Markante silhouetten in vroeg werk Roger Raveel

Een witte duif met rode oogjes zit in een kooitje tegen een wit vlak in het schilderij Nederhof met levende duif (1962-1963). Het diertje beweegt zenuwachtig voor de kleurvlakken, vegen en witte banen die het doek vullen. Ze zijn abstract, maar hebben toch ook iets herkenbaars: rechts lijkt een pad te lopen langs een grasveld. Dit werk vertoont de elementen waaraan je werk van Roger Raveel (1921) herkent: witte vierkanten, objecten aan het doek gemonteerd en abstractie in combinatie met figuratie.

Raveel schildert in heldere kleuren stillevens, maar ook menselijke gestalten in een met nadrukkelijke lijnen neergezette omgeving. Hij schilderde ook abstracte doeken met titels als Tuin met veel wit, of Zonder titel (Over een mens en over een schilderij). Samen met het Raveelmuseum in Machelen aan de Leie heeft het Cobramuseum een keuze gemaakt uit het vroege werk. Deze periode loopt van 1948, het jaar waarop hij de kunstacademie in Gent verliet, tot eind jaren zestig.

Raveel wordt samen met Nederlandse schilders als Reinier Lucassen en Alphons Freymuth gerekend tot de `nieuwe figuratie', de Europese tegenhanger van de Amerikaanse popart. Naar eigen zeggen was Raveel echter de Amerikaanse popartkunstenaars voor met het toevoegen van gevonden objecten op doek, zoals een stuk wapperend gordijn in Het Gordijntje.

Hoe een reëel object het geschilderde beeld beïnvloedt, zie je in Herinnering aan het Sterfbed van mijn moeder (1965). Een beddenpoot, afkomstig van het sterfbed van zijn moeder, combineert Raveel met zijn geschilderde moeder op haar sterfbed – slechts een profiellijn en een hand in een vaalwitte mist. De houten poot staat in scherp contrast met de bijna verdwenen gestalte en lijkt de herinnering ervan te behoeden om op te gaan in het niets. De toegevoegde objecten zorgen ervoor dat de geschilderde ruimte buiten het doek doorloopt.

Veel van Raveels vroege werk heeft te maken met zijn leven in Machelen, het Vlaamse boerendorpje waar de kunstenaar altijd is blijven wonen. De stillevens met koffiekannen, een boer in zijn tuin, alle zijn ze terug te voeren op zijn omgeving.

De figuren op zijn doeken zijn bezige figuren, maar soms kijken ze stil voor zich uit. Raveels mannen lijken onpersoonlijk door het ontbreken van een herkenbaar gelaat, maar door hun houding geven ze iets prijs van de zwaarte van hun bestaan. Soms zijn het stevig omlijnde witte silhouetten, een soort universeel mensbeeld waar iedereen zijn eigen ideeën op kan projecteren. Letterlijk biedt Raveel die gelegenheid als hij spiegels opneemt in zijn schilderijen. De spiegel in Alleen op de Koer uit 1967 weerkaatst de toeschouwer, die zo terechtkomt op de door Raveel geschilderde binnenplaats. De witte vierkanten waarmee zijn werk doorspekt is, doen hetzelfde. Ze bieden de toeschouwer de ruimte om een eigen invulling te geven aan het vlak.

Volgens het museum is Raveels vroege werk minder bekend. Zijn signatuur is echter al zo duidelijk aanwezig op de schilderijen uit zijn beginperiode, dat de verder weinig verrassende expositie vooral laat zien hoe de schilder in de loop van de decennia trouw is gebleven aan zijn eigen beeldtaal.

Tentoonstelling: De Wonderlijke Wereld van Roger Raveel – het vroege werk. T/m 5 dec in het Cobramuseum, Willem Sandbergplein 1, Amstelveen. Di t/m zo 11-17u. Inl. 020-5475050 of www.cobra-museum.nl