Luctor Ponse

,,Luctor Ponse was pianist, maar zijn muzikale fantasie ging verder dan wat de instrumenten hem boden, hij wilde dóórzoeken. Daarom gebruikte hij in veel van zijn composities elektronische geluiden als toevoeging: alléén basklarinet en piano, alléén klavecimbel was voor hem niet genoeg. Als uitvoerder vind ik het fascinerend om te zien hoe ver die fantasie kan gaan. De componist zoekt meestal verder dan de uitvoerend kunstenaar, en in het geval van Ponse, die een hele goede pianist was, zijn beide instanties in één persoon verenigd.''

Deze maand is het negentig jaar geleden dat Luctor Ponse (1914-1998) werd geboren. In zijn hoogtijdagen was Ponse een concertpianist met internationale uitstraling, een warm pleitbezorger van het moderne repertoire, hij introduceerde het werk van Bartók in Nederland. Als componist liet Ponse een oeuvre na van 74 instrumentale, elektronische en elektro-akoestische composities. Ponse's werk wordt nog maar weinig uitgevoerd. Pianiste Marja Bon, die de muziek van Ponse pas na zijn dood leerde kennen, treedt op tijdens het Jubileumconcert dat de Stichting Werk Luctor Ponse organiseert, met o.a. de première van een Toccata voor klavecimbel (1985).

,,Het is bijzonder om de persoonlijke ontwikkeling van een componist te zien. Daarom speel ik met cellist Hans Woudenberg ook de Cellosonate uit 1943, die laat horen hoe Ponse in zijn jonge jaren is begonnen. In de andere werken blijkt dan duidelijk hoe hij een eigen taal heeft ontwikkeld en hoe interessant die ontwikkeling is, juist door de combinatie van traditionele elementen met het zoekende van de elektronica, zoals in die klavecimbeltoccata. Ik geloof dat het niet anders kan dan dat Ponse's instrumentale componeren ook is beïnvloed door zijn ervaringen met de elektronica.

,,Bij het spelen met een tape met elektronische klanken, zoals in de Sonate voor basklarinet, piano en tape uit 1981, word je totaal vastgezet. Je moet aan het ritme van de tape gehoorzamen en dat is meedogenloos, als een metronoom. Maar we hebben toch een manier gevonden om daar met ontzettend veel plezier aan te werken. Door eindeloos mee te spelen en te herhalen, leer je zelfs de timing van zoiets mechanisch als de tape. Die tape ís geen metronomisch gegeven, het is een klankgegeven dat het geheel verrijkt. Als je gelooft in die verrijking ga jij bij die tape passen, alsof die tape bij jou gaat passen. Er ontstaat een eenheid.

,,Als je een componist persoonlijk kent, heeft dat grote invloed op je affectie voor zijn muziek. Met het werk van mijn broer, de componist Willem Frederik Bon, heb ik bijvoorbeeld een sterke affiniteit, omdat ik hóór wat hij zegt. Hij heeft me muzikaal immers gemáákt. Bij Ponse heb ik die kennis veroverd vanuit de partituur. Maar het beeld dat je van iemand krijgt door zijn muziek, blijkt achteraf meestal toch te kloppen.

,,In mijn ogen had Luctor Ponse als persoon altijd iets stugs, iets cynisch, in de trant van `laat me met rust, ik wil componeren'. Toen ik zijn muziek begon te spelen, heb ik dat daardoor in het begin ook heel stug aangepakt. Ik had een soort rigiditeit: `ik moet doen wat er stáát, het staat zó onder elkaar'. Toen ik een opname van zijn eigen spel hoorde, was dat een schok: Ponse bleek een hele lieve man, een man die ádemt en die waanzinnig leeft in zijn uitvoering.

``Vanaf dat moment veranderde mijn houding volledig: `pak die vrijheid van interpreteren en vertel je verhaal'. Dat zie ik nu ook in zijn foto. Ik kende zijn stugge gezicht, maar hier zie je die glimlach. Samen met het luisteren naar zijn muziek, zoals híj die zo levendig speelde, heeft dat mij inzicht gegeven in de man achter het stugge. Dat heeft mij enorme vrijheid gegeven. Het mag. Ga je gang.''

Jubileumconcert Luctor Ponse: 12/10 Amstelkerk, Amsterdam. Res.: (020) 6235668. Inf.: www.luctorponse.com