Ex-top Ahold wordt vervolgd om aantal feiten

De vier voormalige topfunctionarissen van Ahold die zijn gedagvaard voor hun rol in het boekhoudschandaal bij het Nederlandse supermarktconcern, worden vervolgd voor meerdere strafbare feiten. Dat blijkt uit de dagvaardingen die het openbaar ministerie (OM) naar verdachten en rechtbank heeft gestuurd en die in de loop van deze week openbaar worden.

De vier Ahold-bestuurders, oud bestuursvoorzitter Cees van der Hoeven, ex-financieel topman Michiel Meurs, oud-lid van de raad van bestuur Jan Andreae en voormalig commissaris Roland Fahlin, worden aangeklaagd wegens valsheid in geschrifte, oplichting en betrokkenheid bij het publiceren van een onware jaarrekening.

Van der Hoeven, Meurs en Andreae worden bovendien gedagvaard wegens publieksmisleiding ter gelegenheid van een emissie. Het gaat daarbij om de inhoud van de prospectus die uitkwam toen Ahold en het Scandinavische ICA Förbundet in 2000 een samenwerking aangingen. In die prospectus stond ten onrechte dat Ahold de baas was in deze joint venture.

Van der Hoeven heeft inmiddels bij de Amsterdamse rechtbank formeel bezwaar aangetekend tegen de dagvaarding. Hij vindt de aanklachten ,,ongegrond''. De raadsman van Andreae en Fahlin noemt de vervolgingsbeslissing ,,onevenwichtig en onredelijk'', maar heeft geen bezwaarschrift tegen de dagvaarding ingediend. De raadsman van Meurs geeft geen commentaar. Het proces tegen de vier begint volgende week woensdag en donderdag met zogenoemde regiezittingen.

Vorige week werd bekend dat het OM vier voormalige topmensen zou vervolgen, maar nog niet op basis waarvan. Justitie heeft inmiddels een schikking getroffen met Ahold zelf. De onderneming wordt, na betaling van acht miljoen euro, niet vervolgd. Bovendien heeft het bedrijf ,,zonder voorbehoud'' erkend dat het onjuist gebruik heeft gemaakt van zogenoemde `side letters'. Deze geheime contracten zijn de kern van het boekhoudschandaal en van de vervolging door het OM.

Ahold deed het in een viertal samenwerkingsverbanden in het buitenland, waaronder die in Scandinavië, voorkomen alsof het volledige zeggenschap had in deze joint ventures.

In werkelijkheid was er een geheim contract getekend dat dit weersprak. Deze `side letter' werd verborgen gehouden voor de accountant. Ahold stelde zo onterecht de omzet van de onderneming te hoog voor. Het bedrijf heeft toegegeven dat dit nooit had mogen gebeuren en heeft de jaarstukken inmiddels herzien.

Andreae en Fahlin worden vervolgd op basis van de side letters in Scandinavië. Andreae was binnen de raad van bestuur verantwoordelijk voor de Europese activiteiten en tekende namens Ahold twee tegengestelde side letters. Voor ICA tekende Fahlin, die de Zweedse nationaliteit heeft, deze contracten.

[vervolg AHOLD: pagina 13]

AHOLD

Justitie verwijt Ahold-top 'valse voorlichting'

[vervolg van pagina 1]

Nadat de samenwerking tussen Ahold en ICA een feit was geworden, trad Fahlin in 2001 toe tot Aholds raad van commissarissen en werd hij lid van de boekhoudcommissie van deze raad. Als commissaris keurde hij twee jaar cijfers goed die impliceerden dat Ahold volledige zeggenschap over ICA had, terwijl hij zelf een side letter had ondertekend die het tegenovergestelde impliceerde. De Scandinavische kwestie wordt ook Van der Hoeven en Meurs ten laste gelegd. Daarnaast wordt hun betrokkenheid verweten met de geheime contracten bij Aholds samenwerkingsverbanden in Brazilië (BompreçoPar), Argentinië (Velox) en Guatemala (La Fragua S.A.). Bovendien verwijst het OM in de dagvaardingen naar Aholds joint venture in Portugal (Jerónimo Martins Retail). Hoewel in deze samenwerking geen geheime side letters werden getekend, werd ook daar de omzet te hoog voorgesteld, overigens met goedkeuring van Aholds externe accountant Deloitte. In de andere samenwerkingsverbanden was Deloitte niet op de hoogte van de side letters. Justitie verwijt verdachten dan ook dat zij Deloitte verkeerd hebben ingelicht toen deze de jaarcijfers moest controleren. Ook de Amerikaanse beursautoriteit SEC is volgens Justitie vals voorgelicht. Tijdens de eerste zittingen volgende week is er nog geen inhoudelijke behandeling. Eerst wordt het verdere verloop van het vooronderzoek besproken. Het eigenlijke proces begint naar verwachting in de loop van volgend jaar. Wel zal Van der Hoevens bezwaar tegen de dagvaarding volgende week worden behandeld.