Keuze voor kind én carrière

,,Vrouwelijke ondernemers zijn belangrijk voor de economie. Het gaat nu al om een grote groep en waarschijnlijk worden het er meer. Op ondernemersgebied is Amerika onze voorloper en daar is al bijna de helft van de ondernemers vrouw.'' Aan het woord is Ingrid Verheul. Zij doet promotieonderzoek aan de Erasmus Universiteit Rotterdam naar de verschillen tussen vrouwelijke en mannelijke ondernemers. Moeiteloos somt ze de verschillen op: ,,Vrouwelijke ondernemers werken meestal in deeltijd, ze hebben vaak geen personeel en ze zijn meer gericht op continuïteit dan op groei.''

Ongeveer eenderde van de ondernemers in Nederland is vrouw. Zij vertegenwoordigen zo'n 200.000 bedrijven. Die groep is de laatste tien jaar hard gegroeid. Vrouwelijke ondernemers werken vaak in de dienstverlenende sector of in de detailhandel. Doorgaans zijn hun bedrijven klein. ,,Net als mannen willen vrouwen eigen baas zijn, maar bij vrouwen speelt ook mee dat ze het ondernemerschap beschouwen als een goede manier om hun werk te combineren met de zorg voor kinderen'', zegt Heleen Stigter van economisch onderzoeksinstituut EIM. ,,Veel onderneemsters werken tot 3 uur 's middags, halen hun kinderen uit school en gaan 'savonds weer aan het werk. Ze zitten niet in een spagaat, wat bij veel vrouwen in loondienst wel het geval is.''

Met een 60-urige werkweek en 220 personeelsleden neemt Jeanette Derksen als ondernemer een bijzondere positie in. Derksen is directeur van Koninklijke Wohrmann, de drukkerij die de woordenboeken van Van Dale drukt, en boeken van schrijvers als Geert Mak en Arnon Grunberg. Zij heeft geen kinderen, maar kan zich goed voorstellen dat vrouwen met kinderen de voorkeur geven aan een klein bedrijf. ,,Je kunt niet tegelijkertijd een groot bedrijf leiden en zelf voor je kinderen zorgen.''

Opvallend is dat vrouwelijke ondernemers veel belangstelling hebben voor netwerken. Uit onderzoek blijkt dat netwerken belangrijk is om te overleven. Vooral in de eerste jaren na de start vergroten ondernemers hun overlevingskansen als ze goed op de hoogte blijven van de ontwikkelingen binnen hun vakgebied en ervaringen uitwisselen met andere ondernemers. ,,Ik werd lid, omdat ik mijn kennis wilde verbreden'', zegt Liny Jacobs, die een slagerij drijft en voorzitter is van het NOV (Netwerk Ondernemende Vrouwen), dat deze maand zijn 10-jarig bestaan viert. ,,Ik wilde weten wat er in Europa gebeurde. Hoe ondernemers het daar doen en ook hoe de wetgeving in elkaar steekt.''

Ook het feit dat ondernemers binnen hun bedrijf geen collega's hebben op hetzelfde niveau, maakt een ondernemersnetwerk populair. ,,Je kunt nog eens aan een ander vragen: hoe doe jij dat nou met je bedrijf?'' zegt Jacobs. ,,Met mannelijke ondernemers erbij is dat anders. Die willen graag even kwijt hoe groot hun bedrijf is, en hun auto. Macho-achtig gedrag. Vrouwen hebben dat veel minder.''

Als vrouwen personeel hebben, hebben ze daar vaak een persoonlijke band mee. Zelfs Jeanette Derksen probeert het wel en wee van haar 220 personeelsleden te volgen. ,,Bruiloften, jubilea waar ik voor uitgenodigd word, daar ga ik heen'', zegt ze. ,,Mensen vinden het leuk als de directeur op kraamvisite komt. Dat doen mannelijke directeuren niet. Die laten hooguit de secretaresse een bloemetje sturen.''

In tegenstelling tot andere Europese landen kent Nederland geen speciale voorzieningen voor vrouwelijke ondernemers. ,,Integendeel, de overheid maakt het steeds moeilijker'', zegt Jacobs. Als voorbeeld noemt ze de arbeidsongeschiktheidsverzekering voor zelfstandigen, die in augustus is afgeschaft. ,,Daardoor is er geen zwangerschaps- en bevallingsverlof meer voor vrouwelijke ondernemers.''

Een ander probleem is de kinderopvang, vindt Derksen. ,,Crèches gaan om zes uur dicht. Als er iets tegenzit op je werk, kom je te laat op de crèche. In landen als België en Zweden is dat veel beter geregeld.'' De financiering van de kinderopvang is voor ondernemers een extra probleem. Met ingang van 2005 draaien ouders, werkgevers en overheid samen op voor de kosten van kinderdagverblijf en buitenschoolse opvang. Ondernemers hebben geen werkgever. Om die reden komen zij in aanmerking voor een extra bijdrage van de overheid. Deze bijdrage wordt slechts drie jaar uitgekeerd. Alleen voor ondernemers met een gezinsinkomen dat lager is dan anderhalf keer modaal is de extra tegemoetkoming structureel. De kosten van de inkomstenbelasting aftrekken, wat nu nog wel kan, is in 2005 niet meer mogelijk.

,,We kiezen zelf voor het ondernemerschap en we hoeven geen speciale voorzieningen, maar ik vind dat de overheid op het gebied van zwangerschap en kinderopvang financieel iets zou moeten regelen voor vrouwelijke ondernemers'', zegt NOV-voorzitter Jacobs. ,,Wij waren met het NOV dit jaar op de nieuwjaarsreceptie van de koningin. Ik heb toen tegen de grootmeester gezegd: het is bedroevend dat je als ondernemer de box van je kind in de zaak moet zetten. Maar het heeft niet geholpen.''