Felle ruzie in politieke elite Servië

In Servië is de politieke elite als één man over president Boris Tadic heengevallen, na zijn oproep aan de Serviërs in Kosovo om deel te nemen aan de verkiezingen voor het Kosovaarse parlement.

De president – leider van de oppositionele Democratische Partij – riep de Kosovo-Serviërs dinsdag op de verkiezingen niet te boycotten omdat alleen hun deelname aan het democratische proces tot een verbetering in hun situatie kan leiden. In Servië zelf is vrijwel iedereen vóór een boycot, als teken van protest tegen wat de Serviërs zien als schending van hun rechten in Kosovo.

Woensdag al vielen de politieke partijen over Tadic heen. Hij heeft ,,de situatie gedestabiliseerd'', ,,de etnische zuivering in Kosovo gelegaliseerd'', de Kosovo-Serviërs ,,geschaad'', een ,,rampzalig'' advies gegeven, zich ,,schaamteloos'' gedragen en ,,het land verraden'', aldus zowel oppositionele als regeringspartijen . De Servische Radicale Partij wil een afzettingsprocedure tegen Tadic op gang brengen; hij zou zich aan ,,landverraad'' schuldig maken.

Premier Vojislav Koštunica noemde de oproep van Tadic gisteren ,,moreel en juridisch verkeerd'', omdat ,,er in heel Europa geen gemeenschap bestaat die méér van haar elementaire rechten is beroofd dan de Kosovo-Serviërs''. Tadic sloeg direct terug. Hij zei ,,geen deel te willen uitmaken van [Koštunica's] inactieve beleid''. ,,Ik wil geen medeplichtige zijn, Het beleid van niets doen leidt tot een ramp.'' Als de Kosovo-Serviërs niet gaan stemmen, leidt dat ,,tot Servië's desintegratie'', aldus Tadic.

In de Servische media wordt gespeculeerd over de vraag of Tadic' aanbeveling zal leiden tot de val van de regering van Koštunica en tot vervroegde verkiezingen, en over de vraag of de `cohabitatie' van Tadic en Koštunica na honderd dagen van politieke vrede ten einde is. Tadic zelf zei: ,,Cohabitatie betekent niet dat de president en de regering het op elk punt eens moeten zijn.''