Klein college faillissementsrecht

Een bedrijf betaalt rekeningen niet, heeft een verlaten hoofdkantoor en een eigenaar die in het buitenland zit. Is dat genoeg voor een faillissement?

Rechter J.W. Heyman is ,,zo vrij geweest om in het faillissementsdossier te kijken''. Dat dossier is van Poxy Vloeren, een bedrijf dat grindtapijten legt in woningen en kantoren.

Drie crediteuren van het bedrijf hebben een advertentie gezet in het Rotterdams Dagblad waarin ze laten weten het faillissement van Poxy te hebben aangevraagd. Want Poxy heeft rekeningen niet betaald, en is onvindbaar. Poxy is het met die publicatie niet eens, en eist nu voor de rechtbank in Rotterdam in kort geding rectificatie.

De drie crediteuren, de bedrijven Gijsman Epoxy Produkten, Eurogrit, en IJzer- & Kunststoffenhandel Krommenhoek, hadden hun redenen voor de advertentie. Rechter Heyman vat die samen: ,,De PTT is er niet in geslaagd brieven af te leveren, het bedrijf is niet te vinden op het officiële adres. De bestuurder wordt opgeroepen, meneer blijkt vertrokken naar Paramaribo. Dan gaan er natuurlijk bellen rinkelen.''

Het gevolg van de advertentie was dat de relaties van Poxy het ergste vreesden, waardoor bij het bedrijf een crisissituatie ontstond. De medewerkers wisten van niets, en de eigenaar was in Suriname. Voor een bouwproject, zo blijkt tijdens de zitting, niet om er te blijven – de man zit tijdens de zitting naast zijn advocaat. Volgens Poxy wisten de drie plaatsers van de advertentie wél waar het vloerenbedrijf te vinden was, het heeft in meerdere steden vestigingen. Bovendien doen twee van de bedrijven nog steeds zaken met Poxy.

Heyman schetst de partijen zijn dilemma: ,,Ik kan niet in kort geding het werk van de faillissementsrechter doen''. Toch bekijkt hij de drie vorderingen die tot de faillissementsaanvraag hebben geleid. Poxy heeft twee daarvan al voor het indienen van de aanvraag voldaan. Bij de derde is de rekening volgens Poxy met opzet niet betaald, omdat de crediteur, Gijsman Epoxy, ondeugdelijke materialen zou hebben geleverd.

De rechter vraagt zich af of ,,in deze zaak de faillissementsaanvraag niet te gemakkelijk is ingediend'', omdat het om drie relatief kleine bedragen gaat. Hij werpt een blik op de advocaat van de crediteuren. ,,Waarom heeft u faillissement aangevraagd? Er zijn ook andere mogelijkheden om schulden te innen, heel Nederland heeft schuldeisers. Ik vind het wel met een kanon op een mug schieten.''

Dat het bedrijf niet meer in Venlo te vinden was om aangeschreven te worden, kwalificeert Heyman als onhandig. ,,De inschrijving bij de Kamer van Koophandel, daar is inderdaad iets mee. Meneer had zijn hele adressenbestand beter op orde moeten hebben. Maar goed, dat is nakaarten. Je kunt niet zomaar faillissement aanvragen. Iedereen heeft ook de plicht met een faillissementsaanvraag zorgvuldig om te gaan.''

De rechter kijkt nog eens naar het dossier. ,,Ik zie nergens dat het bedrijf heeft opgehouden te betalen. Als je hebt opgehouden te betalen, dus als je openstaande schulden niet hebt betaald, dan ga je failliet'', doceert hij met verduidelijkende handgebaren. ,,Maar bij ieder bedrijf komt wel iets boven als je een beetje gaat spitten. Als een bedrijf alle vorderingen in één keer zou moeten betalen, zou het uiteraard meteen misgaan.''

Heyman werpt een strenge blik op beide partijen. ,,Hier moet zo snel mogelijk een punt achter worden gezet. Je hebt de schijn tegen als je niet meteen betaalt, dus meneer moet gewoon die vordering van Gijsman betalen. En dan moet het faillissementsrekest worden ingetrokken. Als u kunt aantonen dat er ondeugdelijk is geleverd, dient u gewoon een tegenvordering in. Het zou toch te gek zijn dat deze aanvraag doorgaat terwijl u een goedlopend bedrijf hebt.''

De partijen worden het eens dat Poxy zo snel mogelijk het factuurbedrag van 10.809,17 euro aan Gijsman zal betalen, na enig aandringen van Heyman: ,,anders zitten we op 5 oktober weer bij de faillissementsrechter''. De rechter rondt de rekening voor het gemak af op 10.810 euro. Na de betaling kan Poxy volgens hem gewoon ,,zijn relaties een briefje schrijven dat alles berustte op een misverstand''.

In Het Geding komen juridische geschillen in het bedrijfsleven aan bod. Reacties zijn welkom op: hetgeding@nrc.nl