Aannemers krijgen van NMa kans op strafvermindering

De Nederlandse Mededingingsautoriteit (NMa) biedt bouwbedrijven strafvermindering aan als zij de aan de NMa verstrekte gegevens over bouwfraude laten doorgeleiden aan de Belastingdienst. Op die manier hoopt de NMa bedrijven te bewegen mee te werken aan een onderzoek van de fiscus naar de boekhoudingen van de bedrijven.

Het kabinet besloot onlangs dat de NMa niet verplicht is de gegevens aan de fiscus door te geven, omdat de NMa de gegevens (in totaal 473 zaken) van de bedrijven heeft gekregen in het kader van de Mededingingswet. Het kabinet erkent dat dat in strijd is met de Algemene wet inzake rijksbelastingen, die overheidsdiensten juist verplicht om gegevens te verschaffen aan de fiscus. Over de verhouding tussen beide wetten voert het kabinet nu een analyse uit, maar tot die tijd hoeft de NMa de gegevens niet te verstrekken.

De NMa wil echter wel meewerken aan het verzoek van de fiscus, zo blijkt. In een brief van directeur-generaal Kalbfleisch van de NMa aan betrokken bouwbedrijven schrijft hij dat de NMa toestemming nodig heeft van de bedrijven zelf om de gegevens aan de fiscus te kunnen geven. Reageren de bedrijven niet, dan wordt de informatie niet doorgeleid; geven ze wel toestemming, dan gaat de informatie wel naar de fiscus en kunnen de bedrijven op een lagere sanctie van de NMa rekenen. Het betreft bedrijven die hun informatie vrijwillig aan de NMa hebben gegeven en die op basis van de zogenoemde clementieregeling ook al strafvermindering toegezegd hebben gekregen.

Vanavond debateert de Kamer over het uitwisselen van gegevens tussen de NMa en de Belastingdienst. Staatssecretaris Wijn (Financiën) en minister Brinkhorst (Economische Zaken) verschillen van mening over die uitwisseling, zo melden ingewijden. Brinkhorst wil de gegevens niet verstrekken, Wijn wil ze wel hebben. De fiscus wil de gegevens gebruiken om de bouwbedrijven alsnog een aanslag op te leggen, ook voor de delen van de schaduwboekhouding die tot nu toe niet bij haar bekend waren.