Annan: in Darfur geen vooruitgang

VN-chef Kofi Annan heeft gisteren in een rapport aan de VN-Veiligheidsraad gemeld dat de Soedanese regering ,,geen verdere vooruitgang'' heeft geboekt bij de aanpak van de crisis in de westelijke regio Darfur. Volgens Annan doet de regering nog steeds te weinig aan het stopzetten van het geweld van Arabische milities tegen de zwarte Afrikaanse bevolking.

Het geweld heeft inmiddels aan meer dan 50.000 mensen het leven gekost en 1,4 miljoen mensen op de vlucht gejaagd. ,,Nog steeds worden groeiende aantallen burgers in Darfur blootgesteld aan honger, angst en geweld'', schrijft Annan in zijn rapport. ,,De aantallen die de dupe zijn van het conflict groeien en hun lijden wordt verlengd door gebrek aan actie. In een aanzienlijk deel van het gebied is de veiligheidssituatie verslechterd.''

In een eerder rapport aan de raad sprak Annan van ,,enige vooruigang'', maar die is niet doorgezet, meldt hij nu. De Veiligheidsraad kreeg zijn rapport gisteravond voordat Annans gezant voor Soedan, Jan Pronk, vandaag verslag uitbrengt aan de Veiligheidsraad. De Britse ambassadeur Emyr Jones Parry verwacht geen nieuwe VN-resolutie.

De Veiligheidsraad nam vorige maand een resolutie aan, waarin de raad Soedan dreigt met oliesancties, als de regering niet ingrijpt, zonder overigens een deadline te noemen. De raad riep daarin ook op tot een versterking van de waarnemersmissie van de Afrikaanse Unie, die actief moet proberen aanvallen te voorkomen en zou moeten bemiddelen.

Vorige week liet de Nigeriaanse president Obasanjo weten dat de Afrikaanse Unie snel 5.000 man zou kunnen mobiliseren, maar hiervoor honderden miljoenen dollars nodig heeft. Nu heeft de AU 68 waarnemers in Darfur, beveiligd door 308 soldaten.