Kleine boete voor Heineken in Frankrijk

De bierbrouwers Heineken en Kronenbourg hebben boetes gekregen van 2,5 miljoen euro omdat ze in 1996 een `wapenstilstand' hadden gesloten op de markt voor horecagroothandels in Frankrijk. Dat heeft de Europese Commissie vanmiddag bekendgemaakt. Kronenbourg was destijds eigendom van Danone.

Heineken, dat in Frankrijk onder meer de merken 33 en Desperados heeft, had met Kronenbourg afspraken gemaakt om elkaar niet meer te bestrijden bij het overnemen van groothandels die leveren aan hotels, café's en restaurants. Die wapenstilstand volgde op een kostbare overnamestrijd tussen de twee brouwers.

De Commissie citeert in het persbericht uit een interne nota van de bestuursvoorzitter van Heineken van 22 maart 1996: ,,Gisteren hebben we een overeenkomst gesloten met Danone om een einde te maken aan de stompzinnige en kostbare overnameoorlog. We hebben nu als doelstelling dat onze twee groepen in evenwicht moeten zijn en er niemand mag domineren op de horecamarkt.'' In 1996 was Karel Vuursteen bestuursvoorzitter van Heineken.

Heineken kreeg een boete van 1 miljoen euro en Kronenbourg kreeg een boete van 1,5 miljoen euro. De laatste boete was hoger omdat Kronenbourg in 1984 al eens terecht was gewezen wegens afspraken over het handhaven van de status quo op de Franse biermarkt.

De Commissie heeft de bevoegdheid bedrijven een boete op te leggen tot 10 procent van de betreffende omzet. In dit geval is de boete relatief laag omdat de afspraak tussen Heineken en Kronenbourg over de verdeling van de markt in praktijk nooit is uitgevoerd.

De Europese Commissie stopte eind 2002 een eerder onderzoek naar vermeende kartelafspraken tussen de bierbrouwers Heineken en het Deense Carlsberg. De Commissie zei toen geen bewijs te hebben gevonden dat de twee brouwers afspraken hebben gemaakt over het verdelen van hun markten in enkele Europese landen.

De Commissie begon het onderzoek naar de biermarkten in een aantal lidstaten nadat zij in 2000 documenten aantrof die wezen op verboden afspraken. Het onderzoek richtte zich op de jaren 1993 tot 1996.

Aanvankelijk sprak de verantwoordelijke Europees commissaris Mario Monti (Mededinging) van ,,een van de meest schaamteloze kartelpraktijken'' van de laatste jaren. Maar alleen de twee grote Belgische bierbrouwers Interbrew, bekend van Oranjeboom, Hoegaarden en Stella Artois, en Alken Maes kregen boetes (van 46 en 44,5 miljoen euro) voor het verdelen van de Belgische markt.