CITES reguleert handel

CITES, de VN-organisatie over handel in bedreigde plant- en diersoorten, houdt zich niet in de eerste plaats bezig met het milieu. De 166 aangesloten landen, die van 2 tot 14 oktober bijeen zijn in Bangkok, proberen via CITES de handel te reguleren. Soms betekent dit dat er in bepaalde produkten van dieren of planten in het geheel niet gehandeld mag worden, zoals mensapen, tijgers, zeeschildpadden, sommige krokodillen, cactussoorten en orchideeën. De groep ligt vast in appendix I, die ongeveer zeshonderd dieren en driehonderd planten telt.

In de ruim vierduizend dieren en 28.000 planten, verzameld in appendix II mag alleen onder strikte, nauwkeurig omschreven voorwaarden worden gehandeld. Ten slotte telt appendix III nog bijna driehonderd soorten waarvan handel alleen in sommige landen of regio's wordt beperkt.

De deelnemende landen zijn verplicht de richtlijnen van CITES in nationale wetgeving op te nemen en toe te zien op handhaving – met name aan dat laatste schort het volgens critici nogal eens. Eens per twee jaar komen de leden bij elkaar om te overleggen of de lijsten nog aansluiten bij de actuele stand van zaken.

Op die conferentie bestaat veelal een spanning tussen handelsbelangen van individuele landen en de belangen van het milieu.

Zo is in Bangkok tot ongenoegen van milieuorganisaties besloten dat zowel Namibië als Zuid-Afrika voortaan jaarlijks vijf zwarte neushoorns mag afschieten.