De Roovers tonen de irrationaliteit achter de hetze

Terwijl het plastic voordoek een ziekenhuisserie toont rennen erachter witte jassen heen en weer, in stroboscopisch licht dat de bewegingen versnelt. Professor Bernhardi door De Roovers begint spannend – en blijft dat tot het eind. Arthur Schnitzler, zelf een arts, schreef een onthullend stuk over de medische stand, met een gruwelijke intrige.

Plaats: een kliniek in Wenen rond 1910. Directeur is de geassimileerde jood professor Bernhardi. Op een dag verbiedt hij een priester om een meisje, dat niet weet dat ze stervende is, het sacrament toe te dienen. Dit nietige incident leidt tot een lastercampagne van de katholieken waarbij Bernhardi afgezet, vernederd en veroordeeld wordt. De zaak haalt zelfs de kabinetten van ministers en het parlement. Hoezeer Schnitzler de open zenuw van zijn tijd – het antisemitisme – raakte blijkt uit de officiële Oostenrijkse reactie: het stuk werd terstond verboden.

De vraag is hoe je Schnitzlers drama actualiseert. De Roovers gaan met hun bewerking niet al te ver. Ze laten Oostenrijk gewoon Oostenrijk en maken de taal niet hip. Maar ze bezetten het mannenstuk haast voor de helft met vrouwen en die werken even hard aan de hetze mee als de ranzige mannen. De hersenspinsels achter zo'n hetze, daar lijkt het De Roovers om te gaan. De irrationaliteit van haatprojecties en de rationalisaties daarvan, die zo fraai en overtuigend kunnen klinken.

Men debatteert in deze Professor Bernhardi op het scherp van de snede. Gloedvolle toespraken steken de voor- en tegenstanders van de professor af en mevrouw de minister wendt zich met haar gewiekste betogen zelfs rechtstreeks tot het voor even in een electoraat veranderde publiek. Opportunisme, carrièrisme en vriendjespolitiek gaan een alliantie aan met troebele vijandbeelden en de mix die daaruit ontstaat is hoogst explosief. Wat De Roovers goed uitkomt: de dolgedraaide ruzies geven het praatstuk een fysieke component – tot gooi- en smijtwerk toe.

Zo wordt meteen ook de wens van Arthur Schnitzler vervuld. Niet als een tragedie maar als een komedie duidde de auteur zijn drama aan en de toon die De Roovers gevonden hebben is prettig licht, met quasi-nonchalant spel op de maat van Weense walsen. Luc Nuyens, Sofie Sente, Carly Wijs en vier collega's spelen samen meer dan twintig rollen – die zich in de loop van de avond zowaar ontwikkelen.

Want waar professor Bernhardi (Robby Cleiren) zich steeds meer terugtrekt, daar proberen de anderen, ook zijn vrienden, hem steeds fanatieker tot instrument voor hun politiek te maken. Soms zou je willen dat Bernhardi zich meer weerde en net zulke felle redevoeringen hield als die anderen. Maar hij speelt het spelletje niet mee. Dat is zijn zwakte èn zijn kracht, zijn wijsheid.

Voorstelling: Professor Bernhardi, van Arthur Schnitzler, door De Roovers. Scenografie: Stef Stessel. Gezien: Toneelschuur, Haarlem. Tournee t/m 11/11.