Weer tegenvaller voor Havenbedrijf

Het Havenbedrijf Rotterdam heeft een nieuwe tegenvaller: RDM TDS is failliet. Alleen met claims kan het Havenbedrijf de pijnlijke nalatenschap van ex-directeur W. Scholten nog dragelijk maken.

Alles hebben ze er de laatste weken bij het Rotterdamse Havenbedrijf voor uit de kast gehaald. En dat was logisch: de redding van RDM Technology and Defense Systems (TDS) was een van de laatste mogelijkheden om onder de ellendige erfenis van ex-directeur Willem Scholten uit te komen.

Scholtens gulle hand, waarmee hij eind 2002 zakenman/goochelaar Joep van den Nieuwenhuyzen bankgaranties van 100 miljoen euro verleende, trekt dezer dagen een zware wissel op het imago van het Havenbedrijf. Niet alleen staat zijn positie op het spel (blijft het Havenbedrijf een zelfstandige NV?), ook de financiële geloofwaardigheid van het bedrijf is in het geding.

Het Havenbedrijf was er dus veel aan gelegen zo snel mogelijk – vermoedelijk morgen, als een eerste intern (accountants)onderzoek wordt gepresenteerd – met een opgeleukte versie van de slechte berichten van de laatste weken te komen.

Daarvoor was de redding van RDM TDS noodzakelijk. Deze onderneming, waarvan het Havenbedrijf eigenaar werd omdat Van den Nieuwenhuyzen het als zekerheid voor de verleende bankgaranties aanbood, maakte nog altijd een kans te worden betrokken bij de afbouw van het verkennings- en bewakingsvoertuig Fennek, voor de landmacht. De hoofdaannemer van die opdracht, het Duitse Krauss Maffei Wegmann (KWM), brak eerder dit jaar met RDM. Van den Nieuwenhuyzen kwam zijn toezeggingen niet na. Maar nu Van den Nieuwenhuyzen buitenspel stond, hoopte het Havenbedrijf KMW alsnog zover te krijgen een deel van de Fennek-bouw aan RDM TDS te gunnen. De opdracht van de landmacht behelst honderden miljoenen euro's en moet voor de helft in Nederland worden uitgevoerd. Zo zou het Havenbedrijf de verloren 100 miljoen alsnog kunnen terugverdienen.

Vandaar dat het Havenbedrijf de laatste weken zijn slimste juristen, beste lobbyïsten en sterkste straatvechters overuren liet maken om KWM alsnog te verleiden met RDM TDS in zee te gaan. Bij RDM TDS was intussen, op de puinhopen van tien jaar Joep, de macht gegrepen door Kier Vis (ex-Fokker, ex-Stork) en Jauk Wiedeman (ex-Defensie, ex-EZ). Zij vonden een externe financier die bereid was ruim 25 miljoen euro in RDM TDS te stoppen. Het Havenbedrijf toonde zich bereid een minderheidsdeel van de aandelen RDM TDS te behouden, en wilde daarnaast ook nog een extra zakje geld beschikbaar stellen. Het oogde lang niet slecht.

Maar uit de houding van een andere Nederlandse betrokkene – het ministerie van Defensie – werd duidelijk wat voor absurdistisch theater hier eigenlijk werd opgevoerd. Terwijl een haven een defensiebedrijf aan het redden was, bleek de landmacht, opdrachtgever annex financier van de Fennek, niet de minste belangstelling te hebben voor het defensiebedrijf. Officieel was het ministerie ,,neutraal''. In werkelijkheid had Defensie geen behoefte om RDM TDS in de lucht te houden. Het was een teken aan de wand. En afgelopen dinsdagmorgen, toen de vergadering in München werd geopend waarin KMW het besluit zou nemen of RDM TDS nog een kans zou krijgen, wisten Vis en Wiedeman genoeg: de Duitsers hadden geen trek meer in het RDM-avontuur.

Voor het Havenbedrijf betekent het dat voor de 100 miljoen nu nog een te renoveren recreatieschuit (SS Rotterdam) en een hotel in Duitsland beschikbaar is. Het is onbekend welke waarde de accountants van PricewaterhouseCoopers (PWC) eraan toekennen, maar veel kan het niet zijn. De afgelopen weken, waarin intensief werd overlegd met Van de Nieuwenhuyzen, heeft een delegatie van het Havenbedrijf ondanks alle ellende één keer een geintje met Joep uitgehaald. ,,Jij zegt dat die zekerheden honderd miljoen waard zijn?'', zei de delegatie. Joep beaamde. ,,Dan bieden we het je nu voor 75 miljoen aan.'' Waarop Van den Nieuwenhuyzen het uitproestte van het lachen.

Er zijn voor het Havenbedrijf nog wel manieren om het verhaal nog een béétje op te leuken. Het geld langs gerechtelijke weg terugvorderen, bij voorbeeld. Bij de banken die de bankgaranties mogelijk ten onrechte hebben geaccepteerd. Of – veel spannender nog – bij advocaten en notarissen die in dit spel een rol hebben gespeeld. Zo heeft PWC in de stukken dubieuze verklaringen van advocaten gevonden die zijn gebruikt om de competentie van Scholten als verschaffer van de bankgaranties vermoedelijk valselijk te onderbouwen. Hen aansprakelijk stellen, al is het maar voorlopig, klinkt beter dan toegeven wat bijna zeker het geval is: dat die 100 miljoen naar de maan zijn.