`Ik voel geen liefde voor dit land'

Oostenrijk reageert kalm op de Nobelprijs voor Elfriede Jelinek. Net als de schrijfster zelf, die het een eer, maar ook een last vindt.

Elfriede Jelinek wil sinds gistermiddag maar één ding: verdwijnen. Dat zei ze tegen het persbureau AP terwijl ze voortdurend gebeld wordt en er steeds mensen aan haar voordeur verschijnen. Ze neemt alle felicitaties voor het winnen van de Nobelprijs voor literatuur kalm in ontvangst.

Jelinek heeft al besloten dat ze 10 december de prijs niet in Stockholm gaat ophalen. Het idee van een formeel diner met de Zweedse koning en tientallen genodigden boezemt de 57-jarige schrijfster angst in. ,,Ik kan niet tegen de aandacht die bij de Nobelprijs hoort. Aan de ene kant is het een eer, maar aan de andere kant ben ik bang dat het gedaan is met mijn rustige leventje'', zei ze thuis in haar huis op een groene heuvel aan de rand van Wenen.

Jelinek zal wel iets schrijven dat tijdens het diner met de Zweedse koning zal worden voorgelezen. Ze gaat niet naar Stockholm, omdat ze ,,mentaal zulke ceremonies niet kan verdragen''. ,,Helaas lijd ik aan een sociale fobie.''

De moeilijke relatie met haar vaderland is bekend. Enkele jaren geleden, toen Haider aan de macht was, verbood ze dat haar toneelstukken er opgevoerd werden. ,,Zodra ik het zag gebeuren probeerde ik me daartegen te verweren'', zegt ze over de opkomst van rechts in Oostenrijk. ,, Maar Godzijdank is rechts niet meer zo sterk tegenwoordig.'' Hoewel haar toneelstukken er weer opgevoerd mogen worden, koestert ze nog steeds gemengde gevoelens over Oostenrijk. ,,Ik houd van Wenen en een paar andere plaatsen, maar ik voel geen liefde voor dit land.''

Dat land reageert dan ook kalm op het bericht dat Elfriede Jelinek de nobelprijs voor literatuur heeft ontvangen. En is er natuurlijk trots op, meldt onze correspondent. In de nieuwsuitzendingen komt het bericht al snel op de eerste plaats: ,,Nobelprijs voor een Oostenrijkse, Klaus Küng nieuwe bisschop van St. Pölten, rijbewijs in toekomst alleen maar voorwaardelijk.'' In één talkshow werd er op de televisie nog wat over gesproken.

Elfriede Jelinek en het fatsoenlijke, anständige Oostenrijk spelen al lang een provocatie-spelletje met elkaar. Gisteren was dat Helene Partik-Pablé, woordvoerder cultuur van de rechtse FPÖ. ,,Bij alle vreugde'', zei ze, ,,mag je niet vergeten dat Elfriede Jelinek Oostenrijk al jarenlang met genot door het slijk haalt.''

Dat de schrijvers met hun goede opleiding en hun onverstaanbaar Duits `het eigen nest bevuilen' en `de gewone mensen door de modder halen', dat zijn de eeuwige argumenten in die strijd. Jelinek, maar vooral ook de overleden Thomas Bernhard, die dat spelletje als eerste speelde, dreigen Oostenrijk te verlaten of verbieden tenminste dat hun stukken hier worden opgevoerd. Jelinek noemt Haider een ,,jonge nazi'', en de FPÖ valt de directeur van het Burgtheater aan. Het zijn de weinige keren dat cultuur in de kranten eens op pagina 1 staat. Met de waardering van literatuur heeft het weinig te maken. In Oostenrijk worden per inwoner even veel gelezen als in Duitsland – maar twee keer zoveel literatuur.

,,Er is eigenlijk geen haat tegen Elfriede Jelinek in Oostenrijk'', zegt de Weense literair-historicus Alfred Pfabigan, die zich al lang met de schermutselingen tussen kunst en politiek bezig houdt. ,,Niemand heeft ooit bij haar een raam ingegooid.'' En Oostenrijk is volgens hem voor grote `haters' als Elfriede Jelinek en Thomas Bernhard au fond een metafoor voor de kwade wereld. En bij Bernhard komt daar ook nog treurnis over de verloren grootsheid bij. ,,Iedere klas'', zegt Pfabigan, ,,is nu eenmaal trots dat ze de ergste van de hele school is.''