). Het gebied waar een klein land zich ook daadwerkelijk klein toont.