Iran wacht grote privatiseringsronde

Iran staat een grootschalige privatiseringsronde te wachten. Vrijwel alle sectoren van de Iraanse economie die nu nog in staatshanden zijn, worden overgedragen aan de publieke sector. Voor buitenlandse investeerders blijven echter forse obstakels.

De privatisering is mogelijk geworden nadat de hoge arbitrage-instantie `Raad ter Onderscheiding van het Beste' zaterdag heeft besloten dat alle sectoren hiervoor in aanmerking komen, behalve olie en gas. De raad heeft het laatste woord in geschillen tussen overheids- en wetgevende organen.

Sinds de islamitische revolutie van 1979 was in artikel 44 van de Iraanse grondwet bepaald dat alle grote industrieën, buitenlandse handel, minerale bronnen, banken, verzekeringsbedrijven, de radio en televisie en andere sectoren in handen van de staat moeten zijn. Op dit moment is 80 procent van de Iraanse economie in staatshanden.

De radicale conservatieven die momenteel de macht hebben in het parlement hebben de grondwetsverandering lang tegengehouden. Zij vrezen buitenlandse invloed op de Iraanse economie en maatschappij. De conservatieve krant Jomhuri-e Islami waarschuwde zondag dat sleutelen aan de grondwet en het overdragen van ,,gevoelige en vitale onderdelen van de staat aan de publieke sector negatieve consequenties kan hebben''. Het parlement heeft een wet aangenomen waarmee het een vetorecht krijgt over alle door de hervormingsgezinde regering gesloten contracten met buitenlandse bedrijven. De Raad ter Onderscheiding van het Beste heeft dit vetorecht ongemoeid gelaten.

Turkse bedrijven die actief zijn in Iran zijn al slachtoffer geworden van deze politieke strijd. Zo zou het Turkse bedrijf Tepke-Afken-Vie (TAV) het management van het nieuwe vliegveld op zich nemen. Maar op de beoogde openingsdag van het vliegveld bezette het leger de landingsbanen met tanks.

De revolutionaire garde, die het huidige vliegveld bestuurt en ook naar het nieuwe lonkt, beschuldigde TAV van relaties met Irans aartsvijand Israel. De minister van Transport, Ahmad Khorram, die het contract met de Turken tekende, is gisteren door het parlement gedwongen af te treden.