Britse baby `moet vredig kunnen sterven'

Een Brits ziekenhuis hoeft de doodzieke baby Charlotte Wyatt in strijd met de wens van haar ouders niet te reanimeren, wanneer ze opnieuw stopt met ademen.

Dat heeft een rechter van het High Court in Londen gisteren bepaald in de met veel publiciteit omgeven zaak rond het kind, dat vorig jaar oktober werd geboren na een zwangerschap van 26 weken en slechts 450 gram woog.

Het is voor het eerst dat een dergelijke zaak in een openbare zitting wordt behandeld door een Britse rechter, die daarmee een impuls gaf aan het debat over de grenzen aan levensvatbaarheid van baby's die door technische ontwikkelingen in een steeds vroeger stadium in leven kunnen worden gehouden. In Nederland, waar artsen en ouders voor soortgelijke dilemma's staan, heeft nog geen rechtszaak onder vergelijkbare omstandigheden plaatsgehad. Sommige kinderartsen voorspellen dat dat wel zal gebeuren.

Charlotte heeft ernstig beschadigde longen, nieren en hersens. Ze is doof en blind en wordt beademd via een slangetje in haar neus. Het ziekenhuis, waar ze sinds haar geboorte ligt, zegt dat er geen uitzicht is op verbetering in haar toestand, dat het meisje voortdurend pijn lijdt en dat ze hoe dan ook zal sterven. Daarom gelooft het dat het in haar belang is niet opnieuw te reanimeren, zoals tot nu toe vier keer is gebeurd.

De ouders, beide gelovige christenen, waren het met het advies niet eens, ,,omdat ze het tot nu ook heeft uitgehouden''. Darren Wyatt, haar vader, noemde zijn dochter tegenover de rechter een ,,vechtster'' en zei dat ze met haar ouders had gecommuniceerd door te glimlachen en in een vinger te knijpen. Hij hoopte op een wonder, zei hij.

Het ziekenhuis ging naar de rechter om een beslissing af te dwingen en kreeg gisteren gelijk. Het staken van een behandeling ,,betekent naar mijn oordeel dat het ogenblik van haar dood enigszins wordt vervroegd'', aldus High Court-rechter Hedley. Volgens hem is het het beste wanneer het meisje de kans krijgt vredig te sterven.

Ouders kunnen artsen niet dwingen tot een behandeling die ze zinloos achten of in strijd met de belangen van het kind. In veruit de meeste gevallen komen artsen en ouders samen tot een beslissing. In de zeldzame gevallen waarin dat niet gebeurt, moet de rechter uitkomst bieden. Dat is de afgelopen vijftien jaar zeker vier keer gebeurd, achter gesloten deuren.

Uit recent onderzoek naar 1.200 te vroeg geboren Britse baby's bleek dat ongeveer eenderde van hen vrijwel meteen sterft, en dat een kwart gezond opgroeit, soms na maandenlange ziekenhuisopname. Richard Nicholson, hoofdredacteur van het Bulletin of Medical Ethics, zei tegen de BBC dat artsen in toenemende mate geconfronteerd worden met de vraag of ze een kind in leven moeten houden, uitsluitend omdat het technisch mogelijk is.