Suriname wil ook naar WK voetbal

Oranje maakt al decennia met succes gebruik van Surinaamse spelers. In het Zuid-Amerikaanse land zelf is het voetbal op sterven na dood. ,,Doodzonde dat Castelen voor Nederland speelt.''

Zodra Dennis Purperhart zich in Suriname meldt voor het nationale elftal wordt de voetballer van het Amsterdamse AFC steevast bevangen door trieste gevoelens. De 35-jarige Surinamer stelt zich al jaren met zijn hele ziel en zaligheid beschikbaar voor zijn land, maar de zo verlangde successen blijven uit.

Het Zuid-Amerikaanse land werd onlangs door Guatemala uitgeschakeld voor de WK-eindronde voetbal in 2006. Purperhart wil de hoop op een goede toekomst voor het Surinaamse voetbal niet opgeven. ,,Ik heb gedroomd dat we naar het WK van 2010 gaan'', stelt de aanvaller, die in het verleden bij onder meer Haarlem en RKC speelde.

Purperhart is één van de vele Surinamers die het voetbal in zijn geboorteland naar een hoger plan wil tillen. Maar tussen willen en kunnen blijkt een groot gat te gapen. In een bijeenkomst georganiseerd door de Sociëteit Olympisch Stadion probeerden tal van spelers, bestuurders, trainers en zaakwaarnemers gisteravond in Amsterdam de handen ineen te slaan. Na een paar uur kwamen de verschillende partijen tot de conclusie dat begonnen moet worden met het gedegen opleiden van Surinaamse jeugdspelers.

Will van Rhee, die namens de Nederlandse voetbalbond (KNVB) regelmatig naar Suriname gaat, bracht het plan naar voren om een nationaal elftal van jeugdspelers van onder de zeventien jaar te adopteren. Naar het voorbeeld van de Nederlandse volleybalselectie die volgens het zogeheten `Bankrasmodel' uit de competitie werden gehaald en jaren met elkaar trainden, denkt hij een succesvolle generatie klaar te kunnen stomen. Volgens het idee van Van Rhee zal een dergelijke selectie van de best mogelijke faciliteiten gebruik moeten kunnen maken. ,,Ik geloof erin dat Suriname naar het WK kan, maar ik zal eerder denken aan 2014 dan aan 2010'', zegt Van Rhee tegen het zaaltje met belangstellenden.

Volgens Van Rhee, die ook ambassadeur van de Surinaamse voetbalbond is, zal het plan `gedragen' moeten worden door de lokale voetbalbestuurders. ,,Het werkt alleen als de Surinaamse voetbalbond dit omarmt. Als ze dat doen kan het een interresant project zijn voor sponsors. Ik weet al een Nederlands bedrijf die zich hieraan zou willen verbinden. Als een dergelijke selectie succes gaat behalen dan komt er vanzelf meer los'', is de stellige overtuiging van Van Rhee. Voor het verwezelijken van de plannen zou zo'n 150.000 euro per jaar nodig zijn.

Verschillende topvoetballers met een Surinaamse achtergrond hebben aangegeven dat ze middelen beschikbaar zouden willen stellen voor projecten in Suriname. Daarbij willen de spelers echter wel de garantie dat de gelden goed beheerd worden. Voormalig profvoetballer Winnie Haatrecht bracht het idee naar voren om het loon van één dag af te staan, en dat te storten in een fonds dat door de KNVB beheerd zou worden. De oud-Ajacied kreeg de handen van veel toehoorders op elkaar. Van Rhee na afloop: ,,Een goed plan. Haatrecht is de eerste op mijn lijstje waar ik mee ga praten.''

Met het voornemen om via het opleiden van de jeugd succes af te dwingen, stemden de circa tachtig aanwezigen in. Maar volgens sommigen moet daarnaast het huidige nationale elftal zo snel mogelijk verstrekt worden. Profs als Kew Jaliens (AZ), Kurt Elshot (FC Groningen) en Steve Olfers (Excelsior) zouden niets liever willen dan net als Purperhart voor het Surinaams elftal te gaan spelen.

Probleem is echter dat deze drie voetballers in tegenstelling tot Purperhart over een Nederlands paspoort beschikken. Als ze voor Suriname uit willen komen zouden ze afstand moeten doen van het Nederlanderschap. Dan zouden ze voor clubs in de eredivisie vrijwel niet meer betaalbaar zijn omdat ze dan gelden als burgers van buiten de Europese Unie. Een oplossing lijkt niet voorhanden.

Toch heeft de 26-jarige Jaliens de hoop niet opgegeven. ,,Als ik niet in aanmerking kom voor het Nederlands elftal zou ik graag voor Suriname spelen. Ik heb hele sterke banden met dat land. Mijn familie woont er. Mijn oom is er trainer. Maar of het er ooit van komt weet ik niet. Ik ben blij dat veel mensen zich bezighouden met het Surinaamse voetbal. Maar eigenlijk moeten we niet te veel blijven praten. Het is tijd om iets te gaan doen.''

Purperhart zou niets liever willen dan de in Nederland actieve profs van Surinaamse komaf bij de nationale ploeg halen. Vooralsnog vormt hij samen met doelman Roël Tempo (Hollandia) en Dennis Bainoe (FC Doornik, België) een kleine groep van `Nederlandse Surinamers'.

Met lede ogen zag Purperhart dat spelers als Romeo Castelen, Romano Denneboom en Kevin Bobson nu voor het Nederlands elftal hebben gekozen. ,,Doodzonde dat Castelen voor Oranje speelt. Maar aan de andere kant moeten we er ook trots op zijn. Laten we hopen dat dergelijke spelers in de toekomst voor Suriname willen spelen. Ik ben altijd trots en zeer vereerd geweest om de kleuren van mijn land te mogen verdedigen. Goede voetballers zijn er in Suriname genoeg. Alleen hebben we mensen uit Nederland nodig die ons kunnen helpen om mijn droom uit te kunnen laten komen.''