Oudste leven is tóch 3,4 miljard jaar oud

Er zijn ineens weer overtuigende aanwijzingen voor de theorie dat al ruim 3,4 miljard jaar geleden bacteriën op aarde leefden. Geologen van Stanford University berichten vandaag in Nature dat ze bacterie-achtige structuren hebben gevonden in Zuid-Afrikaans gesteente. Ook andere geleerden zien in de vondst een sterke aanwijzing voor een zeer vroege aanwezigheid van fotosynthetische bacteriën in ondiep zeewater.

Twee jaar geleden leek een eerdere theorie uit 1987 over het zó vroeg voorkomen van bacteriën (blauwalgen) op de aarde (zelf circa 4,5 miljard jaar oud), definitief te zijn verworpen. Deze oude theorie van J. William Schopf werd op 7 maart 2002 in Nature van zijn voetstuk gestoten door Martin Brasier. Brasier analyseerde Schopfs monsters opnieuw en inspecteerde ook de oorsponkelijke vindplaats in West-Australië. Hij concludeerde dat de bacterie-achtige ketens niets te maken hadden met levensprocessen. De vindplaats had volgens Brasier onder invloed gestaan van diepe onderzeese gasbronnen (`hydrothermische ontgassing'). Daarmee stond de teller voor het oudste leven ineens op 2,4 miljard jaar oud.

De Zuid-Afrikaanse bacteriesnoeren vertonen iets minder detail dan die van Schopf. Maar de koolstof heeft gelijke eigenschappen en er zijn geen sporen van hydrothermische invloeden. De onderzoekers menen dat de bacteriën, vervlochten tot een soort mat, groeiden in ondiep kustwater.