Gates als filantroop

Deze zomer heb ik iets bij mogen dragen aan één van de liefdadigheidsprogramma's van de Gates Foundation, de stichting waarin Bill Gates van Microsoft 26 miljard dollar heeft gestopt. Sinds kort heeft de Stichting een programma voor `Grote Uitdagingen' op het gebied van de infectieziekten in ontwikkelingslanden. Gates heeft een 14-tal bottlenecks geïdentificeerd, waarin pogingen om die infectieziekten te bestrijden blijven hangen. De Stichting heeft $250 miljoen beschikbaar gesteld voor onderzoeksprojecten die pogen die flessenhalzen te verwijden. Eén van die bottlenecks is het ontstaan van resistentie tegen geneesmiddelen. De `Grote Uitdaging' was om slimme ideeën te leveren om het ontstaan van resistentie te vertragen of zelfs te voorkomen.

De ijverige onderzoekers sprongen uiteraard in op deze uitdaging. Het geld lonkte en als het doel ook nog goed is kent de creativiteit geen grenzen. De Gates Stichting werd overstroomd door nieuwe plannen. Er waren bescheiden onderzoekers, die voor twee miljoen dollar wel een bottleneckje op konden rekken, maar er waren ook academische consortia gevormd die twintig miljoen wilden hebben voor hun briljante ideeën. Voor de resistentie-uitdaging was zo'n 30 miljoen beschikbaar en er was voor meer dan 600 miljoen aangevraagd. Er moest dus een keuze worden gemaakt en daarvoor had de Gates Stichting deskundigen bijeen gezocht die de projecten op hun merites moesten bekijken.

Fundamenteel onderzoek wordt vooral op kwaliteit beoordeeld, maar hier ging het om een wel omschreven doel. Doelgericht onderzoek moet wetenschappelijk kloppen, maar het moet ook naar het doel leiden. Naast basale onderzoekers, zoals ik, zaten er daarom mensen uit de praktijk in het beoordelingspanel. Onderzoekers die hun leven lang in Afrika of Bangladesh hadden gezeten en die precies wisten wat er komt kijken bij de bestrijding van infectieziekten in arme tropische landen. Nogal wat ingenieuze academische projecten werden door deze dokters afgeschoten. Dagelijks intraveneuze injecties, nee dat gaat echt niet in de rimboe. Er zaten ook mensen in het panel met verstand van geneesmiddelenontwikkeling. Die kraakten een groot aantal projecten af, omdat de weg van plan naar geneesmiddel te onrealistisch was. Zo bleven er van de 72 projecten maar een stuk of 5 over.

Zoals je van een Gates Stichting kan verwachten, was de hele beoordelingsprocedure gecomputeriseerd. De panelleden hadden alle projecten op een CD aangeleverd gekregen en zij moesten hun kritiek elektronisch insturen. In de vergaderzaal stonden 20 laptops klaar, met alle gegevens erop, zodat er papierloos vergaderd kon worden. Over elk project werd via de laptops gestemd, zodat de projecten moeiteloos in volgorde van kansrijkheid konden worden gezet. Het was wennen, zeker voor de rijpere panelleden, maar het liep gesmeerd.

Niet al mijn collega's zijn enthousiast over die Gates Foundation. Eerst trekt Bill Gates iedereen het vel over de oren door een onacceptabele monopoliepositie gewiekst uit te buiten en nu de buit binnen is wil hij ook nog de weldoener spelen. Als je zoveel miljarden hebt, wat maakt het dan uit of je er een paar weg geeft? Die zure collega's vinden Bill's liefdadigheid geen kunst. Ze zijn tegen excessief kapitalisme en willen niets met de Gates Foundation te maken hebben.

Ik vind dat een primitieve reactie. Er zijn zakenlieden die miljarden verdienen en die daar helemaal niets van weggeven. Die kopen steeds meer privéjets om zich van hun kasteel in Florida naar hun landhuis aan de Côtes d'Azur te laten vervoeren. Zij vinden hun rijkdom vanzelfsprekend, iets waar ze recht op hebben. Anderen hoeven daar niet van mee te profiteren.

Neem de Nederlandse rijken. De meeste kunnen niet tippen aan Bill Gates, maar er zijn toch Nederlandse zakenlieden die aardig wat geld hebben vergaard. Toen ik 21 jaar geleden directeur werd van het Nederlands Kanker Instituut - Antoni van Leeuwenhoek Ziekenhuis, had dat instituut financiële problemen. In mijn onnozelheid dacht ik dat een paar Nederlandse tycoons best wat miljoenen af konden schuiven, teneinde de ergste nood te lenigen en het instituut weer op de rails te helpen. Ik kreeg overal nul op het rekest. De ondernemers vonden dat zij al genoeg belasting betaalden en dat ik maar bij het rijk aan moest kloppen. Zelfs Freddie Heineken gaf niet thuis. Met de Heineken Prijzen droeg hij al voldoende aan de wetenschap bij en hij voelde zich niet geroepen om meer geld weg te geven. Jammer. Nu zitten zijn nazaten met een gigantisch vermogen, zonder dat zij daarvoor ooit een vinger hebben uitgestoken. Als het een beetje tegenzit, moeten zij zich met bewakingspersoneel omringen, net als Freddie, om aan ontvoering te ontkomen.

Er zijn uiteraard ook rijke Nederlanders die hun geld voor goede doelen inzetten. In de medische hoek heeft de familie Nefkens in Rotterdam bijgedragen aan het kankeronderzoek. De Sylvia Tóth Stichting heeft een geavanceerd diagnostisch centrum voor kinderziekten opgezet in het Universitair Medisch Centrum in Utrecht. In Nederland zijn dat toch uitzonderingen. De Amerikanen zijn misschien rijker, maar zeker scheutiger. In de komende jaren zal de Gates Stichting tenminste 1 miljard dollar per jaar uitgeven aan het Global Health Program. Het budget 2003 van de Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek van 438 miljoen euro voor alle wetenschapsgebieden steekt daar wat pover bij af.

Bill Gates is onder de indruk van de ongelijke kansen op een goede gezondheid in de wereld en hij gelooft in de kracht van de wetenschap om die ongelijkheid te verminderen. De stichting richt zich niet op leniging van acute nood, maar op het vinden van lange-termijnoplossingen. Bij hongersnood dus geen voedselhulp, maar wel onderzoek naar oorzaken van hongersnood, naar methoden om honger te voorkomen of naar verbetering van de logistiek om het eten te krijgen bij mensen die het nodig hebben.

Bij de besteding van geld kijkt de Gates Stichting naar drie criteria: hoe groot is de ziektelast? Hoe zwaar drukt die last op arme mensen? Hoeveel kans is er dat extra onderzoek ook grote verbeteringen oplevert? Vandaar dat de Gates Stichting vooral geld spendeert aan bestrijding van tropische infectieziekten en verbetering van anticonceptie en gezinsplanning. De Gates Stichting trekt zich niets aan van de archaïsche ideeën over gezinsplanning van de regering Bush. ``Wij houden ons aan de wet, maar niet aan de politieke mode van de dag,'' zei de directeur van het Global Health Program daar over. Naast onderzoek, krijgt ook onderwijs veel geld van de Gates Stichting, ruim een half miljard dollar in 2003. Dat geld gaat voornamelijk naar verbetering van scholen in Amerikaanse achterbuurten, maar ook naar verbetering van de toegankelijkheid van bibliotheken, naar training van werklozen, naar verbeterde behandeling van verslaafden, etc.

Rick Klausner, de directeur van het Global Health Program, was vroeger directeur van het Amerikaanse Kanker Instituut. ``Het grote verschil tussen vroeger en nu'', zei hij tegen mij, ``is dat ik vroeger poogde de ziektelast van welvarende mensen een klein beetje te verminderen, terwijl ik nu poog de ziektelast van arme mensen ingrijpend omlaag te brengen.'' Gates steekt bijvoorbeeld veel geld in pogingen om vaccins te ontwikkelen tegen tuberculose en malaria. In 2003 gaf de Gates Stichting 1,4 miljard dollar uit, maar in de toekomst zal dat ruim verdubbelen. Er is nu 25 miljard in kas, de helft van het Gates vermogen, maar Bill heeft toegezegd, volgens Klausner, dat de andere helft ook naar de Stichting gaat. Zijn kinderen moeten hun eigen broek maar ophouden. Gates zet zijn geld in waar het effect maximaal is, in achterstandsgebieden waar de meeste filantropen niet komen. Hij mijdt grote loze gebaren, maar is uit op nieuwe rationele oplossingen, gedragen door goed wetenschappelijk onderzoek. Ik blijf graag helpen om zijn miljarden zinnig te besteden.