Scheet

De avondspitstrein naar Culemborg. Vlak voor vertrek lopen de gangpaden vol. Een man leunt met zijn achterste tegen mijn bank. Opeens een geluid dat maar op één manier beschreven kan worden: als een knetterende scheet. In mijn coupé kijken we elkaar aan, toegeeflijk glimlachend. Ach ja, kan gebeuren. Ik denk nog even vertederd aan mijn ouders. Bij elk kanonschot schoot mijn moeder overeind en dan riep mijn vader: ,,Als je ze hoort dan ruik je ze niet.''

Deze ruikt wel.

De trein trekt op en de lucht ook. Maar vijf minuten later: de volgende aanval. Ik ben bijna verbaasd dat ik nog wat om me heen kan zien. Niemand snuift eens nadrukkelijk, niemand zegt iets. Bij het uitstappen kijk ik nog even achterom. Hij ziet er heel gewoon uit.