Dam Dam

Guus Middag luistert naar Nederlandstalige liedjes. Vandaag naar `Dam Dam' van Jannes.

Een lichte opwinding maakte zich van mij meester toen ik, een tijdje geleden, ene Jannes in de Nederlandstalige hitlijsten zag verschijnen, met een lied dat `Dam Dam' heette. Dat riep onmiddellijk de tragische en komische figuur Jannes van der Wal (1956-1996) in herinnering: viervoudig Nederlands kampioen, eenmalig wereldkampioen dammen (in 1982), ook bekend om zijn onbevangen blik en slaperigheid.

Jannes met `Dam Dam': dat is net zoiets als een zich Rintje noemende zanger met `Schaats Schaats', een Barney met `Dart Dart' of een Anky met `Salinero Salinero'. Zou deze nieuwe Jannes het ultieme dam-nummer hebben gecomponeerd waarmee de tot nu toe altijd wat ondergeschoven denksport eindelijk zou gaan doordringen tot de populaire en flashy mainstreamfunsporten? Zoiets als wat Frits H. & de Mexicano's voor de hengelsport hadden gedaan met hun tophit `Vissen vissen vissen'?

De werkelijkheid bleek nog opwindender dan verwacht, zoals altijd. Jannes bleek Jannes Wolters te zijn, in 1973 geboren te Emmen, zoon van `muzikale ouders' en kleinzoon van een opa die met `indrukwekkend accordeonspel' de kleine Jannes al vroeg voor de muziek wist te winnen, zoals zijn website meldt. Sinds 1998 legt Jannes zich toe op zijn zangcarrière, sinds een jaar begint hij landelijk door te breken. Hij is nu opgenomen in de stal van Marianne Weber en Frans Bauer, en daarmee onder de hoede gekomen van het producersduo Emile Hartkamp en Norus Padidar.

`Dam Dam' blijkt bij beluistering een heerlijk dertien-in-een-dozijn-hoempanummer te zijn. Het gaat helemaal niet over het nobele spel met de zwarte en witte schijven op het honderd-ruitenbord, en dus ook niet over Spaanse openingen, schijvenruil en remise-aanbod, maar over een ongelukkig verlopen liefde. ,,Jij weet niet wat liefde is'', daar begint Jannes mee. En meteen daarna: ,,ik heb mij in jou vergist''. En voor de volledigheid: ,,alles draait alleen om jou''. Dus: ,,wat je zegt, vergeet ik nou''. Dat is vier maal achter elkaar een duidelijke boodschap. Voor de duidelijkheid laat hij aan het eind van iedere regel tweemaal een krachtig ,,Dam Dam'' volgen. Het klinkt als zestien maal een ultrakorte vloek.

De rest van het lied voegt daar niet veel aan toe. Jannes heeft besloten haar te verlaten, en is niet meer bereid tot welke discussie dan ook. ,,Alles wat je hebt dat mag je houen'' rijmt op ,,denk ook niet dat wij nu nog gaan trouwen''. En ,,ga maar lekker huilen bij je moeder'' op ,,zij mag zich met jou nu gaan bemoeien''. Uit de opgewekte meezingtoon valt af te leiden dat Jannes vooral opgelucht is.

De vrolijke meezinger was alweer voorbij toen tot me doordrong dat hij wel erg bekend geklonken had. Maar bekend van wat of wie? De bron stond nergens vermeld. Uit het geheugen diende zich toen langzaam een oude wijs aan. Drafi Deutscher, 1965: `Marmor, Stein und Eisen bricht'. De melodie van diens ,,Weine nicht, wenn der Regen fällt ... Dam Dam, Dam Dam'' is dezelfde als die van de refreinregels (,,Ik heb lang mijn best gedaan ... Dam Dam, Dam Dam'') van Jannes.

Maar de strekking bleek volledig tegenovergesteld. Drafi bezong de onvergankelijkheid van de liefde: marmer, steen en ijzer vertonen ooit scheuren, maar met onze liefde zal dat nooit gebeuren. Jannes weet wel beter. Hij heeft zijn kleren ingepakt, zo zingt hij, en staat nu vrolijk zingend met zijn koffer bij de deur, ,,want ik word gek van dat gezeur''. Dam Dam.

Een fragment van `Dam Dam' is te beluisteren via www.nrc.nl