`Beide hebben schuld'

De Amerikanen klagen over de directe subsidie voor het Europese Airbus. Die is zeker niet meer nodig nu Airbus meer winst maakt dan Boeing.

Een interview met Airbus-topman Forgeard in het Franse zakenblad Les Echos vorige week was voor de Amerikanen de druppel. Na maandenlang overleg tussen de handelscommissies van de Verenigde Staten en de Europese Unie om het conflict over de subsidiëring van de vliegtuigindustrie op te lossen, zei Forgeard doodleuk dat Airbus door zou gaan met het aantrekken van alle beschikbare overheidssteun bij de ontwikkeling van de A380, de concurrent van Boeings nieuwe jet 7E7. De Amerikanen vonden dit een gotspe en stapten gisteren naar de wereldhandelsorganisatie WTO om deze vorm van oneerlijke concurrentie aanhangig te maken.

Tenminste, dit is wat de Office of the US Trade Representative, het kantoor van handelscommissaris Zoellick, gisteren suggereerde in een uitgebreid persbericht om de antisubsidiezaak tegen de EU en Airbus toe te lichten. De argumenten zelf zijn genoegzaam bekend: Airbus zou in tegenstelling tot Boeing miljarden euro's aan launch aid ontvangen, ofwel directe steun van Europese overheden voor de ontwikkeling en productie van een nieuw vliegtuigmodel. Dat soort ontwikkelingssubsidie heeft het in de ogen van de Amerikanen absoluut niet meer nodig aangezien Airbus Boeing vorig jaar nota bene voorbij heeft gestreefd als grootste – en meest winstgevende – vliegtuigfabrikant ter wereld.

De subsidieklacht zwol dit jaar tot nieuwe hoogten aan omdat Airbus, aldus de Amerikanen, alweer nieuwe subsidies zou krijgen voor de A380, een gigajet met 550 stoelen die moet concurreren met de 7E7, die het niet zozeer van zijn grootte alswel van zijn lange afstanden en zuinige brandstofverbruik moet hebben. Zoellick begon onderhandelingen met de Europese Commissie om het bestaande akkoord uit 1992, waarin zekere subsidies werden toegestaan, aan te passen aan de nieuwe realiteit. Maar de Europeanen lagen dwars. Zij beweren al lange tijd dat de Amerikanen net zo goed Boeing steunen.

,,Deze zaak broeit al jaren'', zegt Brendan McGivern, WTO-advocaat bij het advocatenkantoor White & Case in Genève. ,,Het wordt een typisch geval van tit for tat.'' McGivern wijst op een eerdere zaak die Canada en Brazilië aanbrachten, en die uiteindelijk beide werden gesommeerd hun subsidies op te schorten. McGivern vindt het nog te vroeg om een winnaar aan te wijzen. ,,,Advocaten zullen heel veel papierwerk produceren om bewijs te leveren voor de diverse vormen van overheidssteun'', zegt hij.

Op het eerste gezicht lijken de Amerikanen gemakkelijker te kunnen aantonen dat Airbus oneerlijke subsidies ontvangt dan andersom, omdat het in Europa direct en onomwonden gebeurt door de diverse betrokken overheden, en in de VS via allerlei omwegen. ,,Defensiecontracten zijn geen subsidie'', zo stelt Zoellick bijvoorbeeld. Bovendien, Airbus zou inmiddels 100 miljoen dollar meer aan defensiecontracten hebben dan Boeing.

,,De timing van deze zaak is verdacht'', zegt Dan Griswold, econoom verbonden aan het Cato Instituut, een liberale denktank in Washington. ,,De kwestie speelt al jaren, en beide partijen dragen schuld. Het kan niet anders of de regering-Bush wil hiermee een punt scoren bij kiezers in een swingstate als Washington.'' In een swingstate is nog onduidelijk of Bush of Kerry gaat winnen.