`Pijn van ramp met Estonia blijft'

In Estland, Zweden en Finland is gisteren plechtig de ramp met de veerboot Estonia herdacht. Bij die ramp, tien jaar geleden in de nacht van 28 september 1994, kwamen 852 mensen om het leven.

In Tallinn legden de Estse president Arnold Rüütel en premier Juhan Parts kransen bij het monument voor de slachtoffers. In toespraken zeiden ze dat de pijn en de rouw na tien jaar nog geenszins zijn afgenomen. De ramp met de Estonia, zei Rüütel, ,,heeft een geweldige leegte geslagen in elk huis en in elke ziel [in Estland]. Deze leegte kan zelfs door de mooiste en meest troostende woorden niet worden opgevuld''. Onder de slachtoffers van de ramp waren mensen uit zeventien landen, maar de ruim vijfhonderd Zweedse en de bijna driehonderd Estste slachtoffers vormden een grote meerderheid. Honderden Esten, Finnen en Zweden waren gisteren naar het zwartmarmeren monument voor de slachtoffers gekomen.

In Stockholm legde koning Carl XVI Gustav een krans bij de granieten muur waarop de namen van alle slachtoffers staan. De voorzitter van het Zweedse parlement, Björn von Sydow, noemde de ramp met de Estonia ,,een nationaal trauma''. ,,Het was een slag voor onze gezamenlijke veiligheid en onze hele gemeenschap. We herinneren ons de schok, het verdriet, de wanhoop. We leven allemaal met de angst dat het opnieuw kan gebeuren.''

In Finland werd de ramp herdacht in Nauvo, waar de overlevenden van de Estonia aan land werden gebracht.

De Estonia zonk op zijn reis van Tallinn naar Stockholm in de nacht van 27 op op 28 september 1994, kort na middernacht, in zwaar weer, op rond honderd kilometer van de Finse kust, nadat acht meter hoge golven de boeg hadden weggeslagen en het autodek vol water was gelopen. Binnen drie kwartier was de Estonia ondergegaan. Slechts 138 opvarenden werden gered, van wie er later nog een overleed. Het wrak is later gevonden, maar niet geborgen: het wordt gezien als de definitieve rustplaats voor de 757 lichamen die nooit zijn geborgen.

In een 230 pagina's tellend officieel rapport concludeerde later een Ests-Zweeds-Finse commissie dat menselijke fouten, de ondeugdelijke afsluiting van de boegdeuren en de intensiteit van de storm gezamenlijk tot de ramp hebben geleid. In Estland en Rusland echter bestaat nog altijd twijfel. Velen menen dat de ondergang van de Estonia het gevolg was van een aanslag, mogelijk als onderdeel van pogingen van rivaliserende maffiabenden om het scheepsverkeer tussen Estland en Zweden en de drugssmokkel op die route onder controle te krijgen.