`Ze noemen ons hier illegalen'

Poolse ondernemers wordt hier het leven zuur gemaakt. Nederland schendt volgens hen de Europese regels. De politie stuurt ze terug.

Weggestuurd uit Nederland. Jakub Kawalec kan het nog steeds moeilijk geloven. Want volgens de Europese regels zoals hij ze begrijpt had de Poolse rietdekker alle recht om in Nederland te werken. Maar hij en zijn medewerkers zijn naar Polen teruggestuurd. ,,We hebben veel geld verloren.''

,,Dit zijn dus de fameuze normen en waarden'', zegt jurist Marcin Lewandowski. Hij heeft een paar weken geleden namens Kawalec en drie andere ondernemers bij de Europese Commissie een klacht ingediend tegen de Nederlandse staat.

Kawalec exporteert met zijn bedrijf Slowinex al jaren riet naar Nederland voor dakbedekking. ,,Een gewoon import-export-contract. Wat bij jullie wordt aangeprezen als Nederlands riet komt voor 80 procent uit Oost-Europa, vooral uit Roemenië, Hongarije en Polen.''

Na 1 mei leek het hem een goed idee om het riet ook zelf meteen maar op het dak te leggen. Binnen de Europese Unie, waarvan Polen sinds die datum lid is, bestaat immers vrijheid van diensten, de mogelijkheid voor bedrijven om overal in Europa te klussen. Kawalec leerde alles over die vrijheid in Nederland zelf – de ondernemer zat op de Rotterdamse hogeschool. Maar nu blijkt die vrijheid in de praktijk niet te bestaan.

Kawalec: ,,We werkten eerder dit jaar in Nederland aan het dak van een oud huis. Op de tweede dag kwam de Nederlandse politie langs. Die zei dat wij zwartwerkten en illegalen waren. We werden weggestuurd.''

De Polen zijn er behoorlijk van in de war. Nederland, zeggen zij, schendt de regels van het Europese Verdrag, de Grondwet van de Europese Unie. En bovendien: was het niet premier Balkenende die, als EU-voorzitter, onlangs sprak over de noodzaak tot grotere solidariteit binnen Europa?

Officieel heeft Nederland het vrije verkeer van diensten niet beperkt voor de nieuwe lidstaten. Of enige andere EU-lidstaat. Dat is anders bij het vrije verkeer van werknemers, dat ook in het Europese Verdrag is geregeld. Burgers van de EU-landen mogen op grond van het verdrag overal in de EU werken. Uit vrees voor massale migratie besloot Nederland aan de vooravond van de uitbreiding zijn recht uit te oefenen om de grens voor Oost-Europese werkers nog even (twee jaar) dicht te houden. Dat houdt in dat burgers uit deze landen een tewerkstellingsvergunning moeten hebben als ze in Nederland willen werken. Net als Chinezen, Fillippijnen, Mexicanen en iedereen van buiten de EU. De enige concessie die Nederland aan de nieuwe lidstaten wilde doen is dat Oost- en Midden-Europeanen zo'n vergunning makkelijker krijgen. Voor sommige sectoren wordt niet eerst gekeken of er Nederlanders of andere EU-burgers zijn die het werk ook kunnen doen. Sinds 1 mei zijn er ruim 17.000 vergunningen verleend.

Maar voor de vrijheid van diensten is zo'n voorbehoud nooit gemaakt. Daarmee is de grens voor dienstverlenende bedrijven uit de nieuwe lidstaten opengezet. En dus ook voor hun werknemers. Want volgens de Europese regels hebben deze bedrijven geen werkvergunningen of andere papieren nodig voor hun eigen werknemers, als ze grensoverschrijdend opereren. Maar dat is nu precies wat Nederland wel eist. Dienstverleners uit EU-lidstaten die voor het uitvoeren van hun werk in Nederland Poolse werknemers in dienst hebben – of uit de andere nieuwe lidstaten – moeten voor die werknemers in Nederland een werkvergunning aanvragen. Ongeacht waar de bedrijven vandaan komen. Niet alleen de Poolse rietdekker, ook een Portugees bedrijf met Poolse werknemers heeft werkvergunningen nodig.

De Nederlandse regering wil met deze maatregel voorkomen dat er `gelegenheidsconstructies' worden opgezet om de beperking van het vrije verkeer voor werknemers te omzeilen. Vooral in de tuinbouw en de bouw worden sinds 1 mei Oost-Europeanen ingezet via soms `lege' Poolse vennootschappen. Maar door de eis van Nederland is ook in deze constructies nu een werkvergunning vereist, alleen op naam van de Poolse vennootschap in plaats van de Nederlandse werknemer.

Om die reden controleert het CWI (Centrum voor Werk en Inkomen) de aard van de band tussen Nederlandse opdrachtgever en de buitenlandse dienstverleners. Als die band te sterk is dan is er sprake van `werknemerschap'. In dat geval gelden de regels voor het vrije verkeer van arbeid en het daarop door Nederland gemaakte voorbehoud. Wanneer is die band te sterk? In de praktijk bekijkt het CWI wie de leiding heeft over de betreffende klus, aldus een woordvoerder. Is die in Nederlandse handen dan beschouwt het CWI de dienstverlening uit Oost-Europa als een papieren constructie, waarmee de Nederlandse werkgever probeert werkvergunningen te omzeilen.

Heeft Nederland liggen slapen? Is men `vergeten' vóór 1 mei een voorbehoud op het vrije verkeer van diensten te maken?

Een woordvoerder van Sociale Zaken ontkent dat hier sprake is van ,,een blunder''. Het gaat volgens het ministerie alleen maar om regels teneinde misbruik te voorkomen. Volgens rietdekker Kawalec wordt zijn vrijheid om in Nederland zijn diensten aan te bieden hierdoor ernstig, zo niet volledig, beknot. Kawalec moet voor al zijn werknemers vergunningen aanvragen, als hij in Nederland zaken wil blijven doen. Hij moet verder aantonen dat hij zijn mensen `marktconform' betaalt en dat zijn werknemers al langer dan een jaar voor hem werken.

De Poolse krant Rzeczpospolita typeerde de Poolse dienstverleners onlangs als ,,bedrijven van de tweede categorie''. Want de regels die Nederland aan hen stelt gelden niet voor dienstverleners uit oudere lidstaten. Een Duits of Frans bedrijf kan in Nederland zonder hindernissen aan de slag.

Nederland is niet het enige land dat Poolse bedrijven weert. Dat geldt ook voor een aantal andere landen in de Europese Unie. Ook in Frankrijk, Duitsland en Italië is voor Oost-Europeanen de vrijheid van diensten aan banden gelegd. De klacht tegen Nederland in Brussel moet een precedent scheppen.

Jakub Kawalec wilde eerst niet naar buiten treden als een van de klagers bij de Europese Commissie. Maar hij heeft uiteindelijk toch besloten om te praten. ,,Deze situatie is heel slecht en treurig. Als je in Nederland zegt dat je Pool bent, wordt vaak onmiddellijk de conclusie getrokken dat je wel zwart zal werken. Mensen zien geen verschil of willen het niet zien.''

Volgens zijn raadsman Lewandowski zal het nog lang duren eer de klacht door Brussel is behandeld. Tegen die tijd is er misschien al helemaal geen conflict meer. Maar de uitkomst van de procedure in Brussel verschaft wel een basis voor eventuele schadeclaims.

Kawalec zegt dat zijn schade in de ,,tienduizenden euro's'' loopt. En hij loopt klandizie mis. ,,Ik word platgebeld door Nederlandse klanten'', zegt de rietdekker uit Slupsk.

,,In Nederland moet je doorgaans een jaar wachten op een rietdekker. Er zijn niet genoeg Nederlandse rietdekkers om aan de vraag te voldoen. En ze zijn duurder.'' Kawalec legt een dak voor 50 à 60 euro per vierkante meter. Dat scheelt nogal met een Nederlandse collega, die voor hetzelfde dak een tarief hanteert van 90 à 100 euro.