De mislukte Leviathan

De 2.500 Poolse soldaten die op het ogenblik in Irak zijn, gaan volgend jaar naar huis. Dat heeft president Kwasniewski het volk beloofd. Polen werd beschouwd als een van de trouwste bondgenoten van deze Amerikaanse regering. Het veranderde nadat de paus zich tegen de oorlog had verklaard. Intussen zijn zeventien Poolse soldaten gesneuveld. Hun commandanten hebben geen goede ervaringen met het Amerikaanse opperbevel. ,,Zelden zijn we geraadpleegd. De Amerikanen hebben aan onze denkbeelden nauwelijks aandacht besteed'', zei een ambtenaar van het ministerie van Defensie tegen de International Herald Tribune. Uit enquêtes blijkt dat 80 procent de troepen zo vlug mogelijk terug wil halen.

Over drie dagen worden in Australië verkiezingen gehouden. Als die door de oppositie worden gewonnen, komen ook de Australische soldaten zo vlug mogelijk naar huis. De Spanjaarden zijn al teruggehaald, nadat de socialist José Zapatero de verkiezingen had gewonnen. Duitsland, Frankrijk en België zijn altijd tegen de oorlog geweest. Minister Kamp heeft gezegd dat de Nederlanders in het voorjaar terugkomen. De termijn zal in principe niet worden verlengd.

Uit een enquête van het Veteraneninstituut blijkt dat in Nederland 44 procent de militaire missie steunt en dat 41 procent tegen is. Dat zijn verhoudingsgewijs cijfers waarover Washington nog tevreden kan zijn. Misschien hangt deze uitslag samen met het feit dat 70 procent vindt dat de Nederlandse soldaten hun werk ,,goed tot zeer goed'' doen. In hun gebied is het naar verhouding paradijselijk rustig.

Uit een en ander blijkt dat het thuisfront van de Coalition of the willing uit elkaar valt. Dat wordt verder bevestigd door wat er in de NAVO gebeurt. De organisatie heeft besloten dat ze een rol kan spelen bij de training van het Iraakse leger. Maar hoe? Met 200 instructeurs zoals vorige maand in Brussel is overeengekomen? Of met 3.000, zoals de Amerikaanse opperbevelhebber generaal Jones het zich voorstelt? In ieder geval niet op Iraaks grondgebied, want dat willen de Duitsers en de Fransen niet. Er moet een volstrekte garantie zijn dat personeel van de NAVO niet in de gevechten ter plaatse zal worden betrokken.

In de Koude Oorlog zijn er grote conflicten tussen Europa en de Verenigde Staten geweest. Na de ontbinding van de Sovjet-Unie heeft het Westen in zijn geheel het Joegoslavische probleem niet kunnen oplossen, wat binnen acht jaar door burgeroorlogen in Europa aan tweehonderdduizend mensen het leven heeft gekost. Amerikaanse bombardementen, van grote hoogte uitgevoerd, hebben aan dat Europees schandaal een dubieus einde gemaakt. Een paar hoofdschuldigen, Radovan Karadic en Ratko Mladic, zijn nog steeds onvindbaar. Dit schandaal duurt dus nog voort. Maar hoe diep ieder conflict tussen Amerika en Europa van het begin van de Koude Oorlog tot de eeuwwisseling ook is geweest, het is altijd oplosbaar gebleken. Telkens hebben diplomatie en het besef van verwantschap en wederzijdse afhankelijkheid het van de verbittering gewonnen. Nooit ging het over de vraag wie `de machtigste' was, en welk verband er moest worden gelegd tussen macht en gelijk hebben, of legitimiteit.

Dat probleem heeft pas bij het aantreden van deze Amerikaanse regering zijn intrede gedaan.

Het neoconservatieve wereldbeeld, al tientallen jaren in ontwikkeling, had zijn uitvoerders gekregen. Dat was al voor 11 september 2001 duidelijk geworden. Daarna heeft het, niet met de oorlog tegen de Talibaan in Afghanistan, maar met Irak zijn reusachtig formaat gekregen.

Irak is het bewijs van de neoconservatieve vergissing: dat met het ontplooien van macht, als die maar groot genoeg is, en in het openbaar gedekt door goede bedoelingen, iedere vijand wordt verslagen, alle vrienden in het gelid gecommandeerd, en dat dan de rest vanzelf komt.

Robert Kagan, neoconservatief denker en politicus, schrijver van het indertijd geruchtmakende essay Of Paradise and Power, heeft begin dit jaar daarop een aanvulling geschreven: America's Crisis of Legitimacy. Helder en prikkelend en gebaseerd op dezelfde halve vergissing. Europa vertrouwt op een Kantiaans wereldbeeld waarin internationaal recht en internationale organisaties de beste waarborg zijn voor de wereldorde. Amerika weet dat Hobbes gelijk heeft. Want het laatste woord wordt gesproken door de machtigste. Ten slotte gaat het hem om de verklaring en rechtvaardiging van de oorlog tegen Irak. Amerika blijft het gelijk aan zijn kant houden. Maar door de legitimiteit te verwaarlozen, door unilateralistisch op te treden (zij het met een paar trouwe vrienden), hebben de VS de zaak van de liberale democratie geen goed gedaan. Het bewind van Bush had zich, in eigen land en daarbuiten, van een ruimere steun, en dus van legitimiteit, moeten verzekeren.

Het anti-Amerikanisme verklaart Kagan dan vooral uit het overheersend gevoel in Europa dat men hier de greep op Washington verloren heeft. Met andere woorden: de invasie zelf was wel in orde, maar met de Amerikaanse diplomatie die eraan vooraf is gegaan, had het aanmerkelijk beter gekund. Nu, schrijft hij, houden `veel' Europeanen er rekening mee dat de gevaren uit de `As van het Kwaad' wel eens geringer zouden kunnen zijn dan die van de ontketende Amerikaanse Leviathan. Dit zijn voor hem de lessen van Irak.

Mij lijkt dit onzin. De werkelijke les van Irak is dat daar, gerechtvaardigd met de zwaarste motieven die misleidingen waren, de oorlog tegen de verkeerde vijand is begonnen, en dat als gevolg daarvan Amerika's trouwste vrienden de president niet meer vertrouwen, de moed in de onderneming allang hebben verloren en op eigen gelegenheid de weg naar de uitgang zoeken, terwijl op z'n minst de helft van de Amerikaanse kiezers hetzelfde doet.

Met de macht van Amerika kan en moet Europa leven. Ons probleem is de wanhopig worstelende, mislukkende Leviathan.