Welluidende liedjes

Harry de Groot, de muzikale alleskunner die vooral faam verwierf als producer en lijfcomponist van Johnny Jordaan, is gisteren op 83-jarige leeftijd overleden. Hij leidde allerlei amusementsorkesten voor de radio en schreef ook een groot aantal nummers voor radio- en tv-programma's, waaronder het titellied van de serie Swiebertje en het nog vaak op bruiloften en partijen gezongen Dat is uit het leven gegrepen uit het programma Farce Majeure.

Na zijn pianolessen debuteerde De Groot al in de jaren dertig als begeleider van zijn vader, die in Amsterdam en omstreken optrad als liedjeszanger en humorist. Na de oorlog werkte hij in diverse orkestjes, onder meer voor de radio en voor diverse platenmaatschappijen. Ook was hij leider van de High Five, een van de eerste backing groups van Nederland, die niet alleen een wekelijkse radio-uitzending verzorgde, maar ook achtergrondkoortjes zong op een groot aantal platen.

Zijn succesvolle samenwerking met Johnny Jordaan begon, toen hem in 1955 werd gevraagd de pas ontdekte zanger onder zijn hoede te nemen. De Groot bepaalde de door drie accordeons gedomineerde klank van de platen, zocht repertoire bijeen en schreef zelf de muziek voor hits als Geef mij maar Amsterdam, De zon schijnt voor iedereen en later `n Pikketanussie. ,,Ik wist hoe hij in elkaar zat en wat hem bezielde, wat hij dacht en voelde, plus wat hij het liefst en het best zong,'' zei hij in de Johnny Jordaan-biografie van Bert Hiddema.

In de jaren zestig maakte Harry de Groot de welluidende liedjes voor zeven veelbekeken tv-musicals van tekstdichter en regisseur Willy van Hemert, waarna hij ook de muziek schreef voor diens dramaseries Bartje en De kleine waarheid. Voorts fungeerde hij vaak als arrangeur en muzikaal leider bij songfestivals in verschillende Europese landen. In 1969 werd de correcte, vriendelijk ogende De Groot de Gouden Harp toegekend, wegens zijn grote verdiensten voor de Nederlandse amusementsmuziek.

    • Henk van Gelder