Schikking is dankbare munitie

De Nederlandse justitie heeft haar onderzoek naar Ahold afgesloten. Het juridische gevecht wordt scherper, de afstand tussen ex-bestuurders en bedrijf groter.

Langzaam maar zeker worden de contouren zichtbaar van de juridische strijd in Nederland rond het Ahold-boekhoudschandaal. Het openbaar ministerie (OM) maakte vanochtend bekend dat het een schikking heeft getroffen met het supermarktconcern en bevestigde tevens officieel dat ,,een aantal voormalige functionarissen van Ahold'' zal worden gedagvaard. Het bedrijf wordt dus verder ongemoeid gelaten; de vroegere bestuurders zullen zich voor de rechter moeten verantwoorden.

Dat was een te verwachten inzet van het OM. Per slot van rekening is de vennootschap niet meer dan een lege huls en zal een slepende rechtsgang de onderneming vooral beschadigen. Bovendien, zo stelt het OM, heeft Ahold ,,volledige medewerking'' verleend aan het onderzoek en is er ,,een groot aantal herstelmaatregelen getroffen'' waardoor ,,strafvervolging uit het oogpunt van preventie niet meer noodzakelijk'' is. Toch heeft de schikking, buiten de inning van 8 miljoen euro voor de staatskas, ook een belangrijk juridisch winstpunt voor het OM opgeleverd. Niet voor niets benadrukt justitie in het vanochtend uitgegeven persbericht dat Ahold ,,zonder voorbehoud'' erkent dat het bedrijf fout heeft gezeten in het boekhoudschandaal. Dat is dankbare munitie voor de komende rechtszaak tegen de voormalige Ahold-functionarissen.

Steeds duidelijker wordt ook dat dat proces in Nederland zich zal concentreren rond de zogenaamde side letters-affaire en niet op de fraude bij Aholds Amerikaanse dochter US Foodservice. Het Nederlandse OM laat die kwestie aan de collega's overzee, die de pijlen vooral gericht hebben op de plaatselijke Amerikaanse bestuurders. De voormalige Zaanse Ahold-top staat in deze zaak veel meer op afstand dan in de side letters-affaire, waarop de Nederlandse justitie haar onderzoek heeft gericht. Het gaat om een viertal geheime contracten waarmee Ahold in verschillende buitenlandse samenwerkingsverbanden deed alsof het de baas was. Daarbij werd één contract (een side letter), dat deze zeggenschap weersprak, verborgen gehouden voor de accountant. Ahold rekende de financiële voordelen van de samenwerking ondertussen alvast volledig aan zichzelf toe. Uit interne onderzoeken die het bedrijf heeft laten verrichten is de persoonlijke betrokkenheid van voormalig financieel bestuurder Meurs duidelijk geworden. Van ex-topman Van der Hoeven staat vast dat hij in ieder geval persoonlijk betrokken was bij een geheim contract in Brazilië en bovendien een soortgelijke affaire bij Aholds samenwerkingsverband in Scandinavië indringend verdedigde. Het is dus niet verbazingwekkend dat het OM in ieder geval Meurs en Van der Hoeven voor de rechter brengt. Interessant zal zijn of justitie ook een van de voormalige commissarissen, de Zweed Fahlin, als medeondertekenaar van de Scandinavische side letters zal dagvaarden. Onduidelijk is nog op welke gronden het OM de natuurlijke personen zal vervolgen. Dat moet blijken uit de dagvaardingen die volgende week bekend worden.

Het inhoudelijke proces tegen de Ahold-mannen gaat niet snel van start. Op 13 en 14 oktober volgen eerst zogenoemde regiezittingen, waarbij wordt geïnventariseerd welke stappen er nog in het vooronderzoek moeten worden gezet. Te verwachten valt dat de advocaten van de verdachten veel wensen hebben, vooral omdat zaaksofficier Hendrik-Jan Biemond ervoor gekozen heeft tot nu toe in stilte te werken. Anders dan in andere grote fraudezaken is er dit keer geen gerechtelijk vooronderzoek geopend, waarbij de verdediging onder leiding van een rechter-commissaris inzicht krijgt in de inhoud van het justitiële dossier. Voordat de inhoudelijke behandeling begint, zullen de advocaten dus veel informatie en getuigenverhoren eisen. Het eigenlijke proces begint waarschijnlijk pas in de loop van lente 2005.

Ahold zelf kan ondertussen niet echt een streep zetten onder het boekhoudschandaal, hoe graag het dat ook zou willen. Er komen nog claims van beleggers, straf van de Amerikaanse beursautoriteit SEC en wellicht een onderzoek van de ondernemingskamer. In ieder geval is de loop der dingen in het Nederlandse strafrechtelijke circuit vandaag iets duidelijker geworden. Ahold-bestuurslid Peter Wakkie liet vanochtend weten dat er, nu de schikking is getroffen, ,,weer een onderzoek naar het verleden'' kan worden afgesloten. Toch zal het bedrijf ook in de Nederlandse rechtszaak nog veel met de kwestie te maken krijgen. Niet alleen zullen Ahold-mensen moeten getuigen, de verdachten zullen ook regelmatig verwijzen naar de onderneming. En hoewel justitie de vennootschap niet als verdachte ziet, betekent dat niet dat de onderneming buiten beeld is geraakt. Alleen al uit strategisch opzicht zal het OM de verdachten met graagte voorhouden dat Ahold volledig afstand heeft genomen van de handelwijze van zijn ex-bestuurders. Fijntjes staat er in het persbericht van vanmorgen dat Ahold heeft erkend dat het gebruik van de side letters onjuist was, dat het besluit om de buitenlandse joint ventures in de boeken mee te tellen ,,niet had mogen worden genomen'' en dat de jaarstukken inmiddels herzien zijn. Zo wordt de afstand tussen de voormalige topmensen en Ahold steeds groter en het juridische gevecht steeds scherper.

    • Joost Oranje