Heeft grachtengordel grachten zat?

Het uitgraven van een gedempte gracht in de Jordaan is goed voor de binnenstad, vindt het binnenstadsbestuur. Nee, zeggen tegenstanders van ,,dat idiote plan''.

Ze zitten naast elkaar, links achterin de zaal van de Rode Hoed in Amsterdam. Het plan om gedempte grachten in de Jordaan weer uit te graven, dat vanavond centraal staat, vinden ze beiden verwerpelijk. Om de beurt laten ze luid hun afkeer blijken. Hun hoofden lopen rood aan. Dan houdt een van de vrouwen het niet meer. ,,Verdomme, wat is dit voor geouwehoer.''

Het is het kroonjuweel van wethouder Guido Frankfurther (D66) van het stadsdeel Amsterdam-Centrum: het uitgraven van een gedempte gracht in de Jordaan. Het brengt historie terug en herstelt een deel van de waterstructuur. Onder de uit te graven gracht komt een parkeergarage. De opbrengsten hiervan moeten de kosten, ruim 65 miljoen euro, dekken. De keus is tussen de Westerstraat en de Elandsgracht.

Dat op deze inspraakavond vooral tegenstanders komen opdagen, deert Frankfurther niet, dat zie je altijd bij inspreekavonden. Vol goede moed opent hij de avond en prijst de grote opkomst. ,,Dat betekent dat u iets vindt. Dat u een mening heeft. Dat is goed voor de democratie.'' Maar zijn welkomstwoord verdwijnt in het hoongelach. Tegelijk gaan de protestborden de lucht in. `Stop Guido de grachtengraver' en `Guido, ga ergens anders zwemmen'.

De rationele argumenten van beide partijen zijn over en weer volledig bekend. Bewoners en winkeliers vrezen jaren naast een bouwput te zitten: ,,Onze nering gaat eraan.'' Marktkooplieden – de Westerstraat heeft een markt – moeten hun kraam verplaatsen en vrezen dat de klandizie niet terugkomt. De gracht wordt slechts acht meter breed en daarmee niet meer dan ,,betonnen gleuf met water'' – dat is ongeveer de breedte van het water aan de Oudezijds Achterburgwal. Voor alle bezwaren en problemen is volgens de voorstanders wel een oplossing. Het gaat erom dat de structuur van de binnenstad hersteld wordt, wat de identiteit versterkt.

Maar om rationele argumenten gaat het vanavond niet. Emoties, daarmee is de zaal gevuld. De verdeling is duidelijk. Rechts vooraan zit een handjevol voorstanders van het plan, leden van de Vereniging Vrienden van de Binnenstad of van de werkgroep Open de Grachten. De rest van de zaal is gevuld met tegenstanders, een paar honderd buurtbewoners en marktkooplieden. De verschillen blijken duidelijk als sprekers uit beide kampen het woord voeren. De voorstanders van de nieuwe grachten spreken beschaafd over ,,een toeristisch product'' en een ,,unique selling point'' en roepen bescheiden ,,bravo'' als de glorie van de nieuwe gracht te berde wordt gebracht. De tegenstanders hebben het over ,,dat idiote plan'' en die ,,domme, dwaze Guido''.

Maar Frankfurther heeft er aan het begin van de avond alle vertrouwen in. ,,Het is met name een kwestie van politieke moed.'' Veel steden hebben gediscussieerd over het herstellen van gedempte grachten, en maar weinig hebben het uitgevoerd, benadrukt hij. En dit dagelijks bestuur zal, als het aan hem ligt, die moed betonen. Want het is echt ,,een prachtproject''. Wat de status van de inspraakavond is? ,,Die is erg belangrijk.'' En of de avond meeweegt in de besluitvorming? ,,Het is erg belangrijk.''

Eigenlijk is er sprake van een heuse klassenstrijd, enkele overlopers daargelaten. Zo bestempelen de tegenstanders de voorstanders als ,,grachtengordelelite'' en ,,monumentendieren''. Andersom spreekt men met licht dédain over ,,neringdoenden''. De werkgroep Open de Grachten heeft een hele rits coryfeeën weten aan te trekken voor het aanbevelingscomité, onder wie Willeke Alberti, Jos Brink en Geert Mak, die zich tegenover rasechte Amsterdamse kooplieden zien geplaatst.

Vanavond is van de bekende aanbevelers alleen Jos Brink aanwezig. Op rustige toon wil hij de voordelen opsommen. Maar ver komt hij niet. ,,Vroeger waren het open riolen. Maar dat argument telt nu niet meer...'' ,,Oh nee?'', brult een man achter uit de zaal. ,,Heb je er verstand van? Wedden dat?'' Ongestoord het woord voeren is er daarna niet meer bij. ,,Ik ben een dromer. Dat geef ik eerlijk toe'', vertelt Brink de zaal. Luid gejoel is zijn deel. Na nog een aantal zinnen begint de zaal af te tellen. ,,Drie, twee, een. Stop maar.'' Tot besluit wenst Brink de voor- én tegenstanders veel wijsheid toe. Het antwoord van de zaal? ,,Ja joh, blijf lekker dromen, Jos.''

Eind oktober zal er nog een inspraakavond komen en dan moet er in 2005 een beslissing worden genomen. Wie er ook wint, beide kampen doen een beroep op het gezonde verstand. Dat de stad er toch echt van opknapt, en, volgens Daan Diederiks van het Comité tegen nattigheid in de Westerstraat, dat de stad uiteindelijk beschermd wordt tegen ,,gelovige vandalen die als wildemannen willen gaan graven''.

    • Tom Kreling