`Nu val je eerst binnen, en daarna zoek je bewijzen'

Het OM begint doorgaans pas een terreuronderzoek als er informatie van de veiligheidsdienst binnenkomt. Dat gaat veranderen.

Niemand vindt het prettig om zondagochtend om zeven uur uit bed gebeld te worden. Ook plaatsvervangend hoofdofficier Bart Nieuwenhuizen niet. Het overkwam hem ruim een week geleden. Bij het landelijk parket was een `ambtsbericht' van veiligheidsdienst AIVD binnengekomen, een officiële en dringende tip: in een woning aan de Utrechtse Bucheliusstraat liggen waarschijnlijk explosieven die mogelijk gebruikt gaan worden voor een aanslag.

,,Dan kun je je niet permitteren te wachten,'' zegt zijn baas, hoofdofficier Marc van Erve in het Rotterdamse kantoor van het landelijk parket, dat belast is met terrorismezaken: ,,Er is geen tijd voor onderzoek, je moet meteen in actie komen.''

Om half vier 's middags schoof Nieuwenhuizen aan bij de lokale `driehoek' in Utrecht die de crisis coördineert. Om zeven uur 's avonds deed de Nationale Recherche een inval in de Bucheliusstraat. De straat werd afgezet, een peloton ME'ers hield de wacht. En een arrestatieteam voerde een Marokkaans gezin geboeid en geblinddoekt naar buiten. Zoeken met honden en speciale apparatuur leverde niets op. In de woning werden geen explosieven gevonden. ,,En ze zijn er ook nooit geweest'', erkent Nieuwenhuizen, zo gevoelig is de apparatuur wel.

Twee dagen later werd het gezin vrijgelaten, ze zijn niet meer verdacht. En is iedereen boos: de buurt, de Marokkaanse gemeenschap, de burgemeester. Dit soort `lukrake acties' werkt stigmatiserend voor moslims, was de reactie. Van Erve en Niewenhuizen weten het, maar ze kunnen niet anders, zeggen ze. ,,In dergelijke situaties zijn de keuzes heel beperkt'', zegt Van Erve. ,,In een normaal onderzoek krijg je informatie, ga je die veredelen, analyseren, maak je er een projectje van, zeg je: laten we eens telefoons gaan tappen. Dit zijn onderzoeken op zijn kop. Eerst doe je een inval. Daarna ga je zoeken of je bewijzen kunt vinden.''

Vrijwel alle arrestaties op verdenking van terreur tot nu toe vonden plaats na een ambtsbericht van de AIVD. Die ambtsberichten kwamen, net als in Utrecht, meestal onverwacht. ,,Het is heel erg moeilijk de herkomst en de geloofwaardigheid van de informatie die je in een ambtsbericht krijgt te beoordelen'', zegt Nieuwenhuizen.

,,Het is een dilemma'', vult Van Erve aan. ,,Bij zo'n actie in Utrecht loop je het risico op een golf van publieke verontwaardiging. Maar de veiligheid van het land, en van de handelende politiemensen staat voorop.''

Dat risico op verontwaardiging bij terreurzaken loopt het OM ook in de rechtszaal, is gebleken. Vorig jaar werd het proces tegen twaalf vermeende rekruten en rekruteurs voor de jihad een fiasco. Alle verdachten werden vrijgesproken. De rechtbank maakte korte metten met de bewijzen, die justitie pas na de arrestaties kon gaan verzamelen. Explosieven is één ding, maar was in deze zaak geduldig rechercheren vooraf niet meer op zijn plaats geweest? Nee, zegt Nieuwenhuizen: ,,Volgens de AIVD stonden de rekruten op het punt van vertrekken. Als ik later zou horen dat ze een bom bij een politiebureau in Irak hadden geplaatst met vijftien doden, zou ik niet zo lekker slapen.''

Gefrustreerd over de beperkte resultaten van het terrorismeonderzoek zijn ze niet, zeggen ze, – ,,bij een magistraat past geen emotie'' – maar vervelend is de beeldvorming wel. Nieuwenhuizen: ,,Blunder, zeperd, dat soort woorden vliegen dan door de ruimte. Alsof zo'n zitting een wedstrijd is waarin je kunt winnen of verliezen.'' Van het OM hoeft niet iedereen achter de tralies. Het voorkómen van terroristische activiteiten is de belangrijkste doelstelling. Van Erve: ,,Bij een ontvoering ligt je prioriteit ook bij de vrijlating, pas daarna bij de arrestatie en berechting van de ontvoerder.''

Toch maakt de top van het landelijke parket zich ook zorgen over de beeldvorming die is ontstaan rond terrorismezaken. Van Erve: ,,Soms weet je ook wel dat een zaak een dubbeltje op zijn kant is, maar je moet handelen. We moeten er voor waken dat er niet een klimaat ontstaat dat officieren te voorzichtig worden vanwege de beeldvorming. Dat mag niet gebeuren. De veiligheid moet voorop blijven staan.''

Dat vindt de politiek ook. De afgelopen maanden passeerde een stroom aan nieuwe wet- en regelgeving op het gebied van terrorismebestrijding de Tweede Kamer. Het werven voor de jihad is tegenwoordig strafbaar, verdachte terroristen mogen straks langer worden vastgehouden. Verstrekkender nog is de wetswijziging die `samenspanning' met als doel het plegen van een terroristische aanslag verheft tot een strafbaar feit. Daarmee kan het OM optreden tegen potentiële terroristen nog voordat ze überhaupt de grondstoffen voor explosieven in huis hebben gehaald. ,,Als twee mannen over de telefoon tegen elkaar zeggen dat ze ergens een bom gaan leggen'', zegt Van Erve, ,,heb je genoeg voor een veroordeling.''

De nieuwe wetgeving is geen overbodige luxe, vinden de hoofdofficier en zijn plaatsvervanger. Neem de verlenging van de voorlopige hechtenis, zegt Van Erve: ,,Je hebt die tijd gewoon nódig om onderzoek te doen.'' Dat dit ook kan betekenen dat verdachten langer ten onrechte in de cel zitten, bezorgt het landelijk parket geen slapeloze nachten.

Van Erve en Nieuwenhuizen maken zich geen zorgen over de aantasting van de rechten van verdachten. ,,De inperkingen zijn te overzien'', zegt Nieuwenhuizen. ,,Wetgeving is niet iets statisch'', zegt zijn baas Van Erve: ,,maar heeft te maken met veranderingen in de maatschappij. In het licht van de huidige terreurdreiging kan dat betekenen dat we meer op veiligheid gaan zitten, en minder op de rechten van het individu.''

Toch: de officieren zouden graag van tevoren meer willen weten van de verdachten die zijn aangewezen door de AIVD. Van Erve en Nieuwenhuizen zijn enthousiast over de samenwerking tussen AIVD, politie, OM en de Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND), die sinds kort informatie over terroristische activiteiten delen in een CT (Contra Terrorisme-)-`infobox'. ,,Door informatie met elkaar te `matchen' weet je of er een mooi ambtsbericht van kan worden gemaakt en kun je veel eerder een beslissing nemen.''

Het landelijk parket wil niet alleen ,,wachten'' totdat dat ambtsbericht komt, zo zegt Van Erve. Binnenkort zal terrorisme waarschijnlijk officieel tot een `aandachtsgebied' van het landelijk parket (en dus van de nationale recherche) worden verklaard. Dat lijkt erg voor de hand te liggen, ruim drie jaar na de aanslagen van 11 september, maar dat is het niet. In het `nationaal dreigingsbeeld', een overzicht van de zware en georganiseerde criminaliteit dat in juli van dit jaar door de Dienst Nationale Recherche Informatie werd gepubliceerd, ontbreekt het trefwoord `terrorisme' nog.

In het volgende rapport zal dat anders zijn. Binnenkort zal minister Donner de `strategienota Nationale Recherche' van het landelijk parket naar de Kamer sturen. Daaruit zal naar de verwachting van het OM voortvloeien dat ongeveer 80 rechercheurs van de Nationale Recherche zich in plaats van drugszaken voortaan exclusief zullen bezig houden met `ideologische criminaliteit'. Daardoor, zegt Van Erve, kan het landelijk parket ,,veel intensiever'' dan nu werken aan het verbeteren van zijn informatiepositie. En kan het parket beslissen op eigen intitiatief een onderzoek te starten, in plaats van op zondagmorgen door de AIVD aan het werk te worden gezet. Plaatsvervangend hoofdofficier Bart Nieuwenhuizen verheugt zich erop.