Coalitie uiterlijk onbewogen onder druk oppositie

,,Wij gaan niet overstag'', zei VVD'er Van Aartsen over de demonstratie van zaterdag. Het is de vraag hoe lang de hele coalitie dat vindt.

Na de vakbondsdemonstratie van dit weekeinde, met meer dan 200.000 mensen, volgt wellicht (in het voorjaar van 2005) een nog massaler protest tegen het kabinetsbeleid. Dat is althans de hoop van de verzamelde oppositie (PvdA, GroenLinks, SP en waarschijnlijk ook de LPF) die wederom samenwerking heeft gezocht met de vakbeweging (FNV, CNV en MHP) met als doel een referendum te organiseren om de op handen zijnde wet prepensioen en levensloop te torpederen.

Als het de oppositie lukt het referendum te organiseren, hebben in elk geval 600.000 mensen hun handtekening gezet om dat mogelijk te maken. En als het referendum daadwerkelijk wordt gehouden, kunnen miljoenen mensen een stem uitbrengen.

Maar eerst moet de wet over prepensioen en levensloop nog op tijd door de Kamer worden behandeld. Als dat niet voor 1 januari gebeurt, kán er niet eens een referendum over gehouden worden, omdat de tijdelijke referendumwet per 1 januari 2005 wordt ingetrokken. Door nu al frontaal de aanval te openen én de publiciteit te kiezen, hopen de tegenstanders van het kabinetsbeleid de druk op de coalitie en het ambtelijke apparaat te vergroten de prepensioenwet in ieder geval voor 1 januari af te ronden.

De reactie van de coalitiepartijen op het principeakkoord dat oppositie en vakbeweging gisteren bereikte, was echter helder. ,,De VVD gaat niet overstag bij het eerste zuchtje tegenwind'', zei fractievoorzitter Van Aartsen gisteravond. D66-fractievoorzitter Dittrich zei vanmorgen dat zijn partij het kabinetsbeleid blijft steunen. En ook het CDA staat vierkant achter de doelstellingen van het kabinet.

De vraag is hoe lang die eensgezindheid standhoudt als het verzet tegen het beleid aanhoudt. Formeel hebben oppositie en vakbeweging weinig ruimte om nog iets aan het beleid te veranderen zolang de coalitie de rijen gesloten weet te houden. Vorige week keurde de Kamer de door het kabinet ingeslagen weg op hoofdlijnen goed bij de politieke beschouwingen. Deze week zijn de financiële beschouwingen, de laatste mogelijkheid om tussen begrotingen te schuiven. Daarna is het in principe afgelopen, zo laten de coalitiepartijen niet na te benadrukken. Ook een eventuele afwijzing van de prepensioenwet in een referendum kan het kabinet nog naast zich neerleggen, omdat het referendum niet bindend is. Dan moeten het kabinet en de coalitie echter ingaan tegen de wens van mogelijk zeer veel tegenstemmers, en dat is electoraal een onaantrekkelijk scenario.

Toch is draagvlak voor het beleid ook voor de coalitie van wezenlijk belang, zo liet CDA-fractievoorzitter Verhagen vorige week al weten. Het coalitiepakket dat hij bij de algemene beschouwingen indiende (voornamelijk bedoeld om het grijze kenteken overeind te houden en een kleine aanpassing te doen op de prepensioenen en de bezuinigingen op het hoger onderwijs) was dan ook bedoeld ter verbreding van dat draagvlak, zei hij. Dat pakket moest de vakbeweging als een handreiking zien.

Van Aartsen lijkt tot nu toe het meest recht in de leer. Hij blijft onverstoorbaar in zijn diskwalificatie van de vakbeweging en haar leiders. De Waal zou volgens Van Aartsen nog ,,high'' zijn van de demonstratie en daardoor niet helder kunnen denken. De vakbeweging laat haar oren te veel hangen naar de achterban en wil geen rekening houden met de belangen van volgende generaties, aldus de VVD'er.

Maar het overige deel van de coalitie is minder doof voor de protesten. Dat uitgerekend Boris Dittrich als eerste voor een bemiddelaar pleitte, verraste CDA en VVD enigszins. De uitlatingen van met name financieel woordvoerder Bert Bakker (D66) en minister Brinkhorst (Economische Zaken, D66) hadden tot dan toe de koers van de sociaal-liberalen bepaald. Die was zo mogelijk nog harder dan die van de VVD. De uitlatingen van Dittrich leidden er echter direct toe dat SER-voorzitter Herman Wijffels als potentiële bemiddelaar in beeld kwam.

D66 zit nog met een ander probleem: de partij is altijd voorstander geweest van referenda, een van de kroonjuwelen van D66. Nu het er eindelijk een keer van lijkt te gaan komen, zal het hen veel moeite kosten dit initiatief af te wijzen. D66 stemde vorige week, in tegenstelling tot afspraken in het regeerakkoord, al mee met de oppositie om de tijdelijke referendumwet overeind te houden. Het was aan ChristenUnie en SGP te danken dat de overige twee coalitiepartners de referendumwet alsnog per 1 januari 2005 afgeschaft kregen.

Ook bij het CDA zegt men voor overleg met de sociale partners te zijn. ,,De vakbeweging is van dat overleg weggelopen, maar de deur staat wat ons betreft nog open'', aldus een woordvoerder van de fractie. Feit is dat de vakbonden na de demonstratie met meer vertrouwen aan de onderhandelingstafel zullen zitten dan in het voorjaar, is volgens het CDA alleen maar goed. ,,Het is beter onderhandelen met mensen die zelfvertrouwen hebben'', zegt een CDA'er. Volgens het CDA moet niet de hele discussie over VUT en prepensioen worden overgedaan. Maar binnen het dossier is nog voldoende ruimte voor aanpassingen. Het kabinet moet met ,,een open oor'' luisteren naar wat de vakbeweging wil, vinden de christen-democraten, en zo mogelijk weer om de tafel gaan. Daarbij kan ook ingezet worden op betere regelingen voor bijvoorbeeld onderwijs, scholing en kinderopvang. ,,Je hoeft geen genie te zijn om te zien dat daar eventueel ruimte zit'', aldus een betrokkene.

Het kan de oppositie intussen allemaal weinig schelen. Die probeert de druk verder op te voeren. Als de coalitiepartijen onder druk van een demonstratie of een dreigend referendum zelf bereid zijn de plannen in de Kamer aan te passen, is het doel immers ook bereikt.