André, Elvis of Paul?

Een kersverse academicus (25 jaar) begint aan zijn eerste baan en neemt deel in een bedrijfspensioenregeling. Een onafhankelijk financieel adviseur raadt hem aan twee lijfrenteverzekeringen af te sluiten. Een ter aanvulling op zijn ouderdomspensioen vanaf 65 jaar. De tweede om te koppelen aan een eventuele hypotheek voor een in de toekomst te kopen huis. Is dit verstandig, wil hij weten. Dat is onverstandig en de adviseur is een ordinaire polisverkoper en geen onafhankelijke adviseur.

Het principe van de lijfrentepolis is dit. Je trekt nu de betaalde premies af van je belastbare inkomen en je betaalt straks inkomstenbelasting over de periodieke uitkeringen, de lijfrenten. Zo werkt de omkeerregeling. De omzetting van het via de polis gespaarde kapitaal in een rente is verplicht. Zo'n polis past niet in de constructie eigen huis, lening en verzekering om de aflossing bijeen te sparen. Een kapitaalverzekering wel. Maar waarom nu al een verzekering wanneer je niet eens weet of je ooit een huis koopt en hoe je dat zal financieren?

Een lijfrentepolis voor je oude dag vanaf 65 jaar dan? In 2044? Hallo. Hoe ziet de (financiële) wereld er dan uit? En je mag de premies niet eens aftrekken wanneer je geen (fiscaal) pensioentekort hebt, omdat je immers van jongs af aan deelneemt in een regeling. Het ligt voor de hand en het is goedkoper om in dit geval geen levensverzekeringen te sluiten, maar zelf maandelijks wat opzij te leggen om te sparen en/of te beleggen voor je huis en/of een aanvulling van je ouderdomspensioen.

Ben je 25 jaar en heb je nog 30, 35, 40 jaar de tijd voor je oude dag, dan kan je overwegen om met een deel van je geld (bijvoorbeeld 50 of 100 euro per maand) wat anders te doen. Iets leuks. Bijvoorbeeld het aanleggen van een verzameling collectables (collector's items) mede met het doel die later te verkopen om zo je pensioen aan te vullen. Hét voorbeeld van een overbekende en fanatieke verzamelaar is de helaas te vroeg overleden Boudewijn Büch. Er zijn veel andere collectioneurs, maar die houden zich stil, althans tot het moment waarop ze hun schatten willen verzilveren.

Hoe leg je als leek een verzameling aan die geld oplevert, naast de vreugde die het verzamelen biedt? De vraag is deze. Willen mensen over dertig jaar geld betalen voor de curiosa die je nu verzamelt. Stel dat je nu alles over André Hazes bijeen sprokkelt (de tijd is rijp), levert dat in 2034 meer op dan je erin stopt? Dat is een moeilijke vraag, want publiek is grillig. Je hebt trends, net als in de kunst. Die komen niet vanzelf op gang, maar worden gestuurd door (professionele) verzamelaars. Neem het fenomeen Elvis Presley (1935-1977). Is bijna dertig jaar dood, maar nog springlevend op internet. Daar zit handel in. Maar ja, Elvis is wereldwijd bekend en André Hazes niet.

Wie verzamelt moet niet alleen zijn eigen smaak volgen, maar ook die van de massa, en bovendien in de (straks) populaire sectoren zitten. Wie zich in deze materie wil verdiepen, moet bijvoorbeeld kopen de Britse indrukwekkende Miller's Collectibles Price Guide 2003/2004 van 464 pagina's (ISBN 1-84000-695-1) – opruiming Bijenkorf 14,50 euro. Daarin staan zestig verschillende verzamelcategorieën, 6.000 afbeeldingen in kleuren, prijzen en tips. Zie Google, via het trefwoord Collectibles, voor meer informatie over verzamelen.

Zo vind je in Miller's de relatief jonge Sixties- en Seventies-voorwerpen. Een Time Magazine van 15 april 1966 (over Londen) voor 30 tot 35 euro. Een concertprogramma uit 1966 voor 50 tot 60 euro. Drie kaartjes voor concerten van de Jimi Hendrix Experience in 1968 en 1972 voor 115 tot 130 euro. Het is qua prijs niet spectaculair, maar het kan wel in 35 tot 40 jaar.

Stel dat je gemiddeld 50 tot 100 euro per maand wil uitgeven voor deze oudedagbelegging, wat dan? Ook in de opruiming van de Bijenkorf van 89 voor 29 euro het loodzware boek Highlights (285 pagina's) van wijlen de fotograaf Paul Huf. Die man kon er wat van. Koop er een paar, want dit is voor deze prijs een waardevaste investering. Maar een echte verzamelaar kleedt zo'n boek aan met andere publicaties van en over Huf, catalogi van tentoonstellingen, posters, lp-hoezen enzovoort. Bijkomend voordeel: de taal van het beeld is internationaal.