Oordeel Europese Commissie

Romano Prodi, de Italiaan die volgende maand vertrekt als voorzitter van de Europese Commissie, kwalificeerde het advies van zijn commissie over Turkije gisteren in een toelichting als ,,positief, maar voorzichtig'. Hij zei dat er nog een lange weg te gaan is voordat Turkije als volwaardig lid in de Europese Unie zal worden opgenomen en hij voorspelde dat de komende onderhandelingsfase ,,onvermijdelijk met spanning en moeilijkheden' gepaard zal gaan.

Europees Commissaris Günter Verheugen, die als beheerder van de portefeuille Uitbreiding de eerstverantwoordelijke is voor het advies, maakte gisteren op dezelfde persconferentie duidelijk dat er geen sprake kan zijn van een andersoortig lidmaatschap van de EU voor Turkije. ,,Het gaat maar om één optie, en dat is toetreding', aldus Verheugen. Hij noemde het besluit van gisteren één van de belangrijkste beslissingen van zijn periode als Europees Commissaris noemde. In de nieuwe Europese Commissie die op 1 november aantreedt zal Verheugen zich gaan bezighouden met industriebeleid.

Hier volgen de belangrijkste conclusies en aanbevelingen van de Europese Commissie.

Turkije heeft in eigen land voldoende vorderingen gemaakt op het terrein van democratie, rechtsstaat, mensenrechten en de bescherming van minderheden om de onderhandelingen over het lidmaatschap van de Europese unie te beginnen.

Permanent toezicht op de vorderingen van het hervormingsproces. De Europese Commissie zal hierover jaarlijks rapport uitbrengen aan de regeringsleiders van de Unie. De mate waarin de hervormingen worden doorgevoerd zullen het verloop van de onderhandelingen over toetreding bepalen.

Stopzetten van de onderhandelingen wanneer er sprake is van een serieuze en aanhoudende schending van fundamentele vrijheidsrechten. De regeringsleiders zullen met gekwalificeerde meerderheid kunnen besluiten.

De toetredingsonderhandelingen zelf zullen gevoerd worden volgens het principe van een intergouvernementele conferentie. Dit betekent dat besluiten alleen met unanimiteit kunnen worden genomen.

Bij de onderhandelingen over het aanpassen van de Turkse wetgeving aan de Europese zal pas aan een nieuw onderwerp (`hoofdstuk') worden begonnen als de eerder overeengekomen wijzigingen daadwerkelijk zijn ingevoerd.

Voor specifieke onderdelen, zoals landbouwsubsidies en structuurfondsen zullen speciale, goedkopere, regelingen worden getroffen die afwijken van het regime zoals dat geldt voor de huidige EU-landen.

Als Turkije eenmaal lid is van de Europese Unie kan een uitzonderingsbepaling voor het recht op vrij verkeer van personen worden overwogen.

Voordat Turkije toetreedt tot de Unie moet er duidelijkheid zijn over de begroting van de Unie voor de jaren na 2014.

Tijdens het onderhandelingsproces moet een politieke en culturele dialoog op gang worden gebracht tussen de huidige lidstaten van de Unie en Turkije.

De hervormingen in Turkije zullen voortgezet en verbreed moeten worden. Dit betekent onder andere een `zero-tolerance' beleid ten aanzien van martelingen en mishandeling.

Turkije moet meewerken aan het oplossen van de kwestie-Cyprus.

Turkije kan een belangrijk voorbeeld zijn van een overwegend islamitisch land waarin gehecht wordt aan fundamentele principes als vrijheid, democratie, mensenrechten en de rechtsstaat.

De economische gevolgen van het Turkse lidmaatschap van de Unie zullen relatief beperkt zijn, omdat er reeds sprake is van intensieve samenwerking tussen Turkije en de Europese Unie.

Er zal zal veel tijd nodig zijn om een aantal terreinen in de Turkse landbouw meer concurrerend te maken. In de veesector zullen belangrijke stappen moeten worden ondernomen om de gezondheid van dieren en de controle daarop te verbeteren.

De controle van de regering op de militairen is verstevigd. Desalniettemin blijven de strijdkrachten via talloze informele kanalen hun invloed uitoefenen in het land.

Hoewel Turkije sinds begin dit jaar lid is van het Europees samenwerkingsverband tegen corruptie, blijft dit verschijnsel een belangrijk probleem in nagenoeg alle sectoren van de economie en tevens bij de overheid.

Ten aanzien van godsdienstvrijheid is er nog altijd sprake van tegenwerking van andere religies dan de islam. Aanvullende wetgeving zou hier verandering in kunnen aanbrengen.

De positie van vrouwen stemt nog altijd niet tot tevredenheid. Discriminatie van en geweld tegen vrouwen blijven een belangrijk probleem. De aanpassingen van de strafwet kunnen bijdragen aan verandering.

Bulgarije en Roemenië kunnen in 2007 bij EU

In haar jaarlijkse beoordelingsrapport is de Europese Commissie gematigd optimistisch over Bulgarije en Roemenië. Voor het eerst noemt de Commissie 1 januari 2007 als datum waarop beide landen bij de EU zouden kunnen komen. Hiertonder volgen de belangrijkste conclusies en aanbevelingen ten aanzien van beide landen.

Bulgarije en Roemenië blijven voldoen aan de Kopenhagen-criteria, die betrekking hebben op (a) stabiliteit van instellingen die de democratie, de rechtsorde, de mensenrechten en het respect voor en de bescherming van minderheden waarborgen, (b) concurrentievermogen van de markteconomie, en (c) de competentie van het administratieve en bestuurlijke apparaat.

Bulgarije en Roemenië liggen op het terrein van politieke en economische hervormingen nog steeds achter bij de voormalige Warschaupact-landen die op 1 mei van dit jaar zijn toegetreden tot de Europese Unie (Estland, Letland, Litouwen, Polen, Hongarije, Tsjechië, Slowakije en Slovenië).

In beide landen zijn verbeteringen gewenst in de administratie van de overheid, het functioren van het rechtssysteem en de strijd tegen corruptie.

De onderhandelingen met Bulgarije en Roemenië zijn zó ver gevorderd, dat verwacht mag worden dat beide landen in janauri 2007 volledig lid van de Europese Unie kunnen worden. Met Bulgarije zijn de onderhandelingen over alle onderwerpen (`hoofdstukken') inmiddels ,,voorlopig afgesloten', terwijl met Roemenië de thema's staatssteun voor bedrijven, milieubescherming, justitieel apparaat en grenscontrole nog openstaan.

Mocht blijken dat de aanpassing van de wetgeving niet op tijd gereed is, dan zal de toetreding voor beide landen of één van beide landen met een jaar kunnen worden uitgesteld.

De Commissie verwelkomt nieuwe Roemeense wetgeving ten aanzien van de bescherming van kinderen en internationale adoptie.

De Commissie waardeert de inspanningen van Roemenië om de levensomstandigheden voor Roma in het land te verbeteren, maar waarschuwt dat discriminatie van de Roma-minderheid er nog wijdverbreid is.

Start overleg Kroatië in 2005

Kroatië, na Slovenië het tweede land uit de voormalige Republiek Joegoslavië dat dingt naar lidmaatschap van de Europese Unie, maakt volgens de Europese Commissie goede vorderingen. De belangrijkste opmerkingen zijn:

De toetredingsonderhandelingen met Kroatië kunnen volgend jaar beginnen. Er wordt geen datum genoemd wanneer het land volwaardig lid kan worden.

Belangrijk voor de voortgang in de onderhandelingen is de mate waarin Kroatië politieke hervormingen doorzet en weet samen te werken met het Joegoslavië-tribunaal bij het opsporen van oorlogsmisdadigers.

De onderhandelingen worden stopgezet als wordt geconstateerd dat er sprake is van een serieuze en aanhoudende schending van fundamentele vrijheidsrechten.

De aanpassing van de Kroatische wetgeving aan de Europese zal zeer nauwgezet worden gevolgd. Pas als wetgeving daadwerkelijk is aangepast kan over een volgend hoofdstuk onderhandeld worden.

www.nrc.nl:Rapport EC

Rectificatie / Gerectificeerd

Zuidoost-Europa

In het kaartje van Zuidoost-Europa boven het artikel Oordeel Europese Commissie (7 oktober, pagina 5) staat Wit-Rusland op de plaats waar Oekraïne ligt.