Niet besneden? Dan geen echte jongen

Kamerlid Hirsi Ali wil ook besnijdenis bij jongens verbieden. Duizenden jaren geleden werden Egyptische jongens al besneden. Joden en moslims doen het om religieuze redenen.

Zelf vindt hij het verschrikkelijk, zegt Josef Gottlieb. Maar zijn vrouw stond erop. En ook vanuit zijn familie voelde hij de druk om zijn zoontje Michael te laten besnijden. Dus deed hij het maar. Zal zijn zoon het hem later verwijten? Gottlieb weet het niet. ,,Maar hij zou er best wel eens net zo ongelukkig mee kunnen zijn als ik met mijn eigen besnijdenis.''

Maviye Karaman maakte een andere keus: zij besloot haar twee inmiddels volwassen zonen niet te laten besnijden. Het heeft uit haar omgeving tot heel wat vragen en nare opmerkingen geleid. Toch hield zij voet bij stuk. Verminking van lichaamsonderdelen, zoals ze besnijdenis ziet, in naam van religie en traditie, heeft zij altijd al een misdrijf gevonden. ,,Niemand heeft het recht om een ander te verminken, ook de ouders niet.''

Jongensbesnijdenis is een eeuwenoude traditie. De faraonische Egyptenaar besneed zijn zoontje al, zo blijkt uit de oudst bekende afbeelding van jongensbesnijdenis, een Egyptisch reliëf uit 2420 voor Christus. Hij zou geïnspireerd zijn door de besneden penissen van Nubische slaven. Nu wil Tweede-Kamerlid Hirsi Ali dit duizenden jaren oud gebruik verbieden. Waar heeft ze het eigenlijk over?

Jongensbesnijdenis is zeker niet ongebruikelijk. Schattingen van het aantal besneden mannen lopen uiteen van een zevende tot een kwart van de mannelijke wereldbevolking, voor het merendeel moslims.

Er zijn ruwweg twee motieven voor jongensbesnijdenis te onderscheiden: religieus/traditionele en medisch/hygiënische. In Nederland komen naar schatting zo'n vijftienduizend tot twintigduizend gevallen per jaar voor, bijna geheel religieus gemotiveerd.

Besnijdenis om religieuze redenen komt vooral voor bij joden en moslims. Moslims besnijden hun zoontjes op advies van Mohammed. Hij noemde – volgens de sunna, het na te volgen gedrag van de profeet – een besneden penis hygiënischer, gezonder en mooier dan de onbesneden variant. Afhankelijk van de etnische achtergrond gebeurt besnijding onder moslims meestal vanaf het eerste tot het tiende levensjaar.

Volgens de joodse traditie bevestigt het afsnijden van de voorhuid het verbond dat Abraham ooit met God sloot. Abraham zelf bracht dit offer toen hij al vrij oud was, tegenwoordig verliezen joodse jongetjes hun voorhuid als ze acht dagen oud zijn. Sommigen denken dat Mozes de traditie meenam toen de joden uit Egypte vluchtten. Een traditionele besnijdenis gebeurt meestal thuis of in de synagoge door een zogenoemde mohel, een rituele besnijder.

Traditiegebonden besnijdenis komt ook voor bij bijvoorbeeld verschillende Afrikaanse stammen, waar het deel uitmaakt van initiatieriten. De procedure, die dan meestal tussen het tiende en vijftiende levensjaar plaatsvindt, vaak zonder enige medische begeleiding, markeert vaak een overgang, bijvoorbeeld naar de puberteit.

Besnijdenis om medisch-hygiënische redenen vindt voornamelijk plaats in Angelsaksische landen. De opkomst van besnijdenis in die landen lijkt, zo blijkt uit historisch onderzoek, te zijn ontstaan toen de procedure aan het begin van de twintigste eeuw populariteit kreeg als een probaat middel tegen `zelfmisbruik' (lees masturbatie). De voorhuid is tenslotte een van de belangrijkste erogene zones van de man.

Tegenwoordig voeren voorstanders van besnijdenis vooral een betere hygiëne aan als reden om jongetjes te besnijden. Zo bestond bijvoorbeeld de gedachte dat smegma, dat zich onder een ongewassen voorhuid kan ophopen, kankerverwekkend is. Overigens kan deze preventieve therapeutische onderbouwing van jongensbesnijdenis in de medische wereld op steeds minder steun rekenen, zo blijkt uit verklaringen van verenigingen voor kinderartsen in onder meer Australië, het Verenigd Koninkrijk en Canada, maar ook in Amerika. In deze landen, waar besnijdenis ook routine was, is de procedure al een tijdje op zijn retour.

Van de westerse landen komt besnijdenis in de Verenigde Staten nog het vaakst voor: meer dan de helft van de mannen wordt daar besneden (negentig procent daarvan om niet-religieuze redenen). Het idee was zelfs een exportproduct. Sinds de Amerikaanse militaire aanwezigheid in Zuid-Korea is jongensbesnijdenis daar algemeen gebruik. Toch lijkt ook in de VS het tij te keren: in 1971 werd nog negentig procent van de jongens besneden.

Dat de besnijdenis niet zonder risico is, blijkt wel uit een joodse wet die aangeeft dat ouders die drie zoons door besnijdenis hebben verloren, hun vierde niet aan dezelfde behandeling hoeven te onderwerpen.

Uit onderzoeken naar complicaties bij jongensbesnijdenis blijkt dat tussen de dertien en vijftig procent van besneden mannen na de behandeling lichte tot ernstige complicaties krijgt. Die bestaan onder meer uit bloedingen, ontsteking van littekenweefsel en problemen met urineren. Maar ook psychische problemen op latere leeftijd zijn gedocumenteerd.

Hoewel de medische wereld zich langzaam lijkt af te keren van `preventieve' jongensbesnijding zonder medische indicatie, blijft de roep van traditie en cultuur sterk. Dat blijkt ook uit redenen die ouders volgens verschillende onderzoeken opgeven om hun zoon te laten besnijden: familiedruk, op andere jongens lijken, zoals de vader zijn.

,,Sommige familieleden begrepen het niet. En kinderen riepen op het strand tijdens de vakanties dat mijn zonen geen echte jongens waren want niet besneden'' vertelt Karaman, afkomstig uit Turkije en ,,religieloos''. Toch is ze ervan overtuigd dat het afzweren van de besnijdenis de juiste beslissing was. Dat vinden haar zoons nu ook.

Karaman kan nog begrijpen dat mensen handelen vanuit richtlijnen van hun religie. Maar, zegt ze, er zijn er ook velen die hun zonen laten besnijden ,,omdat het gewoon hoort bij hun cultuur en traditie''. Tegen hen zegt Karaman: ,,Doe het dan vooral niet, anders doorbreek je de zinloze traditie nooit.''